Gemeenten investeren 1,2 miljard in theaters, maar korten op subsidies

Er worden sinds 2008 veel theaters heropend of verbouwd, en dat terwijl bezoekersaantallen terugliepen, de sponsoring terugloopt en zalen moeizamer worden verhuurd. Dat blijkt uit onderzoek van NRC Handelsblad.

De buitenkant van het nieuwe TivoliVredenburg in Utrecht.
De buitenkant van het nieuwe TivoliVredenburg in Utrecht. Foto ANP/ Remko de Waal

Terwijl theaters kampen met de gevolgen van bezuinigingen op de cultuursubsidies en de economische crisis, zijn sinds 2008 nog veel theaters heropend na ingrijpende verbouwingen of nieuwbouw. Dat is opmerkelijk, omdat bezoekersaantallen met een kwart zijn gedaald, sponsoring terugloopt en zalen moeizamer worden verhuurd. Theaters boeken minder voorstellingen en gaan avonden dicht, waardoor de nieuwe zalen minder worden gebruikt.

Sinds de crisis in 2008 uitbrak, zijn er 49 nieuwe en stevig gerenoveerde theaters geopend waarin voor bijna 700 miljoen euro is geïnvesteerd. Sinds 1990 hebben overheden zeker 1,2 miljard euro gestoken in 92 nieuwe of vernieuwde gebouwen. Dat blijkt uit onderzoek van NRC Handelsblad onder theaterdirecteuren.

Onder de nieuwe theaters zijn zowel grote projecten als TivoliVredenburg in Utrecht (kosten 150 miljoen euro) als kleinere als Theater Sneek (16 miljoen) of de Verkadefabriek in Den Bosch (12,5 miljoen). In 9 plaatsen worden er nog nieuwe theaters gebouwd of grote renovaties uitgevoerd.

Op subsidie gekort

Intussen is bij driekwart van de theaters in de afgelopen vijf jaar gekort op de gemeentelijke subsidie. Het bezuinigde bedrag is zo’n 10 procent van de 210 miljoen euro die de theaters jaarlijks van de gemeenten krijgen.

Door de verbouwingen zijn de huisvestingslasten van de theaters gestegen. Die stijging wordt soms ten dele, maar vaak niet gecompenseerd door de gemeenten. Een groot deel van de subsidie vloeit bovendien als huur en onderhouds- en energiekosten weer terug naar de gemeenten. Zo blijft er van het exploitatiebudget steeds minder over.

Acht op de tien theaters hebben bezuinigd, vooral door personeel te ontslaan en minder uit te geven aan voorstellingen. Met producenten en gezelschappen wordt harder onderhandeld, zo zeggen de 70 theaters die hebben meegewerkt. Van deze theaters verwachten 23 nieuwe bezuinigingen na de collegevorming in de gemeenten; anderen weten het nog niet.

Aan verwachtingen voldoen

Voor de nieuwe theaters is het moeilijk aan de verwachtingen te voldoen. Assen stak 80 miljoen euro in een nieuw cultureel complex waarvan theater De Nieuwe Kolk een belangrijk deel uitmaakt. Dat theater kampte na zijn opening in 2012 al binnen een jaar met een exploitatietekort van 2,5 ton. Verwacht waren 85.000 bezoekers, het werden er maar 50.000.

Ook op nieuwe theaters wordt bezuinigd. In Doetinchem opende in 2010 het nieuwe Amphion, kosten 30 miljoen euro. Op de subsidie is 20 procent gekort. “Maar de gemeente Doetinchem en de regiogemeenten hebben wel een mooi nieuw theater neergezet en wie weet komt er op termijn meer lucht en ruimte”, zegt directeur Charles Droste van de schouwburg die in 2012 Theater van het Jaar was. “We trekken nu alle registers open.”

Er heerst dan ook geen neerslachtigheid bij de theaters. Zij denken dat het ergste van de crisis voorbij is en zien dit jaar de bezoekersaantallen weer voorzichtig toenemen. Veel theaters tonen creativiteit bij het zoeken naar oplossingen. Ze organiseren voorstellingen of festivals buiten hun eigen muren, (co)produceren zelf voorstellingen, betrekken doelgroepen als ouderen en allochtonen bij de programmering en organiseren debatten en andere activiteiten.

Theaters proberen ontmoetingsplekken te worden waar mensen de hele dag in en uit lopen. Daar zijn ook veel verbouwingen op gericht door entrees te vergroten en horecavoorzieningen uit te breiden.

Lees vanmiddag meer in NRC Handelsblad.

    • Claudia Kammer en Daan van Lent