Opinie

Het hele nationale elftal was gevlucht

René Feller (70) is een soort Louis van Gaal, alleen minder beroemd. Onterecht. Feller was op hoog niveau actief als voetballer, schaatser en biljarter. Hij was voetbalcoach in Nederland, Koeweit, Rwanda, Ethiopië. En hij is de enige Nederlander die ooit bondscoach was van Eritrea.

Dit weekend dook het Eritrese nationale voetbalelftal op in Gorinchem, nadat het twee jaar eerder spoorloos was verdwenen. Al drie keer eerder vluchtte een elftal van Eritrea – waaronder een team van Feller. Hij zou tegenwoordig in Zwaag wonen, waar hij actief lid is van biljartvereniging NHD.

Als ik bel krijg ik zijn vrouw Yvonne (68) aan de lijn. Haar man is niet thuis, zegt ze; hij is voor twee maanden interim-coach van Saint George S.C. in Addis Abbeba. „Het kriebelde weer.”

Bellen wordt lastig, zegt ze. De eerste dagen skypten ze, maar het internet valt steeds uit.

Ze heeft wel het nummer van zijn chauffeur, alleen dat werkt ook niet altijd. Maar ik ben welkom in Zwaag.

Even later, aan de eettafel. Ze zijn al veertig jaar samen, vertelt Yvonne. Ze hadden een winkel in glas en porselein. René wilde graag de trainerscursus doen, maar de KNVB weigerde, omdat hij al die winkel had. „Dat zit hem nog steeds dwars.” Maar hij nam zoete wraak. Hij werd coach in het buitenland. Eerst in Koeweit, later in verschillende Afrikaanse landen. In 2007 bereikte hij met Eritrea de kwartfinales van de CECAFA Cup. Yvonne geeft z’n cv. „I teach the methods of modern Dutch football”, staat er. Hij doet het niet voor het geld, zegt ze, hij houdt van het spelletje. Vroeger ging ze altijd mee, maar nu vindt ze het wel mooi; Ethiopië zal zijn laatste kunstje zijn.

In Eritrea moest hij alles zelf meenemen. Pylonen, ballen, shirts. Ze laat een foto zien van het elftal. Ze dragen rood-witte shirts met als sponsor ‘Actus Notarissen’. Oude AZ-shirts. „Gekregen van Louis van Gaal.” Dan een foto van Eritrese spelers die slapen op een hotelgang in Soedan. „Ze mochten het hotel niet uit.”

Koeweit vond ze heerlijk, Eritrea beviel niet. De elektriciteit viel uit, of de koffie was op. Maar vooral: de ellende in het land. Bij trainingen kwamen de generaals aanrijden in hun fourwheeldrives. „Stonden ze in vol ornaat langs de lijn. Maar de rest had geen eten. Ik kon dat niet rijmen.” Zelden zag ze spelers harder trainen. „Als ze bij het team zaten, kregen ze eten, en een zakcentje. Maar de hoofdzaak was: eten.” René was het op een gegeven moment zat. Zijn opvolger kwam later in z’n eentje terug van een interland. Het elftal bleek gevlucht.

Tijdens een vakantie in Israël, kwamen ze een van zijn spelers tegen. „Hé, Mr. René!” riep hij. Hij had dagen door de bergen gelopen. „Je hoort wel eens: ‘daar heb je weer zo’n zooitje’, maar die mensen vluchten niet voor niets.”

Ze toetst het nummer van de chauffeur in. Nog eens proberen.

Hello?” zegt ze. „Yes, Mrs. Feller... He’s not there?

Haar man staat langs de lijn. „Het was een belangrijke wedstrijd, had hij gezegd.”