Doel accountant: kwaliteit

Bestuursvoorzitter Jurgen van Breukelen van accountants- en adviesfirma KPMG was zelf een sta-in-de-weg geworden voor de noodzakelijke hervormingen binnen zijn organisatie. Daarom heeft hij er gisteren goed aan gedaan zijn positie op te geven. De partners van KPMG, die ook de aandeelhouders zijn, moeten nu beslissen over zijn opvolger (m/v) en over de toekomstige structuur van hun bedrijf.

Van Breukelens positie was steeds verder bekneld geraakt door een schokkende serie van affaires die op tekortschietende controles duidden, zoals bij de overmoedige woningcorporatie Vestia en de betaling van steekpenningen door bouwbedrijf Ballast Nedam. Het justitieel onderzoek naar mogelijke fraude bij een vennootschap die KPMG gebruikte om zijn nieuwe hoofdkantoor in Amstelveen te ontwikkelen, is het soort van aandacht dat een accountant zich niet kan permitteren. Dat partners van KPMG, onder wie Van Breukelen, zelf ook actief bleken in projectontwikkeling, gaf de serie affaires een persoonlijke dimensie. Hier geldt het credo dat aan de Amerikaanse superbelegger Warren Buffett wordt toegeschreven. Wie twijfelt over de mores van een transactie moet zich afvragen: als dit morgen op de voorpagina van de krant staat, hoe leg ik dat dan uit?

Het vertrek van Van Breukelen komt voor KPMG én voor de bedrijfstak op een opportuun tijdstip. Morgen voert de Tweede Kamer op verzoek van PvdA-fractielid Nijboer een debat over de accountants. Hij heeft ideeën geformuleerd die neerkomen op effectiever toezicht binnen accountantskantoren door onafhankelijke commissarissen en op het doven van financiële prikkels die accountants aanzetten tot de keuze voor resultaat boven kwaliteit.

Met zijn vertrek hopen Van Breukelen en KPMG politici, klanten en medewerkers zonder twijfel duidelijk te maken dat zij zelf over voldoende zelfreinigend vermogen beschikken. En dat nieuwe stringente wetgeving overbodig is.

Van Breukelen heeft eerder al een onderzoek aangekondigd naar een nieuwe structuur voor KPMG en vertrouwenwekkende buitenstaanders benoemd. Maar de topstructuur van een organisatie als KPMG is een middel, geen doel. Het doel moet zijn dat de gebruikers van de accountantscontrole op een onderneming van de betrouwbaarheid van de informatie op aan kunnen. Deze groep is breder dan de opdrachtgevers die ervoor betalen. Tot de bredere klantengroep behoren beleggers, schuldeisers, werknemers, de fiscus en de samenleving als geheel. Tussen de belangen van deze partijen bestaan inherente spanningen. Accountants moeten individueel en als organisaties primair bij zichzelf te rade gaan hoe zij met meer kwaliteit en uitleg het geschonden vertrouwen herstellen.