Curryblaadjes

Ik had ze Jamie Oliver weleens in een pan zien mikken en dat zag er, zoals bijna alles wat die gast maakt, intrigerend uit. Maar in het echte leven was ik ze nog nooit tegengekomen: curryblaadjes. Nu lagen ze bij de Aziatische supermarkt en in een impuls besloot ik ze te kopen zonder precies te weten wat ermee te doen.

Thuisgekomen stak ik mijn neus tussen het gebladerte en was verrukt. Zelfs na weken experimenteren weet ik die geur nog nauwelijks te beschrijven. Hooguit als een hoogst verfijnd parfum. Fris, met iets citrusachtigs, maar zonder dat ze echt naar citroenen ruiken of zo. Waar ze in elk geval totaal niks weg van hebben, is van kerrie.

Curryblaadjes hebben met het specerijenmengsel kerrie slechts gemeen dat ze beide worden gebruikt in curry’s. Curryblaadjes groeien aan een boom, de Murraya koenigil ofwel curryboom, die vooral in India en Sri Lanka voorkomt. Verwarrend genoeg bestaat er ook een kerrieplant. De Helichrysum italicum is een laag, zilvergrijs gewas uit het Middellandse Zeegebied dat juist wel naar kerriepoeder ruikt.

Vergeet die kerrieplant echter gerust weer. Hij mag dan naar kerrie geuren, hij smaakt vooral naar zeep. Curryblaadjes daarentegen blijken een fantastische aanwinst in de keuken. Als ze vers (of vers ingevroren) zijn tenminste, want eenmaal gedroogd is er weinig of niks meer aan.

En dat brengt mij op verkoopadressen. Waar koop je die toverblaadjes? Wel, de firma Vreeken verkoopt de hele boom (zie vreeken.nl; zoek op ‘kerriebladboom’) en verder verwijs ik graag naar de onvolprezen website aziatischeingredienten.nl, waarop een rits adressen door heel Nederland te vinden is.

Woensdag verder; dan doen we iets Indiaas met curryblaadjes. Vandaag alvast een eenvoudige citrusgelei waarin hun aroma heel goed tot z’n recht komt. Een verfrissend toetje voor na een Aziatische maaltijd.

Breng het sap, de citroenzest en curryblaadjes tegen de kook aan. Draai het vuur uit en laat een half uur tot een uur trekken en schenk het daarna door een zeef. Knijp de gelatine uit en laat het oplossen in het nog warme sap. Proef en maak op smaak met suiker of stevia. Schenk de vloeistof in vier glazen. Laat de gelei opstijven in de koelkast. Serveer zo, of met ongezoete, lobbige slagroom.