Een ‘stemfie’ is niet verboden, aldus de rechter

Stemfies tijdens de gemeenteraadsverkiezingen van 3 maart.

Minister Plasterk hoeft zijn uitspraak over de toelaatbaarheid van een ‘stemfie’ niet te rectificeren. Zelfportretten in een stemhokje met een ingevuld stembiljet zijn volgens de rechtbank in Den Haag gewoon toegestaan.

Het ministerie van Binnenlandse Zaken vindt dat de selfie mag, “zolang je de orde niet verstoort, en zolang je andermans stemgeheim niet schaadt”, zo luidde de boodschap aan gemeenten voorafgaand aan de raadsverkiezingen. Minister Plasterk twitterde onder meer:

Twitter avatar RPlasterk Ronald Plasterk Ik roep niet op om een #stemfie te maken, maar het mag wel. RT @onzetaal: Het woord van de dag: #stemfie: http://t.co/Xfe2KZQbU7 #gr2014

Na de verkiezingen werd er een zaak tegen deze uitspraak van Plasterk aangespannen door de Stichting Bescherming Burgerrechten en een particulier. Volgens hen werkt de ‘stemfie’ misbruik in de hand: mensen zouden gedwongen kunnen worden om een foto als bewijs van hun stem te overleggen aan iemand die macht over hen uitoefent. De advocaat van de eisers legde eerder in NRC uit dat het toestaan van de stemfie gelegenheid biedt aan “allerlei ongeoorloofde beïnvloeding van het stemgedrag”.

“Neem de dominante vader die beslist wat iedereen moet stemmen. En een foto eist als bewijs. Of een imam die moskeegangers verplicht een foto te overhandigen van hun stem op een moslimpartij. Met uitsluiting van de moskee als sanctie.”

De rechter vindt wel dat de eisers terecht de aandacht vragen voor nadelen van stemfies. De nadelen wegens zelfs zwaarder dan de voordelen van een een stemfie, aldus de rechter. Maar dat betekent niet dat stemfies ook verboden zijn.

“De bewoordingen van de minister zijn dus niet onjuist en daarmee niet onrechtmatig. De rechter laat in het midden of hetgeen de minister heeft gezegd, gelet op het belang van het stemgeheim, verstandig is geweest.”

Lees hier de volledige uitspraak van de rechter.

    • Lex Boon