Ontwerpen zonder krul

Design is inmiddels méér dan ‘mooie dingen maken’. Een internationale conferentie van ontwerpers laat zien dat zij van de economische crisis hebben geleerd.

Een bulldozer aan het werk bij een kolenmijn in Kentucky. 40 procent van de uitstoot van CO2 in de VS komt door kolen. Het is de meest vervuilende energiebron.
Een bulldozer aan het werk bij een kolenmijn in Kentucky. 40 procent van de uitstoot van CO2 in de VS komt door kolen. Het is de meest vervuilende energiebron. Foto AFP

Design heeft last van een slechte naam. Het klinkt als het uitbraken van de zoveelste stoel, of alweer een nutteloze krul op een al overbodig gebruiksvoorwerp.

Ten onrechte, volgens de organisatoren van de conferentie What Design Can Do, komende donderdag en vrijdag in Amsterdam: ontwerpers leggen zich nu juist minder toe op producten en meer op het oplossen van maatschappelijke problemen. Geholpen, of beter gezegd: vooruitgeduwd, door de economische stagnatie en door de betaalbaarheid van computers en apparatuur als 3D-printers is ‘design’ bezig zichzelf opnieuw uit te vinden, in een roes van optimisme en zelfredzaamheid.

Dankzij nieuwe productietechnieken zijn ontwerpers minder afhankelijk van fabrikanten om hun werk op de markt te krijgen; met crowdsourcing en crowdfunding kunnen ze zelf consumenten bereiken die meewerken aan het ontwerpen van een product en erin kunnen investeren. Dat geeft de ontwerper grote vrijheid maar vraagt andere vaardigheden, ook zakelijke, dan een generatie geleden.

Niet alleen de rol van de ontwerper verandert, maar ook die van de voorheen passieve consument: die wordt in toenemende mate medebedenker, mede-investeerder, zelfs medemaker.

Gevaarlijke hoogte

Er is ook een andere gedachte: dat de verwachtingen van ontwerpers-nieuwe-stijl tot gevaarlijke hoogte zijn gestegen. Volgens een van de sprekers op ‘WDCD’, de criticus Lucas Verweij, komt er veel storytelling aan te pas om een product te verkopen – hele verhalen, maar de beloftes staan niet altijd in verhouding tot het resultaat. ‘Niet alles is oplosbaar met creativiteit en design’, schrijft hij in een themanummer van De Groene, ‘heel veel niet’. Verweij zou graag een conferentie zien over What Design Can Not Do.

Deze week is het podium vooralsnog aan de optimistische variant: voor de vierde keer wordt deze grote internationale conferentie in de Stadsschouwburg in Amsterdam gehouden. Het initiatief is van grafisch ontwerper Richard van der Laken van het bureau Designpolitie. Uit de hele wereld brengt hij mensen uit vele disciplines bij elkaar die laten zien dat design wel degelijk een bijdrage kan leveren aan het oplossen van sociale problemen. Design met een geweten én een business plan.

Volgens Richard van der Laken zullen goede ontwerpers impact hebben op onze woonomgeving, mobiliteit, goederen, ideeën, industrie, banen, op onze hele manier van leven. We leven in het tijdperk van de Ondernemende Ontwerper.

Mode is bij uitstek design, en hoofdgast dit jaar is de Engelse modeontwerper Paul Smith. Hij is bekend geworden met zijn gedurfde bloemenprints voor mannen, maar zijn vrouwenmode is inmiddels ook zeer geliefd. Als autodidact heeft hij zijn eigen, succesvolle bedrijf van de grond af opgebouwd.

Wat is er ‘social’ aan het design van Paul Smith? Het helpt om de zes levensregels erbij te halen die hij ooit noemde in een interview in het helaas verdwenen designtijdschrift Items. Een daarvan is: ‘Do things which are right, not things that are easy.’ En de laatste: ‘Be brave.’ Een oproep tot het tonen van moed en het bewaken van je morele kompas: zo bezien past Paul Smith wel bij het engagement van dit moment.

Teddy Cruz: recycle-dorpen

Geweld, onrecht, armoede, uitsluiting – de muur tussen Mexico en de Verenigde Staten is er het zinnebeeld van. Het leven op en rond een grens als deze, waarbij de scheiding tussen arm en rijk zo messcherp is, levert een heel eigen border condition op, vindt architect-activist Teddy Cruz. Ondanks die muur is er tussen noord en zuid een doorlopende uitwisseling. Uit het arme zuiden trekt een stroom hoopvolle migranten naar het noorden, op zoek naar werk en een beter leven; vanuit het rijke noorden rijdt een stoet vrachtwagens met hele huizen en afgedankte garagedeuren erop, die een nieuwe bestemming krijgen in de eindeloze informal settlements rondom steden als Tijuana en Ciudad Juárez. „Not only people cross the border here,” zegt Cruz, „but entire chunks of one city move to the next.”

ShaoLan Hsueh: leer Chineasy

Dwars door China loopt de Chinese Muur, maar tussen China en het Westen loopt de muur van de Chinese taal. De communicatie tussen oost en west zou veel beter verlopen als er een makkelijk(er) methode was om Chinees te leren. Dat vond ShaoLan Hsueh uit Taiwan en ze heeft deze methode zelf ontwikkeld: Chineasy. Het is gebaseerd op een systeem van plaatjes die je helpen de betekenis van Chinese karakters te onthouden. Onverwacht geluk: Chineasy verlaagt de drempel tot het Chinees ook voor Chinese kinderen met dyslexie. Dit jaar verschijnt Hsuehs gelijknamige boek in twaalf talen.

Carlo Ratti: energie-fiets

Het leven in de stad raakt steeds nauwer vervlochten met technologie. Het is de kunst die technologie geen Big Brother te laten worden, maar om die in dienst van de stedeling te stellen. Het nieuwste project van Carlo Ratti en zijn Senseable City Lab aan het Massachusetts Institute of Technology is het Copenhagen Wheel, een batterij die van een gewone fiets een hybride e-bike maakt. De energie die de fietser al trappend opwekt, wordt opgeslagen om die bij tegenwind of helling terug te geven. Het Wheel is draadloos verbonden met je smartphone en registreert zaken als luchtverontreiniging, verkeersdrukte, koolmonoxide en de toestand van het wegdek. Die informatie kun je gebruiken om je route door de stad te bepalen.

Laduma Ngxokolo: nieuwe mode, oude cultuur

De jonge Zuid-Afrikaanse mode-ontwerper Laduma Ngxokolo is een man met een missie: hij wil het visuele erfgoed van zijn stam, de Xhosa, hip maken voor de Zuid-Afrikaan van nu. Hij verwerkt de traditionele Xhosa-kleuren, patronen en materialen in moderne mode voor mannen en vrouwen. De collectie ‘Amakrwala’ ontwierp hij met jonge Xhosa-mannen in gedachten, die volgens het traditionele gebruik na hun initiatie- riten tot volwassen man een half jaar lang nieuwe nette kleuren moeten dragen. Ngxokolo onderging zelf ook die ‘rite de passage’. Zijn nieuwste collectie My Heritage, My Inheritance is opgedragen aan zijn moeder. Zij bracht hem zowel de eigen Xhosa-cultuur bij, als het gebruik van de breimachine.

Rachel Armstrong: verf die CO2 ‘opeet’

Nu meer dan de helft van de mensheid in steden woont, zijn steden zowel de bron als de oplossing van veel van onze milieuproblemen. Gebouwen, en dus architectuur, moeten bijdragen aan die oplossingen, vindt de Britse architect Rachel Armstrong. Stel, bedacht ze, dat je een gebouw met een huid van biologische verf kunt bedekken die CO2 bindt. Living architecture noemt ze dat, waarbij ze statische gebouwen de eigenschappen wil geven van levende systemen. Volgens Armstrong, mededirecteur van de AVATAR groep (Advanced Virtual and Technological Architectural Research) aan de Universiteit in Greenwich, kan architectuur alleen duurzaam zijn, als die met de natuur verbonden is.