De dood, maar dan alledaags

Gezellig, een avondje praten over de dood // Van Singapore tot Brazilië trekt het Death Cafe volle zalen // Vanavond voor het eerst in Amsterdam

Een kopje koffie met een goed gesprek over de dood in het Death Café. Nu ook in Amsterdam.
Een kopje koffie met een goed gesprek over de dood in het Death Café. Nu ook in Amsterdam.

Een avondje uit. De een duikt een luidruchtige club in met vrienden, een ander gaat naar de nieuwste blockbuster in de bios. Toe aan iets compleet anders? Onder genot van een hapje en drankje met wildvreemden een avondje praten over de dood past wel in die categorie. Gezelligheid troef is daarbij niet de eerste associatie. En toch verovert Death Cafe de wereld. Ook Nederland omarmt het fenomeen. In Amsterdam vindt vanavond het eerste Death Cafe op Nederlandse bodem plaats.

Hoe alledaags de dood in feite ook mag zijn, een gesprek over de dood is dat zeker niet. Engelsman Jon Underwood, founding father van Death Cafe, wil daar graag verandering in brengen. Hij betreurt het dat wij „de dood uitbesteden aan artsen en begrafenisondernemers, dat onze samenleving de dood zo wegstopt”. Een gesprek over de dood brengt ons immers tot de essentie van het bestaan: „Zodra het besef goed tot je doordringt dat je leven niet eeuwig is, maak je vaak andere keuzes. Wil ik mijn leven zo leiden zoals ik het tot op heden leid? Bij Death Cafe nodigen we mensen uit om hierop te reflecteren, op onderzoek uit te gaan.”

Wat is jouw ervaring?

Het concept van Death Cafe is simpel. Er is een organisator die een tijd en locatie prikt. Bij de aftrap gooit de organisator wellicht een vraag in de groep: ‘Wat is jouw ervaring met de dood?’ en that’s it. Geen agenda, geen presentatie. Het gesprek faciliteert zichzelf. Als de groep groter is dan tien personen, werkt de organisator vaak met subgroepen van zo’n tien personen. Het doel van elke bijeenkomst: bewustzijn over de dood creëren om mensen te helpen het beste van hun leven te maken.

Wat ‘het beste’ is – daar wil Death Cafe verre van blijven. Wat niet wegneemt dat in Underwood een idealist en wereldverbeteraar schuilen. Diep in zijn hart hoopt hij dat mensen de brui geven aan hun fixatie op bezittingen en welvaart. Mensen en de wereld vooruit helpen vindt hij een betere tijdsbesteding. Maar hij beseft en accepteert dat de betekenis die dood aan zijn leven geeft, kan afwijken van die van een ander.

Het past bij de tijdgeest

Van Brazilië tot Singapore praten mensen met elkaar over wat de dood voor hen betekent. Sinds het eerste Death Cafe in 2011 zijn er nu een kleine 750 gehouden, variërend van 3 tot 80 man per event. Volgens Underwood verklaart de eenvoud van het concept deels het succes: „Het is een makkelijk format om te verspreiden. Er zijn weinig regels. De deelnemers doen het ‘werk’, niet degene die het faciliteert.” En mensen hebben er simpelweg behoefte aan.

Death Cafe sluit perfect aan bij de huidige tijdgeest, vindt zowel Underwood als Gerko Tempelman, een van de organisatoren van het eerste Death Cafe in ons land. Tempelman verwoordt het zo: „In een tijd van crisis en globalisering komen veel zekerheden op losse schroeven te staan. Het leven is toch niet zo maakbaar als we dachten. Daarmee drijven automatisch grote vraagstukken boven, zoals de dood.”

Tempelman, van huis uit filosoof en theoloog, kijkt uit naar ‘zijn’ eerste Death Cafe. Hij hoopt op een divers gezelschap en waardevolle gesprekken. Maar wat nou, als het gesprek ehh... doodbloedt? „Misschien houd ik voor de zekerheid wat stellingen achter de hand.” Al leert de ervaring dat dat niet nodig is. De dood maakt de tongen los met levendige gesprekken als gevolg.