Jongeren geloven weer in de duivel en de hel

Gisteren publiceerde het SCP een rapport over ontkerkelijking in Nederland // Gelovige jongeren worden fanatieker, geloven in leven na de dood // Drie christelijke jongeren vertellen hun verhaal

Foto’s Robin Utrecht

Steeds minder jongeren geloven in God, maar gelovige jeugd wordt steeds fanatieker. Jongeren tot 30 jaar gaan, in vergelijking met oudere kerkleden, het meest naar de kerk en ze hebben het grootste vertrouwen in het instituut. Opvallend: geloof in de duivel en de hel neemt een enorme vlucht onder jongeren.

Het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) publiceerde gisteren het rapport ‘Geloven binnen en buiten verband’. Dat schetst een beeld over doorzettende ontkerkelijking in Nederland. In 2012 was 30 procent van de Nederlandse bevolking lid van een kerkelijk genootschap, tegen driekwart van de bevolking rond 1960. Het percentage regelmatige kerkgangers halveerde. Het is volgens de onderzoekers op alle fronten zichtbaar. Kerkgang gaat achteruit. Er is een afname van het aantal kerkgemeenschappen. De Rooms-Katholieke Kerk heeft nog circa 4 miljoen leden; de protestantse kerk iets meer dan 1,7 miljoen.

Jongeren geloven fanatieker

Ook jongeren zijn steeds minder vaak in de kerk te vinden. Het lidmaatschap van een kerk daalde onder jongeren tussen de 17 en 24 jaar tussen 1966 en 2012 met meer dan 50 procent. Toch gelooft de jeugd die nog wel naar de kerk gaat, steeds fanatieker. De onderzoekers spreken van een „revitalisering van de traditionele christelijke geloofstraditie.”

Van de gelovige jongeren tot dertig jaar gaat 44 procent regelmatig naar de kerk, tegenover 32 procent van alle kerkleden. Bijna de helft van de gelovige jongeren onderschrijft alle kerkelijke leerstellingen over bijvoorbeeld de Bijbel en leven na de dood. Sinds 1983 maakt geloven in de duivel en de hel een enorme opmars onder gelovige jongeren. In 1983 geloofde rond de 30 procent van de gelovige jeugd in de duivel en de hel; nu is dat meer dan 60 procent. Onder alle kerkleden schommelt het geloof in duivel en hel in die jaren steeds tussen 30 en 40 procent.

Reden voor het toegenomen fanatisme is volgens de onderzoekers, die spraken met tientallen kerkbestuurders, het „harde-kerneffect.” Vrijzinnige jeugd verlaat de kerk, waardoor gezagsgetrouwe jeugd overblijft.

Geloof speelt een veranderende rol aan de keukentafel. De onderzoekers constateren dat „de grote scheidslijn” in godsdienstig opzicht niet langer loopt tussen ouders en kinderen, maar is verschoven naar senioren. Van de jongeren tot 25 jaar is minder dan de helft religieus opgevoed; onder 65-plussers is dat meer dan 80 procent. Jongeren en hun ouders zitten steeds vaker op één lijn: ze zijn allebei niet opgevoed met bidden aan tafel of het samen lezen van de bijbel. Toch is de rol van de kerk in de samenleving niet uitgespeeld.

De kerk is volgens het rapport „een nutsbedrijf” geworden, om er gebruik van te maken als dat nodig is. Bij huwelijk, begrafenis, nationale gebeurtenissen of collectieve rouw. In de twee grootste kerken zijn er jaarlijks zo’n 45.000 begrafenissen of crematies.

Lees meer over dit onderwerp in de column van Arjen van Veelen op pagina 18