‘Het Grote Geluk’ musical in geest van Annie M.G.

Zo’n samengesteld gezin van tegenwoordig, daar gaat de nieuwe musical Het Grote Geluk over. Twee volwassenen, een pubermeisje, een jongere jongen en een opa die de wijste is – want de wijsheden des levens zijn hier hard nodig.

Men zoekt veel en vaak vergeefs naar geluk, en iedereen is drukdrukdruk (Sinterklaas pas in april vieren omdat niemand eerder kan). Of, in de taal van tegenwoordig: „Ik heb een hele lange to do-lijst”.

Het Grote Geluk is door de jonge makers Eva Gouda (script), Jan Groenteman (liedjes) en Kiki Jaski (regie) nadrukkelijk in de Nederlandse musicaltraditie van Anie M.G. Schmidt en Harry Bannink geplaatst – de traditie van de ironie.

In de dialogen is daarvan wel iets terug te horen, met de kliko als symbool van alledaagse afstomping. Er komt zelfs even een knolbegonia ter sprake, terwijl het oeuvre van Annie Schmidt wemelt van de kamerplanten. Ook tintelt in sommige liedjes iets van Banninks charme door.

Maar de intrige omvat te veel ongeloofwaardige wendingen om Schmidts feilloos herkenbare huiselijkheid te evenaren, en de man is zo’n slome duikelaar dat hij tegenover de vrouw (mooi genuanceerd gespeeld door Anne-Marie Jung) danig in het niet valt.

Zo is het resultaat net niet wat het had kunnen zijn.