Fouten in het onderzoek

Op 23 december 1991 verwoestte een brand het huis van Cameron Todd Willingham in Texas. Zijn drie dochters kwamen om. De brandweerman die de plek onderzocht, getuigde in de rechtbank dat sprake was van brandstichting. De beslissende getuigenis kwam van Johnny Webb, een veroordeelde die in dezelfde gevangenis werd vastgehouden als de verdachte Willingham. Webb vertelde de jury dat Willingham had bekend de brand te hebben gesticht. Willingham kreeg de doodstraf.

Vlak voor zijn executie in 2004 toont een brandexpert fouten aan in het onderzoek van de brandweerman: de brand zou veroorzaakt zijn door een verwarming of door onveilig aangesloten elektriciteitskabels. Hij wordt genegeerd en Willingham wordt geëxecuteerd. Na zijn dood trekken meer onderzoekers de conclusie dat de brandweerman fouten heeft gemaakt. Ook de getuigenis van Webb blijkt niet waterdicht. Webb vertelde dat Willingham de brand stichtte om te verbergen dat hij zijn kinderen mishandelde, maar er werden geen blauwe plekken aangetroffen op de lichamen van de kinderen. Ook vertelt Webb later aan een journalist dat hij Willingham misschien verkeerd heeft begrepen. Advocaten die een pardon voor de executie hadden geëist, onthulden een handgeschreven briefje waarin de aanklager Webb strafvermindering belooft in ruil voor medewerking in het proces. De aanklager had dat tijdens het proces ontkend.