‘Nederland levert metadata voor Amerikaanse aanvallen met drones’

Volgens een Amerikaanse piloot verstrekt Nederland metadata voor Amerikaanse drone-aanvallen.
Volgens een Amerikaanse piloot verstrekt Nederland metadata voor Amerikaanse drone-aanvallen. Foto ANP / EPA / Corinne Buxton

De bewering van minister Jeanine Hennis (Defensie, VVD) dat Nederlandse inlichtingen niet gebruikt worden voor Amerikaanse liquidaties met drones, is naïef en onjuist. Dat zegt Brandon Bryant, een voormalig dronepiloot die zes jaar actief was bij de uitvoering van het Amerikaanse droneprogramma, vandaag in NRC Handelsblad.

Bryant behoort tot de eerste lichting dronepiloten en kent het systeem van binnenuit. Zijn team doodde in zes jaar 1.626 personen.

“Het is ondenkbaar dat Nederlandse inlichtingen over Somalië niet door Amerikanen gebruikt zijn bij drone-aanvallen. Amerika gebruikt alle info die gegeven wordt. En Nederland levert, zo laten documenten zien, belangrijke inlichtingen over Somalië.”

Uit stukken van klokkenluider Edward Snowden bleek eerder dat de Amerikaanse inlichtingendienst NSA zwaar leunt op Nederlandse inlichtingen over Somalië. Zo had de Amerikaanse dienst geen toegang tot het lokale [telefoon]netwerk. De militaire inlichtingendienst MIVD had dat wel. De NSA gaf Nederland bovendien speciale interceptietechnologie om op zee inlichtingen te verzamelen.

‘Geen targeted killings’

Tijdens een algemeen overleg gisteravond in de Tweede Kamer stelde minister Hennis dat Nederland niet meewerkt aan zogeheten targeted killings. Niets wijst er volgens haar op dat landen zulke liquidaties uitvoeren met Nederlandse informatie.

SP, D66 en CDA twijfelden aan haar woorden. Eerder nam een Kamermeerderheid een motie aan waarin expliciet als voorwaarde voor het delen van inlichtingen wordt geëist dat deze niet gebruikt worden voor liquidaties met drones. Kamerlid Van Bommel (SP) verweet Hennis dat ze deze motie niet kan uitvoeren. Van Bommel: “Als dat zo is, zeg dat dan.” CDA’er Knops: “De motie roept expliciet op tot het uitsluiten dat Nederlandse inlichtingen gebruikt worden.” Hennis hield vol dat ze geen aanwijzingen heeft voor een relatie met Nederlandse data.

Bryant is een van de weinigen dronepiloten die openlijk over zijn ervaringen spreekt. Hij verliet het leger in 2011.

“Ik wist niet wie ik doodde, ik wist niet of het terroristen waren. We vertrouwen maar op de informatie die ons gegeven wordt. Elke drone-aanval is zo goed als de inlichtingen ons vertellen.”

Metadata essentieel bij drones

Nederland deelt sinds 2006 structureel miljoenen metadata met de Amerikanen. Die metadata – gegevens over welk nummer met welk nummer belt, wanneer, waar en hoe lang – zijn voor het Amerikaanse droneprogramma essentieel, vertelt Bryant.

“Bijna niemand realiseert hoe belangrijk metadata zijn. Alles op mijn scherm – de koers van de drone, hoogte, snelheid, locatie – bestaat uit metadata. Zonder metadata kunnen we niets. Het is veel belangrijker dan de inhoud van communicatie.”

Een paar maanden geleden maakte Nederland bekend ook drones te kopen. Het kabinet investeert in vier MQ-9 Reapers en een grondstation. De toestellen moeten in 2016 gaan vliegen, onder meer in missiegebieden. Personeel zal daarvoor getraind worden op de Amerikaanse basis Holloman in New Mexico.

Hoewel de Reaper bij uitstek geschikt is om doelwitten uit te schakelen, beweert Defensie dat ze onbewapend blijven. Minister Hennis herhaalde die toezegging gisteravond. Nederland betaalt zo’n 200 miljoen euro voor het systeem.

Onderzoeksprogramma Zembla zendt vanavond ‘Dodelijke drones’ uit. Daarin ook een gesprek met piloot Bryant. Ned. 2. 20.50 uur.

Lees in NRC Handelsblad vanmiddag het hele interview met Bryant.