Prettig morbide en melancholieke komedie

Love Eternal is een ongewone film. Kwikzilverig en onaangepast. Dat zou kunnen komen doordat het bronmateriaal (een verhaal van de in het Westen weinig bekende Kei Oishi) zo typisch Japans is. Hikokomori – jonge mannen die weigeren het huis te verlaten – zelfmoordpacten, een vanzelfsprekende aanwezigheid van geesten in het dagelijkse leven, het zijn fenomenen die we kennen uit veel Japanse populaire cultuuruitingen als film en strips. En ze spelen ook allemaal een rol in de tweede film van de Ierse regisseur Brendan Muldowney. Hij verplaatste het verhaal over de eenzame twintiger Ian die na de dood van zijn moeder moet leren leven naar Ierland, misschien niet toevallig ook een land met een relatief hoog zelfmoordcijfer. Love Eternal is niet alleen ongewoon omdat er een cultuurschok onder de oppervlakte schuurt en sluimert, maar ook omdat deze zwartgallige komedie prettig morbide is. Grappen maken over zelfmoord, mag dat eigenlijk wel? Het is bijna een moderne variant op The Addams Family, maar dan alsof er nog maar één lid van de Addams-familie is overgebleven. Want melancholisch is de film ook. Hij wordt gedragen door een intens weemoedige Robert de Hoog als Ian, die van de dood zijn levensvervulling heeft gemaakt. Tot het leven ingrijpt natuurlijk.