Obama wil Azië geruststellen

President moet buurlanden van China overtuigen dat ze op de steun van de VS kunnen blijven rekenen.

Filippijnse betogers protesteren in Manilla tegen het aanstaande bezoek van president Obama.
Filippijnse betogers protesteren in Manilla tegen het aanstaande bezoek van president Obama. Foto EPA

Lukt het de Amerikaanse president Barack Obama Azië ervan te overtuigen dat de VS de regio wel degelijk serieus nemen? Dat Azië belangrijk is ondanks de constante afleiding van de oorlog in Syrië en de Oekraïense crisis? Een bezoek van acht dagen (23 tot en met 29 april) aan Japan, Zuid-Korea, Maleisië en de Filippijnen landen moet deze boodschap overbrengen.

Op eerste gezicht zal het bezoek dat vandaag begint in Japan, Obama gemakkelijk afgaan. Azië ligt hem. Bij zijn vorige bezoek aan het continent gingen de foto’s van zijn omhelzing met de Birmese oppositieleider en nobelprijwinnares Aung San Suu Kyi de wereld over. Deze keer zal Obama in Maleisië worden geprezen voor de inspanningen van de marine in de zoektocht naar de verdwenen Boeing van Malaysia Airlines. In die zin is Azië voor Obama een verademing vergeleken met een week op kousenvoeten lopen in het Midden-Oosten of het politieke en bestuurlijke doolhof van de Europese Unie bewandelen.

Hoogstwaarschijnlijk zullen Obama en zijn Filippijnse collega Benigno Aquino afspreken dat Amerikaanse militairen weer permanent gelegerd mogen worden in het land. Sinds de sluiting van de Amerikaanse basis in Subic Bay in 1992 hebben de Amerikanen geen permanent aanwezigheid meer gehad in de vroegere kolonie.

Het akkoord over een basis laat mooi zien wat de wederzijdse belangen zijn. Na permanente Amerikaanse militaire aanwezigheid in Japan, Zuid-Korea, Singapore en het noorden van Australië is de Filippijnen de volgende schakel die een ketting vormt rond China. De VS willen zo de mogelijkheid houden druk uit te kunnen oefenen op China. Over wateren, zoals de Zuid-Chinese Zee en de Straat van Malakka, waar steeds vaker Chinese fregatten patrouilleren, worden jaarlijks meer olie en goederen vervoerd dan door het Suezkanaal. Deze routes moeten altijd toegankelijk blijven voor handel, vinden de Amerikanen.

De Aziatische buurlanden van China weten dat zij te zwak zijn en onderling te verdeeld om een tegenwicht voor China te vormen. De aanwezigheid van de VS kan hen binden.

Althans in theorie. De praktijk is anders. De Singaporese denker Kishore Mahbubani vertelt graag dat de golfbanen van Azië cruciaal zijn in het slagen van politieke en zakelijke deals op het continent. Persoonlijk contact is onmisbaar. Maar Obama zegde drie keer een reis naar Azië af om binnenlandse branden te blussen. Dat helpt niet.

Het is dan ook de vraag of hij erin slaagt om Japan en Zuid-Korea blijvend met elkaar te laten praten ondanks toenemende nationalistische sentimenten. Ook zal het lastig worden om handelspartners als Japan te bewegen gevoelige sectoren van hun economie, zoals rijstteelt, open te stellen. Die liberalisering is een onderdeel van het Trans-Pacific Partnership, een vrijhandelsakkoord tussen 12 landen aan de Stille Oceaan. China doet niet mee. Als de onderhandelingen slagen, zou dit de invloed van de VS in de regio vergroten. Maar de gesprekken verlopen tot dusverre stroef.