‘Groots en episch willen we zijn’

Op het nieuwe album ‘The Hunt’ dat morgen verschijnt experimenteert de groep Jungle By Night met andere stijlen naast afrobeat.

De negenkoppige groep Jungle by Night speelt afrobeat. Derde van rechts percussionistGino Groeneveld, vierde van rechts gitarist Jac van Exter.
De negenkoppige groep Jungle by Night speelt afrobeat. Derde van rechts percussionistGino Groeneveld, vierde van rechts gitarist Jac van Exter. Foto Krijn van Noordwijk

Drie jaar geleden waren ze de ontwapenend jonge band waarvan enkele leden nog naar school gingen. Al snel bracht hun live-reputatie Jungle By Night naar alle mogelijke festivals. Hun succes reikt inmiddels tot ver buiten de landsgrenzen. Vandaag komt hun tweede volwaardige album uit, The Hunt. En dat alles in een onwaarschijnlijk genre om populair in te zijn: afrobeat. Geen catchy vocalen of popmelodieën, maar stevige instrumentale funk met jarenzeventiggrooves uit Nigeria, Ethiopië en nu ook Turkije.

Een afspraak met Jungle By Night is nog steeds afhankelijk van ‘school’, maar dat staat tegenwoordig voor de conservatoriumopleiding van percussionist Gino Groeneveld (22) en de studie sociale geografie van gitarist Jac van Exter (21).

Het nieuwe album heeft een duistere vormgeving, geen cd-boekje, geen tekst, alleen maar de krachtige titels van elf puntige tracks als Attila, Weapon en Jakten. Van Exter: „Dat weerspiegelt hoe we willen spelen, het moet groots en meeslepend zijn, episch.” Zo kreeg een psychedelisch nummer vol effecten de titel Desdemona, volgens Groeneveld een „behoorlijk sicke en crazy vrouw” uit Shakespeare’s Othello. Groeneveld: „Dat nummer laat goed zien hoe we werken. Het begint met een gitaardingetje, iets Ethiopisch. Als we dan de bas erbij hebben, komen vanzelf de drumbreaks.”

Van Exter: „Op dit album staan compactere songs dan voorheen. Als we nieuwe nummers schrijven, jammen we veel, daarna gaan we puzzelen om die stukjes in elkaar te passen.” Door het streven naar kortere nummers is het aandeel afrobeat wat geslonken, het genre dat wint bij eindeloze herhaling. „Dat komt ook doordat we meer hebben gehoord en gereisd. We hebben bijvoorbeeld vier keer in Turkije gespeeld en dan gaan we daar ook door de bakken vinyl. Die sound gebruiken we.”

Jungle By Night is een „democratische band”, zegt Van Exter, waardoor besluitvorming „heel langzaam” gaat. „Uiteindelijk doen we wat iedereen het beste vindt, zodat het voor iedereen leuk is om te spelen. Dat betekent ook dat je tegen je verlies moet kunnen als jouw idee het niet haalt.”

Het nieuwe album weerspiegelt die werkwijze met een veelheid aan invloeden. Het ene bandlid houdt van funk, de ander van hiphop, de volgende van Latin beats. Op het nummer Hannoman wordt een onheilspellend orgeltje omgebouwd tot een stevige rockgroove. Van Exter: „Dat kwam voort uit een veel te harde jam. Er zit een heel raar ritme in. Het is altijd zoeken waar de eerste tel nou zit.”

De promotietour van Jungle By Night gaat door heel Europa, maar dit keer richt de band zijn pijlen expliciet op het verre oosten. De Nederlandse afrobeat gaat naar Japan. Het gaf percussionist Groeneveld de kans om zijn persoonlijke interesse een bijzondere invulling te geven. Hij keek vroeger eindeloos veel mangatekenfilms. Voor de Japanse versie van The Hunt nam de band een cover op van de best verkochte Japanse single ooit, de tune van de tekenfilmserie Oyoge Taiyaki Kun uit de jaren zeventig.

Het ontroerde zelfs de directeur van Fuji Rock, het grootste Aziatische festival, dat een Nederlandse band het nummer covert dat hij voor het eerst op single kocht. Dus speelt Jungle By Night deze zomer drie keer op het festival. Van Exter: „Er zijn ook Japanse afrobeatbands en Nederlandse jazz wordt daar goed ontvangen. In Japan zijn ze gewoon gek van muziek.”