Kritiek Koreanen op kapitein en trage evacuatie

Reddingswerkers kunnen de gezonken boot niet binnen. Gevreesd wordt dat ruim 280 vermisten, veelal scholieren, dood zijn.

In grote spanning en de wanhoop nabij volgen familieleden van vermisten het reddingswerk op het eilandje Jindo.
In grote spanning en de wanhoop nabij volgen familieleden van vermisten het reddingswerk op het eilandje Jindo. Foto Reuters

Reddingswerkers zijn er vandaag door slechte weersomstandigheden en sterke stroming nog niet in geslaagd de ruim 280 vermiste opvarenden, vooral schoolkinderen, van een gezonken Zuid-Koreaanse veerboot te traceren. Aangenomen wordt dat ze vastzaten op de Sewol en zijn verdronken, toen het schip gisteren in de zee ten zuidwesten van Zuid-Korea met zo’n 470 mensen aan boord kapseisde. Het officiële dodental staat pas op negen, 179 opvarenden konden worden gered.

Overlevenden spraken hun verbazing uit over het trage verloop van de evacuatie. Nadat de boot een alarmsignaal had afgegeven duurde het nog zo’n anderhalf tot twee uur voor de boot was gezonken. „We moeten wel 30 tot 40 minuten hebben gewacht nadat de bemanning ons had verteld dat we op onze plaatsen moesten blijven zitten”, aldus een geredde scholier tegen journalisten. „Als de mensen in het water waren gesprongen hadden ze gered kunnen worden”, zei de eveneens geredde 36-jarige Koon Bon-hee. „Maar er werd gezegd dat we niet naar buiten moesten gaan.” Wel hadden ze instructies gekregen alvast zwemvesten aan te doen.

Kapitein snel van boord

Kritische vragen zijn er ook over de rol van kapitein, Lee Joon-seok (60), die intussen door de politie wordt verhoord. Volgens ooggetuigen ging hij als een van de eersten van boord. „Het spijt me vreselijk en ik schaam me diep. Ik weet niet wat ik moet zeggen”, zei hij tegen het Zuid-Koreaanse televisiestation Yonhap.

Oh Yong-seok, een 58-jarig bemanningslid overleefde de ramp eveneens. Hij vertelde persbureau AP dat de evacuatie werd bemoeilijkt doordat het schip zwaar slagzij maakte. „We konden geen stap doen, de helling was te groot.” De bemanning hoopte volgens hem de boot weer onder controle te kunnen krijgen en wachtte daarom met instructies voor de evacuatie. Toen ze besloot dat alsnog te doen, was het al te laat en konden ze de rest van de opvarenden niet meer bereiken, zei Oh Yong-seok.

Huilend zagen familieleden hoe de lichamen van enkele verdronken kinderen vanmorgen met ambulances werden afgevoerd naar hun woonplaats Ansan, bij de hoofdstad Seoul. Aan boord waren 325 leerlingen van zestien en zeventien jaar van de Danwon-school in Ansan. Ze waren met 15 leerkrachten op weg naar het eiland Jeju voor een korte vakantie.

Over de oorzaak van de ramp is nog weinig duidelijk. Er zou zich plotseling een luide bons hebben voorgedaan, waarna het schip begon te schokken en over te hellen.

Verbitterde ouders

Veel ouders zijn verbitterd over de gang van zaken en de gebrekkige informatie. Aanvankelijk kregen ze te horen dat alle leerlingen in veiligheid waren gebracht. Later werd gemeld dat er honderd vermisten waren. Ook dit bleek onjuist.

„Ik ben heel kwaad op de regering”, zei Kwak Hyun-ok , wier dochter aan boord was, tegen persbureau Reuters. „Zonder mijn dochter heeft het leven geen zin.”

Op eigen kosten charterden de ouders een boot en een duiker om naar het eilandje Jindo. Van daar af vindt een deel van de reddingswerkzaamheden plaats. Zo’n 400 reddingswerkers hebben de afgelopen 26 uur echter weinig kunnen uitrichten omdat er in dit deel van de zee, dat ter plaatse zo’n dertig meter diep is, een sterke stroming staat. Daardoor is het moeilijk het scheepswrak in te gaan. Bovendien is het water er erg troebel. Het is onwaarschijnlijk dat er nog overlevenden zijn, zei een Zuid-Koreaanse functionaris op basis van anonimiteit.

Intussen zijn er drie zware hijskranen onderweg om het schip van de zeebodem op te lichten.