Jongeren voor zwaardere delicten vaker naar bureau Halt

Jongeren voeren hun taakstraf, het opruimen van vuurwerkresten, uit voor een overtreding tijdens de jaarwisseling.
Jongeren voeren hun taakstraf, het opruimen van vuurwerkresten, uit voor een overtreding tijdens de jaarwisseling. Foto ANP / Bas Czerwinski

Het OM kiest er vaker voor om jongeren die een zwaar delict hebben gepleegd naar bureau Halt te sturen in plaats van een taakstraf te geven. Dat blijkt uit jaarcijfers (pdf) van de stichting.

Vorig jaar zijn 16.820 naar Halt verwezen voor delicten als winkeldiefstal en vernieling. Hiervan was een groter aandeel voor een zwaar delict dan in de jaren daarvoor. In 2012 werden negen procent van de zaken rond zwaardere misdrijven naar Halt doorverwezen. Vorig jaar was dat bij dertien procent het geval. Het gaat bij deze zaken om onder meer mishandeling of belediging van een ambtenaar in functie.

Dit soort zaken worden aangeduid als “niet Halt-waardige misdrijven”, maar met toestemming van een officier van justitie is het sinds enkele jaren toch mogelijk in zulke gevallen een Halt-straf op te leggen. Met een Halt-straf in plaats van een veroordeling wordt een strafblad voorkomen. Dat is alleen mogelijk voor jongeren. De bedoeling is dat ze hierdoor weer gemakkelijker op het rechte pad komen. Bij een Halt-straf worden jongeren geconfronteerd met hun gedrag en de gevolgen daarvan, onder meer door het aanbieden van hun excuses aan hun slachtoffers en het vergoeden van de schade.

Meeste jongeren naar Halt voor vermogensdelicten

De meeste jongeren worden naar bureau Halt verwezen voor vermogensdelicten - 27 procent. Daarna voor schoolverzuim. Dat is bij 18 procent van de jongeren die naar Halt worden gestuurd het geval. De verhouding tussen jongens en meisjes die naar Halt worden gestuurd, ligt op 74 en 26 procent. Bij vermogensdelicten en schoolverzuim ligt deze verhouding “opvallend anders”, zo meldt de stichting. Bij vermogensdelicten is het aandeel van meisjes 43 procent, bij schoolverzuim 41 procent.