Dit is een artikel uit het NRC-archief De artikelen in het archief zijn met behulp van geautomatiseerde technieken voorzien van metadata die de inhoud beschrijven. De resultaten van deze technieken zijn niet altijd correct, we werken aan verbetering. Meer informatie.
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Economie

Binnenkort is het voorbij met gas in Nederland

Stap daarom over op duurzame energie, betoogt Stephan Slingerland.

President Poetin dreigt met het Russische ‘gaswapen’, om politieke concessies af te dwingen in het conflict met de Oekraïne. Een paar maanden geleden waren het de aardbevingen in Groningen die ‘Nederland Gasland’ op zijn grondvesten deden schudden. En er zijn protesten tegen het winnen van schaliegas. Dat alles laat zien hoe onzeker de toekomst van gas als energiebron is waarop Nederland een ‘gasrotonde’ wil bouwen.

Nederland maakt van oudsher elektriciteit niet alleen uit gas, maar ook uit kolen, kernenergie en olie. Dat was ‘de energiemix’ in het energiebeleid die moest zorgen voor voorzieningszekerheid. Maar op een Europese markt is het achterhaald om hier alle energiebronnen in huis te willen hebben. Regionale specialisatie werkt dan beter.

Voor Nederland leek gas op het eerste gezicht een logische keuze. Maar als de gasbel in Slochteren op is, dan is het maar de vraag of de Nederlandse gaskennis zo uniek is. Geografisch lijkt zo’n ‘gasrotonde’ al niet te passen in de (Noordwest-)hoek van Europa maar nu de steun voor gaswinning en gasopslag afneemt en importen uit Rusland onzekerder worden, is het al helemaal twijfelachtig.

Nederland heeft traditioneel een energie-intensieve industrie, zodat energieprijzen die niet internationaal uit de pas lopen van levensbelang zijn. Vandaar een sterke lobby voor een uitzonderingspositie in het Europese emissiehandelssysteem en veel aandacht voor het effect van de winning van goedkoop schaliegas in de VS op de concurrentie met ons.

Voor het gemak wordt voorbijgegaan aan de algemene problemen van de energie-intensieve industrie in heel Europa door verschuivingen van de groei naar Azië, Afrika en Zuid-Amerika. Daar helpen geen lagere energieprijzen tegen. Wél helpt specialisatie in kennisintensieve producten en diensten, waar de energieprijs niet zo’n rol speelt.

Betaalbaarheid van energie was een belangrijk argument om marktwerking in de energiesector voor burgers aantrekkelijk te maken. Het werd niet haalbaar geacht om zoals in Duitsland de kosten van duurzame energie direct door te berekenen aan alle burgers. In plaats daarvan werden er weinig succesvolle stimuleringsregelingen voor besparing en duurzame energie geïntroduceerd en weer gewijzigd. In de praktijk is nooit getest of Nederlandse burgers meer willen betalen voor de overgang naar schone energie. De huidige twijfels over gas zullen de bereidheid in ieder geval niet doen afnemen. En we hoeven ons vooralsnog geen zorgen te maken over de groeistuipen van het systeem in Duitsland op dit moment, want aan vergelijkbare percentages duurzame energie en bijbehorende kosten zit Nederland nog lang niet.

Als gas als inkomstenbron voor Nederland wegvalt en ‘schoon’ van belang blijft dan is de kernvraag – zoals het Planbureau voor de Leefomgeving terecht constateerde - hoe we ons geld kunnen verdienen bij die vergroening.

Daarvoor zijn twee routes. Eén is het opgeven van de energiesector als mogelijke inkomstenbron. Zonder gas in de grond is ons weinig zonnige, wel winderige maar dichtbevolkte landje niet de beste plek om energie op te wekken. We richten ons primair op import van een mix duurzame bronnen uit verscheidene landen. We kunnen dan verdienen aan sectoren die minder energie gebruiken, zoals diensten of de productie van hoogwaardige materialen in de industrie.

Nederland kan ook verdienen aan energie door zich nog meer toe te leggen op grootschalige import van gecertificeerde biomassa en hoogwaardig gebruik daarvan. Bijstook van biomassa in kolencentrales is misschien economisch voordelig, maar maakt weinig enthousiasme los bij burgers. Zonnepanelen daarentegen zijn duur, maar die meerprijs blijkt voor veel burgers overkomelijk als daar directe betrokkenheid en uitstraling van een groen imago tegenover staan. Energietransitie moet onderdeel zijn van een geloofwaardige strategie naar een groene economie. Aan de ene kant groene groei prediken en aan de andere kant onkritisch oproepen tot het kopen van huizen en auto’s, is dat niet. Ook moet er een goede exit-strategie komen voor Nederland gasland.