‘Voetgangers zijn op zebrapad hun leven niet zeker’

◯ Waar ◯ Grotendeels waar ◯ Half waar ◯ Grotendeels  onwaar ◯ Onwaar

Op de cover vanNew Scientist #11 (de Nederlandstalige editie)
Op de cover vanNew Scientist #11 (de Nederlandstalige editie)

De aanleiding

Je zal maar een voetganger zijn en over willen steken bij een zebrapad. Dan ben je je leven niet zeker, volgens De Telegraaf van maandag. „Wie op de beschermde oversteekplaats loopt, wordt in veel gevallen door automobilisten van de sokken gereden”, schrijft de krant, want „de verplichte voorrang wordt vaak genegeerd”. De voetganger is ‘vogelvrij’. Diverse websites (van Metro, Linda en PowNed) nemen het bericht over.

Ben je inderdaad je leven niet meer zeker op het zebrapad? Zoeken we uit.

En, klopt het?

We bellen met Cindy Esseling, woordvoerder van Veilig Verkeer Nederland (VVN), die wordt geciteerd in het stukje. Ze legt uit dat de VVN niet zomaar een klachtenlijn is, maar dat de VVN „samen met mensen aan de slag gaat om verkeersproblemen aan te pakken”. Ze beaamt dat de VVN klachten krijgt over doorrijden bij zebrapaden. „Maar wij houden geen cijfers bij.”

Wat was de aanleiding voor het bericht? „Geen idee”, zegt ze. „Wij hebben geen persbericht verstuurd. Het was een eigen onderzoek van De Telegraaf.”

We bellen met de verslaggever van De Telegraaf. Die mag van zijn chef niet meewerken aan onze rubriek. „Wij hebben strikte regels en daar moet ik mij helaas aan houden.”

We nemen contact op met de SWOV, de Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid – een onafhankelijk onderzoeksinstituut. Dat krijgt cijfers over verkeersongevallen via het Ministerie van Infrastructuur en Milieu. Het ministerie krijgt zijn data weer van ziekenhuizen, de politie en het Centraal Bureau voor de Statistiek.

Patrick Rugebregt van de SWOV staat ons te woord. Hij zegt niet te zijn benaderd door De Telegraaf. Rugebregt toont zich bereid te grasduinen in de dossiers. Een klein uur later stuurt hij een Excel-bestandje met een overzicht van aanrijdingen op zebrapaden met dood tot gevolg.

We beginnen in 2000: tien doden. In 2001 waren het er dertien – het hoogste aantal dodelijke slachtoffers in een jaar tot en met 2012. In 2003 waren het er drie. 2011: negen doden. En in 2012: acht. Gemiddeld zijn het zeven doden per jaar. Van 2013 zijn er nog geen gegevens.

Van een toename is geen sprake. „Geen cijfers om grote conclusies uit te trekken”, aldus Rugebregt.

Hij heeft nog meer cijfers. Voetgangers die omkomen in het verkeer, overlijden in ongeveer 32 procent van de gevallen na een aanrijding in de buurt van een oversteekplaats. Maar dat is ook niet zo gek, zegt Rugebregt. „De kans dat je daar in botsing komt is daar nu eenmaal het grootst, omdat dat de plek is waar de meeste mensen oversteken. Het zegt niets over de onveiligheid van oversteekplaatsen.”

Conclusie

Volgens De Telegraaf zijn voetgangers hun leven niet zeker op zebrapaden. Auto’s verlenen volgens het ochtendblad geen voorrang meer en, dus, ja, nu worden voetgangers „in veel gevallen door automobilisten van de sokken gereden”. Uit cijfers van de SWOV, dat verkeersslachtoffers bijhoudt, blijkt dat er tussen 2000 en 2012 gemiddeld zeven dodelijke slachtoffers waren. Van een toename is geen sprake, en cijfers over het afgelopen jaar zijn er nog niet. We beoordelen de stelling als onwaar.