Dit is een artikel uit het NRC-archief De artikelen in het archief zijn met behulp van geautomatiseerde technieken voorzien van metadata die de inhoud beschrijven. De resultaten van deze technieken zijn niet altijd correct, we werken aan verbetering. Meer informatie.
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Over God of je identiteit hoef je geen compromis te sluiten

Globalisering maakt burgers machteloos, zegt de Bulgaarse politicoloog Krastev. Dat leidt tot proteststemmen – tegen Europa en vóór eigen identiteit. Bij de Europese verkiezingen, in mei, kan het wantrouwen weleens exploderen.

Foto HH

Jarenlang hoorde de Bulgaarse politicoloog Ivan Krastev Europeanen verzuchten: „Hadden we nog maar een vijand, zoals tijdens de Koude Oorlog. Dan hadden we meer saamhorigheidsgevoel in Europa.”

Maar nu er eindelijk een soort boeman opduikt, in de figuur van de Russische president Vladimir Poetin, ziet Krastev de Europeanen de rangen niet sluiten. Integendeel. „Een van de interessante aspecten van de crisis rondom Oekraïne is dat een aantal Europese extreemrechtse of populistische protestpartijen het opneemt voor Poetin. Ze protesteren samen met hem tegen het ‘same sex bolwerk’”, zegt hij met een verwijzing naar de westerse homorechten. „En zijn allemaal uit op de ontrafeling van de Europese Unie. Het is één grote coalitie van ongenoegen.”

Erg optimistisch over Europa is Krastev kortom niet. In de stille, halfduistere bibliotheek van het Instituut voor Menswetenschappen in Wenen (IWM), waar hij permanent fellow is, vertelt hij dat de huidige malaise in Europa in zijn ogen in één woord te vangen is: wantrouwen. Hij schreef er een lang essay over, In Mistrust We Trust. Het is tevens het onderwerp van een debatavond in De Balie, volgende week in Amsterdam. „Kiezers wantrouwen politici. Politici wantrouwen hun eigen beleid. Niemand heeft een werkbaar alternatief. Wij zijn bezig de democratie uit te hollen. Poetin verandert niets aan dat proces.”

Waarom wordt onze democratie uitgehold?

„Dat komt door de globalisering. De politiek is nationaal, in alle Europese landen. Maar op macro-economisch beleid hebben nationale regeringen weinig invloed meer. Zolang alles goed gaat, is dit geen probleem. Dan kunnen regeringen zeggen dat ze het goed doen. Maar als de economie crasht, is er bitter weinig wat individuele Europese regeringen kunnen doen. Ze staan machteloos. In Europa moet iedereen na vijf jaar economische en financiële crisis aan begrotingsdiscipline doen, maar bijna niemand gelooft daar echt in.

„Margaret Thatcher sneed destijds keihard in de begroting en verdedigde dit als the right policy. Ze ging ervoor. Nu verdedigen regeringen dit beleid niet. Ze zeggen alleen: het moet van Brussel. Of: er is geen alternatief. Of ze mompelen iets over ‘de markten’. Dat overtuigt geen hond. Dus stemmen mensen die regeringen bij de volgende verkiezingen weg. Maar de nieuwe regering voert exact hetzelfde beleid. Verkiezingen brengen nieuwe koppen, maar geen nieuw beleid.”

Burgers vragen zich af: waar is onze macht gebleven?

„Natuurlijk. Ze voelen dat de macht elders ligt, maar ze weten niet waar. Dus ze zeggen: ‘Wat is dit voor democratie?’ Ze proberen weer controle over de politiek te krijgen. Eén van de uitingen van die onmacht is de roep om meer transparantie. Politici en ambtenaren moeten elk bonnetje verantwoorden. Iedere bespreking moet tot in de details openbaar worden gemaakt. Burgers hebben nog nooit zo’n kort lontje gehad. Ze willen alles weten en dubbelchecken op hun laptops en smartphones. Iedereen is verontwaardigd dat veiligheidsdiensten en bedrijven als Google en Amazon alles over ons weten. Maar burgers spelen zelf evengoed Big Brother. Ze zijn zo kritisch dat ze politici het leven bijna onmogelijk maken.”

Hoort wantrouwen niet bij democratie?

„Jawel, het is zelfs essentieel. We moeten onze leiders controleren. Maar we hebben ook vertrouwen nodig. We hebben instituties, we kiezen parlementariërs die namens ons bepaalde standpunten innemen. Als we deze instituties en elites het functioneren onmogelijk maken, wordt het destructief. Dat stadium bereiken we nu.”

In Nederland was het privéleven van een burgemeester afgelopen winter wekenlang nieuws.

„Dat is precies wat ik bedoel. In een democratie hoort het debat te gaan over het soort samenleving waarin burgers willen leven. Een groot deel van dit debat kunnen politici niet meer voeren, omdat je daar conflicterende visies voor nodig hebt. Maar die visies zijn er niet, want wat politici denken en vinden doet er niet meer toe. Dus krijgt de politiek een andere wending. Ze gaat niet meer om wereldbeelden en hoe je van die wereldbeelden een synthese smeedt, maar om het beheersen van wantrouwen. Politici steken steeds minder energie in het ontwikkelen van een inhoudelijke visie, en steeds méér energie in pogingen om dat wantrouwen binnen de perken te houden. Sommigen zeggen: dit is geen politiek, dit gaat nergens meer over. Waarom zouden we ons opwinden over al die schandaaltjes? Ze hebben gelijk natuurlijk. Maar de realiteit is dat die schandaaltjes de nieuwe politiek zijn geworden.”

Zullen mensen zich van de politiek afwenden?

„Nee, je krijgt een ànder soort politiek die Europa ondermijnt. Want wat gebeurt er als je de economie en rationele debatten over de samenleving uit de politiek haalt? Dan houd je maar één ding over: de politiek van de identiteit. Je ziet het aan alles. Kijk naar de Schotten en de Catalanen, die onafhankelijkheid willen omdat ze ‘anders’ zijn. Kijk naar anti-immigratiepartijen, die steeds beter scoren. Kijk naar Oekraïne, waar de vorige machthebbers Europa voorstelden als Sodom, een soort rijk van homo’s en lesbiennes. De vorige premier beweerde zelfs dat de EU homohuwelijken in Oekraïne wilde introduceren.

„Er is in Bulgarije een grap over de jongeman die tegen zijn vader zegt: ik ben gay. Vraagt de vader: rijd je een Mercedes, woont je vriendje in Parijs? Nee, antwoordt de zoon. Waarop de vader zegt: o, gelukkig. Dan ben je gewoon homo. Dat is het imago van Europa.”

Waarom ondermijnt dit Europa?

„Omdat Europa een rationeel project is, dat draait om compromissen. Als de politiek over de economie gaat, kan iedereen met zijn eigen belangen aankomen. Daarover ga je vervolgens onderhandelen. Daarbij probeert iedereen elkaar te overtuigen. Over de begroting kun je compromissen sluiten. Maar over God of je identiteit niet. Religieuze of identiteitspolitiek gaat niet over belangen maar over passie. Over sentimenten. En de protagonisten van die nieuwe politiek waarin passies de boventoon voeren, zijn allemaal eurosceptisch: Marine Le Pen, Geert Wilders, Nigel Farage. In elk land zijn zij de verzamelaars van de anti-stem en de anti-rationele politiek. De Britse denktank Demos heeft laatst onderzoek gedaan naar extreme opvattingen. Wat blijkt? Mensen die deze opvattingen hebben, hebben economie onderaan de agenda staan. Identiteit staat bovenaan.”

Net als voor Poetin?

„Precies. Europeanen hebben altijd gezegd: de val van de Muur is goed voor ons én voor de Russen. Win-win. Iedereen blij. Maar veel Russen hebben dat nooit zo gevoeld. Die voelden zich wel degelijk verliezers. En ze mochten daar niet eens over rouwen. Dat komt nu boven. Wat Poetin drijft, is gekrenkte trots. Zakenbelangen zijn secundair. Eurosceptici komen helemaal van een andere kant, maar worden net als Poetin gedreven door puur sentiment en niet door inhoudelijke argumenten. Ik houd mijn hart vast voor de Europese verkiezingen in mei.”

Kan winst voor deze protestpartijen de middenpartijen niet juist versterken, omdat het ze dwingt beter samen te werken?

„Die redenering heb ik ook gehoord, maar ik geloof er niets van. Dit is, alweer, te rationeel gedacht. Ik vrees dat de avond van de uitslagen van de Europese verkiezingen een politiek keerpunt wordt. Dat kan het moment worden waarop kiezers in Nederland en andere Europese landen ontdekken: ‘Onze stem heeft impact, want kijk, in Frankrijk en Bulgarije stemmen ze net zo!’ Nu gelooft niemand dat Europa desintegreert. Net zoals niemand gelooft dat er ooit nog oorlog komt, omdat wij daar ‘boven’ staan. Wel, op die avond in mei zullen mensen opeens beseffen dat Europa wel degelijk uiteen kan vallen.”

Overdrijft u niet?

„Nee. Ik heb de oorlog in Joegoslavië en het uiteenvallen van de Sovjet-Unie van dichtbij meegemaakt. Ik kan u zeggen: tot 1991 hielden de meeste Joegoslaven het absoluut niet voor mogelijk dat hun land uiteen zou vallen. Er werd over gesproken, maar tot op het laatste moment voerden rationele argumenten de boventoon, zoals ‘Er staat economisch te veel op het spel’. Idem dito voor de Sovjet-Unie. Toen ik laatst voor de Europese Commissie een seminar moest organiseren over de toekomst van Europa, heb ik Sovjet-experts uitgenodigd. Van hen kunnen we veel leren.”

Wat dan?

„De politieke logica van desintegratie. Wat met de Sovjet-Unie is gebeurd, kan met de EU gebeuren. Er komt een moment waarop mensen gaan gokken, net als met de banken. De stemming over Europa is al een poos aan het keren. Wat velen niet beseffen: niemand verdedigt de status quo. Zelfs veel rechtse en liberale politici niet, die tien jaar geleden nog enthousiast pleitten voor een Europa zonder grenzen en de liberalisering van alles. Nu hebben we dat Europa, en hebben we geliberaliseerd wat we konden – en zij zijn de eersten om het te bekritiseren.”

Ontvluchten zij het schip?

„Sommigen ontdekken dat ze zich vergist hebben. Anderen zijn opportunistisch. Niemand wil zich met een crisis identificeren, of met een mislukking. Nu velen het tij in Europa zien keren, lopen ze alvast over naar de andere kant. Niemand wil achteraf hoeven zeggen: ‘Ik heb het fout ingeschat’. Daarom verdedigen weinigen Europa meer. Diegenen die dat nog doen, doen het eigenlijk nóg niet. Alles wat zij zeggen is: ‘Ja, maar er is geen alternatief’. Demonstranten in Kiev bejubelden de Europese Unie om wat het is: het grootste vredesproject aller tijden, dat ons immense welvaart heeft gebracht. Zelf krijgen we het niet meer over onze lippen.”

Ziet Poetin Europa als zwak?

„Donald Rumsfeld, de Amerikaanse oud-minister van Defensie, heeft eens gezegd: „Weakness can invite agression”. Poetin veracht de Europese Unie. Hij heeft laten zien dat je met keihard machtsvertoon geopolitiek successen kunt boeken, althans op korte termijn. Als íemand gokt op het eind van de globalisering en het inzakken van de EU, is het Poetin. Dat stelt hem in staat zijn invloedssferen opnieuw te definiëren.”

Verwachten Europeanen te veel van de Europese Unie?

„Ja. En veel van die verwachtingen zijn tegenstrijdig. Eerst was het een vredesproject, nu verwijt men de EU dat ze geen vuist maakt. Maar hoe kun je een vuist maken als soevereiniteitsoverdracht zo impopulair is? We draaien in een kringetje rond. Europeanen zoeken een nieuwe bestaansgrond voor Europa, maar vinden niets. Als vredesproject heeft de EU afgedaan, omdat mensen vrede intussen als basisgegeven beschouwen en oorlog als een onmogelijkheid zien. Ook de economische bestaansgrond wordt zwakker, doordat de levensstandaard van veel burgers door de economische crisis terugloopt en zij concluderen dat zij dus niet beter worden van de interne markt. Het derde argument, van de EU als ‘convergentiemachine’ die rijkdom van rijkere delen distribueert naar armere delen, verdampt ook. Zelfs als Griekenland er bovenop komt, kan het tien jaar of langer duren voor het terug is op het niveau tijdens de toetreding.’’

Is de EU te redden?

„Misschien, maar dan moeten mensen die de boel niet kapot willen laten vallen eindelijk hun mond opendoen. En liefst vóór de verkiezingen in mei. Ik heb één goede raad voor hen, en dat vertel ik ook aan alle politici die advies komen vragen: hou op je tegen de natiestaat te verzetten, want dan verlies je het. Omárm de natiestaat. Maar laat tegelijkertijd zien dat bepaalde problemen niet op nationaal niveau opgelost kunnen worden omdat ze internationaal zijn. Europa is niet tegen de natiestaat. Europa is het beste antwoord dat Europese natiestaten hebben op de globalisering. Zonder Europa hebben individuele landen, zeker de kleine landjes als Nederland, geen enkele kans op het wereldtoneel. Mét Europa wel.”

Is dit niet precies zo’n rationele boodschap die niet meer overkomt?

„Ik vestig mijn hoop op één ding: hier zit tenminste een positieve lading in. De populisten hebben niets te bieden, behalve het simplistische verhaal dat Brussel corrupt is en te hoge salarissen betaalt. Zij bieden geen enkel alternatief. Wat doen we zonder EU? Hoe gaan we onze problemen te lijf, die steeds meer grensoverschrijdend zijn? Wie sturen we om bij de G20 te onderhandelen: 28 regeringsleiders die allemaal de grenzen dicht willen gooien? Come on. Er is nog een kans om Europa door deze crisis heen te trekken. Dat is misschien een ander Europa dan we tot nog toe hebben gekend. Maar dat is okay. Alles verandert, dus de EU ook. Heel Brussel zit vol pro-Europeanen die vinden dat de EU niet goed functioneert. Het zijn niet alleen de populisten die kritisch zijn op Europa. Het is goed dat burgers dat óók eens ontdekken.”