Happy hookers bestaan niet, zegt hij

Hij heeft een ideaal: gedwongen prostitutie de wereld uit. Maar hoe realistisch is zijn streven vrouwenhandel uit te bannen?

Gert-Jan Segers: „Voor een grote groep vrouwen heeft legalisering juist voor een grote onvrijheid gezorgd.” Foto Olivier Middendorp

Gert-Jan Segers wijst op een raam met rode gordijntjes waaruit zojuist een bezwete man naar buiten is komen lopen. „Eigenlijk is het een kamertje van niets, hè.” We staan op het Oudekerksplein, het kloppend hart van de Amsterdamse Wallen. Zojuist heeft Segers een rondleiding gehad door de hoerenbuurt.

Segers’ gids is Frits Rouvoet, een christelijke welzijnswerker die prostituees helpt met ‘uittreden’. Rouvoet, de broer van oud-ChristenUnie-leider André, kent iedereen op de Wallen: opgewekt zwaait hij naar verschillende dames achter de ramen. „Deze hier is een kiene meid”, zegt hij over een meisje in een fluorescerend groene string. „Komt uit Albanië. Opgeleid tot advocaat, maar toch hier terechtgekomen.”

Segers oogt wat minder op zijn gemak tijdens de wandeling. Anders dan Rouvoet, zegt hij, komt hij niet dagelijks op de Wallen. Sterker nog, hij zou het liefst willen dat dit allemaal verdwijnt. Sinds hij anderhalf jaar geleden Tweede Kamerlid werd voor de ChristenUnie, heeft hij een missie: het uitbannen van prostitutie in Nederland.

Nieuw is Segers’ ideaal niet. In christelijke kringen – zelf is hij opgegroeid in een bevindelijk-gereformeerd milieu – heeft altijd een afkeer bestaan tegen het Nederlandse prostitutiebeleid. De afschaffing van het bordeelverbod, veertien jaar geleden door het tweede paarse kabinet, wordt daar nog altijd beschouwd als een overwinning van doorgeschoten vrijheidsdrang en anti-christelijk revanchisme.

Maar anders dan orthodox-christelijke politici vóór hem bepleit Segers zijn zaak niet in de eerste plaats met religieuze argumenten. Natuurlijk, Gods woord is leidend: hoerenlopen mag niet, het is „een verkeerde beleving van seks”. Maar in zijn dagelijks politiek handelen legt Segers de nadruk op een heel andere kwestie: mensenhandel. Hij ontdekte dat het beter werkte „om in de praktijk te beginnen”. Dus wil hij binnenkort een wetsvoorstel indienen dat seks met gedwongen prostituees strafbaar stelt.

De legalisering van prostitutie, zegt Segers, heeft allerminst gezorgd voor een ‘schone’ sector met zelfstandige, belastingbetalende happy hookers – zoals het paarse kabinet destijds hoopte. Op de Amsterdamse Wallen en in andere hoerenbuurten is volgens hem sprake van „moderne slavernij”. „Voor een grote groep vrouwen heeft legalisering juist voor een grote onvrijheid gezorgd.” Slechts 15 procent van de prostitutie in Nederland is werkelijk legaal, zegt hij, tweederde van de vrouwen komt uit het buitenland, meer dan helft werkt onvrijwillig in de sector.

Er is nog iets dat Segers onderscheidt van zijn politieke voorgangers: hij is bereid de hand uit te steken naar andersdenkenden. Samen met fractiegenoten als Carola Schouten en Joël Voordewind vormt hij de voorhoede van een nieuwe generatie orthodox-christelijke politici: diepgelovig, maar open richting het ‘liberale’ volksdeel en soepel in de omgang met de seculiere media.

Een verrassende bondgenoot is bijvoorbeeld de feministische publiciste Renate van der Zee, auteur van het pamflet Prostitutie. De waarheid achter de Wallen. Vanuit een heel ander gedachtengoed kwamen ze tot dezelfde conclusie: het huidige prostitutiebeleid kent meer nadelen dan voordelen. „We verschillen van mening over veel andere zaken, maar hier trekken we samen op”, zegt Van der Zee. Grinnikend: „Ons motto is: over abortus hebben we het nog wel een keer.”

Gert-Jan Segers (44) groeide op in Lisse en Leeuwarden, in een gezin van SGP’ers. Na een studie politicologie in Leiden werkte hij in de jaren negentig voor de Tweede Kamerfractie van de RPF, een van de voorlopers van de ChristenUnie.

In die tijd schreef hij ook de eerste van twee romans, die in christelijke kring nog altijd goed worden gelezen. Voordat hij Kamerlid werd, was hij directeur van het wetenschappelijk bureau van de ChristenUnie.

De kiem van Segers’ strijd tegen prostitutie ligt in de zeven jaar die hij doorbracht in Egypte namens de Gereformeerde Zendingsbond, als directeur van een christelijk vormingscentrum. „Daar werd ik voor het eerst geconfronteerd met uitbuiting. Meisjes die als huishoudslaaf werden gebruikt. Ze mochten de deur niet uit, hun paspoort werd afgepakt.”

Wat is Segers’ strijdplan? Als vertegenwoordiger van een niet-liberale minderheid in samenleving en parlement hanteert hij een politiek van kleine stapjes. Zijn aanstaande wetsvoorstel over seks met gedwongen prostituees is het eerste stapje.

Uiteindelijk zou Segers willen dat Nederland kiest voor het ‘Zweedse model’, dat de hoerenloper strafbaar stelt. In Zweden is het aantal prostituees, en dus ook de misstanden in de sector, flink afgenomen, zegt Segers. „Eigenlijk is het heel simpel: zonder vraag geen aanbod.” Het succes van die aanpak wordt door anderen, onder wie de Nationaal Rapporteur Mensenhandel, overigens betwist: in Zweden is prostitutie weer ondergronds gegaan, zeggen ze. Segers zegt dat „de onderzoeksresultaten niet eenduidig” zijn.

Is de politiek klaar voor zo’n ommezwaai? Kamerleden hebben niets dan lof voor Segers. Hij is een „bekwaam politicus” die met „open vizier” en „oprechte betrokkenheid” strijdt voor zijn idealen. Die idealen worden door iedereen in de Kamer, van links tot rechts, gedeeld: welke politicus is er nou niet tegen uitbuiting en mensenhandel in de prostitutie?

Maar over de manier waarop Segers zijn doel wil bereiken – via het strafrecht – is er nog aardig wat scepsis. „Zo’n verbod op seks met een gedwongen prostituee valt niet te handhaven”, zegt Liesbeth van Tongeren van GroenLinks. „Dan moet je rechtszaken gaan voeren over een state of mind.” Prostitutie is van alle tijden, zeggen bijna alle partijen, het is een illusie om te denken dat het ooit zal verdwijnen. „Ik vind prostituee geen normaal beroep”, zegt Magda Berndsen (D66). „Maar het ís een beroep.”

Cruciaal voor het slagen van Segers’ missie zal de opstelling zijn van de PvdA. In die partij, ooit een bolwerk van libertijnen, begint steeds meer aandacht te ontstaan voor de nadelen van legale prostitutie. Een doorbraak leek op handen toen het PvdA-Kamerlid Myrthe Hilkens vorig jaar bekend maakte Segers’ initiatief te steunen. Ze gingen samen op werkbezoek naar Zweden, een cameraploeg van de EO in hun kielzog. Maar afgelopen zomer verliet Hilkens de politiek. Haar opvolgster, Marith Rebel, wil eerst alle bestaande wetgeving bestuderen. Toch lijkt een besluit van de PvdA-fractie ophanden.

Steun of geen steun van de PvdA – Segers dient zijn wet in. De tijd is er rijp voor, zegt hij. Frankrijk heeft eind vorig jaar ook het ‘Zweedse model’ ingevoerd. In Duitsland woedt een heftig debat over de nadelen van prostitutie, aangezwengeld door een prominente feministe. „Het gaat om een principiële keuze: voor welke groep vrouwen maak je je sterk? Liberale partijen denken vooral aan de kleine groep zelfstandige prostituees. Ik ben bereid hun vrijheid in te perken om een grote groep uitgebuite vrouwen te helpen.”

Ook Renate van der Zee denkt dat Segers er uiteindelijk in zal slagen het Nederlandse prostitutiebeleid bij te sturen. „Gert-Jan is geen Don Quichote. Hij verkondigt een mening die in Europa gemeengoed aan het worden is. Vroeger of later zal Nederland overstag gaan.”