We beginnen het nu te merken

Vandaag verschijnt een nieuw rapport van klimaatpanel IPCC // In duizenden pagina’s alle kennis over klimaatverandering gecombineerd // Arme landen worden het zwaarst getroffen

Foto AFP

De gevolgen van klimaatverandering zijn inmiddels op veel plekken op aarde zichtbaar en voelbaar. En het wordt in de komende decennia moeilijker voor landen om zich aan de opwarming aan te passen. Dat zijn de belangrijkste conclusies van een nieuw rapport van het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC), waarover vanmorgen in het Japanse Yokohama een akkoord is bereikt.

Wat doet het IPCC?

Het IPCC is geen wetenschappelijk panel, maar een organisatie die werkt onder de vlag van de Verenigde Naties. Het IPCC vat iedere vijf tot zeven jaar alle kennis op het gebied van klimaatverandering samen. Vele honderden klimaatwetenschappers van overal op de wereld werken er (onbezoldigd) aan mee. Het levert rapporten op van duizenden pagina’s met de nieuwste wetenschappelijke inzichten over klimaat. Maar omdat geen beleidsmaker die ooit zal lezen, wordt een handzame samenvatting gemaakt met de belangrijkste conclusies. Over de precieze formuleringen in die samenvatting wordt onderhandeld (waarbij de wetenschappers uiteindelijk het laatste woord hebben). Zo wordt ervoor gezorgd dat alle landen het over de tekst eens zijn, waardoor die als uitgangspunt kan dienen voor internationale klimaatonderhandelingen.

Is iedereen het eens met het IPCC?

Sommige landen vinden de uitspraken van de wetenschappers vaak veel te alarmistisch, anderen vrezen juist dat het IPCC de situatie te rooskleurig voorstelt. Die visie hangt nauw samen met economische belangen. Landen die bijvoorbeeld zelf olie produceren of veel steenkool gebruiken, proberen de risico’s te bagatelliseren. Landen waar de gevolgen van klimaatverandering nu al voelbaar zijn, pleiten voor hardere waarschuwingen. Uiteindelijk hebben alle landen zondag de tekst goedgekeurd.

En, is het allemaal kommer en kwel in het rapport?

Dat hangt ervan af waar je woont. In Europa zijn de gevolgen van klimaatverandering de komende decennia wel te overzien. En zijn wel risico’s, zoals een tekort aan water in de zomer, meer hittegolven, overstroming van rivieren en zeespiegelstijging, maar de meeste Europese landen hebben voldoende financiële middelen en kennis om zich daaraan aan te passen. Elders op de wereld zullen de veranderingen in het klimaat waarschijnlijk ingrijpender zijn: extreme droogte, langdurige hitte, zwaardere overstromingen. Het IPCC vreest dat de armste landen het zwaarst worden getroffen, en zij hebben niet de middelen om zich aan te passen. Vooral een haperende voedselvoorziening kan daarvan het gevolg zijn.

Het lijkt erop, stelt het rapport, dat de tarwe- en maïsproductie nu al te lijden hebben onder klimaatverandering. Mislukte oogsten in de afgelopen jaren, zoals in de Verenigde Staten, China en Rusland, hebben mede geleid tot grote prijsschommelingen.

Kunnen we ons niet gewoon aanpassen aan een nieuw klimaat?

Dat is tot op zekere hoogte heel goed mogelijk. Maar het wordt moeilijker als de temperatuur blijft stijgen. Bovendien zijn er gevolgen waar eigenlijk niets tegen gedaan kan worden. Zo verdwijnt veel van de kooldioxide die wij produceren in de oceanen. Die verzuren daardoor en dat is, in combinatie met een stijgende temperatuur van het oceaanwater, slecht voor koraalriffen. Wereldwijd is ongeveer een vijfde van alle koraal nu al afgestorven.

En wat gebeurt er in Nederland?

Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) schrijft in een reactie op het IPCC-rapport dat Nederland in de zomer meer last krijgt van droogte. Daardoor kan bijvoorbeeld een tekort ontstaan aan koelwater voor energiecentrales. In combinatie met een stijging van de zeespiegel kan meer zout water het land binnendringen. Dat is weer slecht is voor de landbouw. In de winter neemt juist het gevaar voor overstromingen toe.

    • Paul Luttikhuis