Trouwen? Niet voor deze priester

Homo’s mogen sinds dit weekend trouwen in Engeland Alleen voor anglicaanse geestelijken blijft het homohuwelijk ‘ongeschikt gedrag

Pastoor Andrew Cain en zijn verloofde Stephen.

Sinds dit weekend mag iedereen in Engeland en Wales trouwen. Bijna iedereen. Voor homoseksuele anglicaanse geestelijken blijft het homohuwelijk „ongeschikt gedrag”, zo waarschuwden de bisschoppen van de Church of England vorige maand. Hun heteroseksuele collega’s mogen wél trouwen.

„Terwijl het mijn wettelijke recht is”, zegt pastoor Andrew Cain (50). En belangrijker voor hem: zijn partner Stephen heeft ‘ja’ gezegd. Ze maken plannen voor een bruiloft in juni. Iets kleins, met de wederzijdse familie, het stadhuis, een diner na afloop en een feestje voor de gemeente in de tuin van de pastorie van St Mary’s With All Souls in Noord-Londen.

Maar uitgerekend op de dag nadat hij zijn verloving aankondigde op Twitter, kwamen de bisschoppen met een verklaring: „We zijn het erover eens dat het christelijke begrip en de doctrine van het huwelijk als een levenslange verbintenis tussen één man en één vrouw onveranderd is. Trouwen met iemand van hetzelfde geslacht is duidelijk in tegenspraak met de leer van de kerk.” Nu zet Cain zijn roeping op het spel voor de liefde.

Dat de Church of England moeite heeft met het homohuwelijk was al tijdens de behandeling van het wetsvoorstel in het Hogerhuis, waar de bisschoppen zitting hebben, duidelijk. Dus werd er een uitzondering gemaakt voor de staatskerk: anglicaanse geestelijken zullen géén homohuwelijken sluiten, en kunnen niet voor discriminatie worden aangeklaagd. Wel kunnen homostellen ná hun burgerlijk huwelijk een individuele ‘bevestiging’ (geen zegen) van hun lokale priester ontvangen – mits die geen bezwaar heeft.

Voor de leeuwen gegooid

De anglicaanse kerk, zegt pastoor Cain, was van oudsher vrijzinnig. „Maar terwijl de maatschappij liberaler werd, is de kerk conservatiever geworden”, zegt hij. „Toen ik in 1986 werd geselecteerd voor de priesteropleiding, was mijn seksualiteit geen onderwerp. Niemand vroeg ernaar, niemand bekommerde zich erom.” Het prikbord van St Mary’s vermeldt Stephen gewoon als zijn partner.

Ergens in de jaren 90 veranderde die liberale houding, zegt hij. „De wijding van vrouwen legde de nadruk op theologische verschillen binnen de kerk. Voor sommigen is het onaanvaardbaar dat een vrouw een priester is, laat staan een bisschop. Die strijd is na jaren van discussie verloren nu de eerste vrouwen wellicht eind dit jaar worden gewijd. Dus nu worden wij voor de leeuwen gegooid.”

Want vanuit conservatieve hoek is er een grote brievencampagne gaande om homoseksuele geestelijken die toch trouwen uit het ambt te zetten. De bisschoppen houden vooralsnog „pastorale gesprekken” – Cain moet binnenkort bij de zijne komen – maar er wordt gevreesd voor disciplinaire maatregelen. De campagnegroep Changing Attitudes waarschuwt homoseksuele geestelijken (naar schatting 10 procent van de ruim 20.000) om hun vakbondsvertegenwoordiger mee te nemen bij een gesprek met de bisschop. De meesten willen niet met de media praten uit angst voor repercussies. Een collega van Cain krabbelde op het laatste moment terug.

Wat Jezus deed

Cain wil geen boegbeeld worden van opstandige priesters. Maar hij hoopt door eerlijk en open te zijn over zijn huwelijksplannen te laten zien dat hij niet anders is dan zijn heteroseksuele collega’s. En dat er wellicht voorzieningen worden getroffen zoals voor vrouwelijke priesters – gemeenten die écht geen vrouw willen, krijgen altijd een mannelijke voorganger. Dat zou ook kunnen bij getrouwde homoseksuelen.

„Maar eigenlijk moet de Church of England een voorbeeld geven. Dat is wat Jezus deed. Die zei niet ‘laten we uitgebreid discussiëren’”, zegt Cain in een verwijzing naar de bisschoppen, die hebben aangegeven ‘faciliterende gesprekken’ te willen houden over de toekomst van homoseksuelen binnen de kerk.

Hij vreest dat de Church of England „irrelevant” wordt, zowel voor gelovigen als voor diegenen die een roeping hebben: „Jonge homo’s zullen niet met de kerk willen worden geassocieerd. Waarom zouden ze, als ze zo onwelkom zijn? Terwijl we echt aardige mensen zijn.”

En nee, het geregistreerd partnerschap is onvoldoende. Dat mogen anglicaanse geestelijken wel sluiten en aangaan, de kerk erkent het bestaan ervan. Maar Cain moet lachen als hem ernaar wordt gevraagd. „Omdat het geen huwelijk is, en je geen seks mag hebben buiten het huwelijk, word je geacht binnen het partnerschap celibatair te blijven. Natuurlijk liegt iedereen daarover.”