Sopraan Emma Bell straalt in Beethovens opera ‘Fidelio’

Beethovens enige opera Fidelio (1805-1814) heette aanvankelijk Leonore, kent drie versies en vier ouvertures. Daarna ontstond nog ergernis over de lange gesproken dialogen. De ZaterdagMatinee presenteerde nu een versie met tussenteksten uit Rocco’s Erzählung (1985) van Walter Jens, gesproken door de zanger Stefan Rehm. Rocco is de bewaker van de politieke gevangene Florestan die na jaren uit zijn kerker wordt bevrijd door zijn onverschrokken vrouw Leonore. Zo stonden nu twee Rocco’s op het podium: het personage en de verteller, wiens analytische en commentariërende teksten de uitvoering meer urgentie gaven.

Fidelio, een stevig statement tegen tirannie en een proclamatie van de vrijheid, is moreel en muzikaal een fundament onder de Negende symfonie met het Alle Menschen werden Brüder. Als geheel kende deze uitvoering o.l.v. Gerrit Priesznitz echter weinig typisch beethoveniaanse felheid en oproerigheid. Het klonk vooral lyrisch, waardoor het drama verloor aan huiveringwekkendheid. Zelfs het Gott, welch Dunkel hier van de fraaie tenor Burkhard Fritz was vooral een gebed, geen gekwelde klacht. Ook het jubelende slotkoor kon extatischer.

Er werd uitstekend gezongen door Oliver Zwarg (Pizarro), Dimitry Ivasjenko (Rocco) en Sofia Fomina (Marzelline). De gevierde ster van de middag was de Britse sopraan Emma Bell als een fenomenaal krachtige Leonore: gedreven, emotioneel en glorieus stralend.

    • Kasper Jansen