Japan moet voorlopig stoppen met walvisvaart

Foto AP / Tim Watters / Sea Shepherd Australia

De walvisvaart van Japan kan niet meer onder de dekmantel van de wetenschap doorgaan. Het Internationaal Gerechtshof heeft geoordeeld dat het land de jacht op walvissen voorlopig een halt moet toeroepen, meldt persbureau AP.

Update 12.48 uur: Japan respecteert de beslissing van het Gerechtshof, meldt persbureau AFP.

De rechtbank van de Verenigde Naties buigt zich al sinds 2010 over de vraag of de walvisvaart van Japan in de wateren rond Antarctica in strijd is met internationale afspraken. De jacht op de zoogdieren is verboden, behalve als die bedoeld is voor wetenschappelijke doeleinden.

Moratorium walvisjacht

Op de beesten werd namelijk zo veel gejaagd, dat walvissen in hun voortbestaan werden bedreigd. Om te voorkomen dat ze zouden uitsterven, richtten in 1946 15 landen met een walvisvloot – waaronder Nederland – de International Whaling Commission op. De IWC bepaalde voortaan hoeveel walvissen haar leden mochten vangen, schrijft onze correspondent Dolf de Groot in nrc.next.

Toen duidelijk werd dat het aantal walvissen verder afnam, stelde de IWC in 1986 een tijdelijk verbod in op het vangen van walvissen. Dat moratorium is nog steeds van kracht.

Het verbod is niet waterdicht. Vangst voor wetenschappelijke doeleinden is wél geoorloofd. Japan maakte al snel gebruik van die mogelijkheid.

Japan gaat zich nu waarschijnlijk beraden op zijn lidmaatschap van de IWC, zegt Floris van Straaten, die voor NRC bij de uitspraak van het Gerechtshof was.

“Het respecteren van internationaal recht is een belangrijk element van de buitenlandpolitiek van Japan. Zij zouden de walvisjacht niet meer op grond van dezelfde wetenschappelijke doeleinden voortzetten. Maar het is niet uit te sluiten dat ze een manier vinden om op kleinere schaal door te gaan.”

“Duurzame walvisvangst”

Onderzoek zou onder meer een goed beeld geven van de populatie walvissen. Daarnaast wil de Japanse regering aantonen dat duurzame walvisvangst mogelijk is, aldus De Groot. Ondertussen wordt het vlees van de walvissen gebruikt voor dure sushi, voor walvisbiefstuk en -bacon en voor lunch van schoolkinderen.

Maar volgens talrijke critici fungeert het onderzoek als dekmantel voor commerciële walvisvangst. De gedode walvissen leveren in Japan veel geld op. Uit een intern rapport van het instituut dat de Japanse walvisvangst coördineert bleek dat het Institute of Cetacean Research in 2013 voor 2 miljard yen (14 miljoen euro) aan vlees van beschermde walvissen had verkocht.

Australië probeert de walvisvangst al jaren te bestrijden. Want de toerismebranche in Australië profiteert juist van het “walvistoerisme”, dat zo’n 300 miljoen Australische dollar (zo’n 200 miljoen euro) per jaar oplevert. Daartoe had het land ook deze zaak aangespannen bij het Gerechtshof.

De jaarlijkse walvisjacht is net voorbij. Volgend jaar moet rond de aanvang van het nieuwe jachtseizoen in januari blijken of Japan een maas in de wet heeft gevonden om op kleinere schaal door te gaan.

Lees het hele artikel (€): Voor de wetenschap (en voor in de sushi)

Het hele vonnis:

    • Laura Klompenhouwer