‘Met een camper kom je ook een eind’

Germaine Smolders (39) en Michael Kuiper (41) hebben samen twee huizen en vijf kinderen. Zij heeft een kapsalon, hij twee bedrijven. Michael: „In het verleden heb ik flink geld uitgegeven. Dat steek ik nu liever in quality time.”

Foto David Galjaard

‘Meer in het leven dan werk’

Germaine:„De taken zijn bij ons duidelijk verdeeld. Als Michael uit zijn werk komt, is-ie vaak nog druk in zijn hoofd, moet hij nog even een mail versturen. Dan zorg ik dat het eten op tafel komt. Ik doe alles in het huishouden. Ik ben een beetje van de oude stempel. Maar ik zou er ook nerveus van worden als hij zich met het huishouden ging bemoeien. Totdat ik Michael een jaar geleden leerde kennen, was ik al acht jaar gewend om in mijn eentje het huishouden te doen.”

Michael: „Maar ik heb net gestofzuigd. En gisteren ben ik naar het zaalvoetbal van Germaines jongste zoon gaan kijken. Toen was zij aan het werk.”

Germaine: „Naar Michaels kinderen heb ik geen omkijken, die zijn erg zelfstandig. Onze kinderen kunnen goed met elkaar overweg, dat scheelt ook. Michael heeft een schoonmaakhulp, want het is voor mij geen doen om twee huizen schoon te houden.”

Michael: „Ik heb wel bepaalde dingen geleerd. Bijvoorbeeld dat je misschien wel iets verkeerd doet als je 60 of 80 uur per week werkt. In mijn vorige relatie groeiden we uit elkaar, onder meer doordat ik zoveel werkte. Ik weet nu dat een bepaalde balans tussen werk en privé heel belangrijk is. Er is meer in het leven dan werk. Alleen als het echt moet, werk ik ’s avonds. Trouwens, hoor je die vaatwasser? Die heb ik aangezet.”

Germaine: „En het maakt mij ook helemaal niet uit als hij ’s avonds nog werkt. Als ondernemers begrijp je elkaar. Ik werk ook wel eens ’s avonds.”

‘Vijf kinderen, dat kost tijd’

Michael: „Ik ben nu 41 en werk al 27 jaar bij hetzelfde bedrijf. Vanaf mijn veertiende als vakantiekracht, vanaf mijn negentiende fulltime. In 2003 werd ik er directeur en in 2008 heb ik samen met een compagnon de zaak overgenomen. Dat was twee dagen voordat Lehmann Brothers omviel. De markt voor kantoormeubilair stortte in. Toen zijn we kantoormeubilair gaan ‘revitaliseren’: bedrijven ruilen hun oude kantoormeubilair in tegen nieuw en wij knappen de oude meubels op en verhuren of verkopen die weer. Behalve voordeliger is het ook duurzamer. Een auto gaat toch ook niet naar de sloop als de eerste eigenaar ’m niet meer wil?”

Germaine: „Mijn kapsalon heeft geen last van de crisis, het is een heel goedkope zaak. Ik heb juist meer klanten daardoor. Als Michael thuiskomt, praten we altijd even over ons werk.”

Michael: „En over ergernissen.”

Germaine: „We hebben ook nog vijf kinderen die aandacht nodig hebben, dat kost veel tijd.”

Michael: „Mijn bedrijf is nu bijna over de dip heen. Maar ook als de crisis voorbij is, blijven we meubilair revitaliseren. We willen bijvoorbeeld alleen derde- of vierdehands staal gaan gebruiken. En alleen goederen uit Nederland. Die zijn beter, bovendien houd je zo het geld in de Nederlandse economie. Het is allemaal zakelijk instinct, hoor, hier thuis is niks gerecycled. Privé heb ik geen tijd voor dat soort dingen. Ik ben geen filosoof.”

‘Ik hoef niet zo nodig naar Cannes’

Michael: „In het verleden heb ik heel dure auto’s gehad. Een BMW M5 bijvoorbeeld, die is duurder dan een Porsche. Te ranzig voor woorden eigenlijk, het ging nergens over. De auto die ik nu heb, is maar half zo groot, maar ik ben er drie keer zo blij mee. En hij kost een stuk minder.”

Germaine: „We zijn geen big spenders.”

Michael: „Nee, we zijn allebei nuchtere types. In het verleden heb ik hier en daar flink geld uitgegeven, ik kocht veel merkkleding, dure horloges. Maar ik heb geleerd dat je met geld niet het geluk vindt, als je dat niet uit je relatie kunt halen. Ik heb nu geen drang meer om allerlei dingen te hebben.”

Germaine: „Je helpt wel veel mensen in nood. Mensen uit de privésfeer.”

Michael: „Ik heb natuurlijk financieel pas op de plaats moeten maken door de crisis. Maar ik heb ook geen behoefte meer aan veel geld. Ik steek mijn geld nu in quality time.”

Germaine: „Dagje sauna, hapje eten.”

Michael: „Weekendje weg.”

Germaine: „’s Zomers staan we op de camping hier vlakbij. Ik hoef niet zo nodig naar Cannes of Juan-les-Pins.”

Michael: „Mensen vroegen me of het wel goed met me ging toen ik vertelde dat ik naar de camping ging. Men wist dat ik gewend was aan luxe.”

Germaine: „Ik hecht veel meer waarde aan simpele dingen.”

‘Stressvolle baan’

Germaine: „Ik zou wel meer tijd willen hebben voor schilder- en tekenopdrachten.”

Michael: „Ik sport veel. Vorig jaar overleed een vriend van me aan een hartaanval. Daar schrik je van als je, zoals ik, een stressvolle baan hebt. Maar verder heb ik geen idee wat ik zou moeten gaan doen als ik de zaak nu zou verkopen. Ik weet niet beter dan dat ik altijd heb gewerkt. Als ik het bedrijf nu zou verkopen, zou ik de volgende dag weer een nieuw bedrijf hebben.”

Germaine: „En we kunnen ook niet zeggen dan gaan we reizen, want hij wil niet in een vliegtuig.”

Michael: „Maar met een camper kom je ook een eind.”

Germaine: „Al win ik morgen een miljoen, dan zou ik nog blijven werken. Het houdt je met beide benen op de grond.”

    • Friederike de Raat