Lastig, vertrouwen herstellen

Nooit eerder stemden zo weinig mensen PvdA. En de volgende verkiezingen komen er al aan

PvdA-leider Diederik Samsom in een lift, vorige week op de dag na de verkiezingsnederlaag, toen de fractie vergaderde en hij de pers te woord stond. Foto David van Dam

Zeg vooral wat je kwijt moet, maar probeer het een beetje binnen de perken te houden. PvdA-voorzitter Hans Spekman waarschuwde de wethouders en lijsttrekkers die afgelopen woensdag op het partijkantoor in Amsterdam bijeen waren. Binnen evalueerden ze het verlies bij de gemeenteraadsverkiezingen van vorige week, buiten wachtten de camera’s hen op.

Jan Jaap Kolkman, PvdA-lijsttrekker in Deventer, vertelt een dag later aan de telefoon over de bijeenkomst. Hij begrijpt wel waarom Spekman zoiets zei. „Buiten verkiezingstijd om laat je je gedachten wat gemakkelijker de vrije loop. Nu moeten we er als partij rekening mee houden dat we snel alweer verkiezingen hebben, voor het Europees Parlement.” Enige zelfbeheersing aan de dag leggen kan volgens hem geen kwaad.

De voorbije week ging het in Den Haag vooral over de onrust rond de Marokkanenuitspraak van PVV-leider Geert Wilders. De aandacht was afgeleid van het échte nieuws van 19 maart: de enorme nederlaag van de PvdA. Eenderde van de raadszetels en alle grote steden gingen voor de partij verloren. Met 10,2 procent van de stemmen haalde de PvdA het slechtste verkiezingsresultaat ooit.

De afgelopen week was er daarom een van introspectie voor de Tweede Kamerfractie en partijleider Diederik Samsom, voor de lokale afdelingen en voor het partijbestuur. De nabesprekingen verliepen op een voor de PvdA ongebruikelijk kalme manier: meestal hebben lokale politici hun kritische analyse over de landelijke top wel klaar liggen. Dat het nu rustig bleef, hebben Samsom en Spekman mede te danken aan het krediet dat ze afgelopen jaren met een eindeloze reeks bezoeken bij de afdelingen hebben opgebouwd.

De analyse van PvdA’ers kent één gemene deler: de kiezers vertrouwen onze partij nu niet. „Landelijk tanend vertrouwen”, noemde Samsom het zelf in een mail aan alle afdelingen. Partijvoorzitter Spekman zei het afgelopen woensdag zo: „Mensen herkennen ons sociale profiel onvoldoende in een kabinet met de VVD. En ze zijn te onzeker over de grote veranderingen die eraan komen.”

Kiezer ‘zekerheid’ bieden

Vanaf 2015 worden gemeenten verantwoordelijk voor de jeugdzorg, de langdurige zorg en de uitkeringen voor jonggehandicapten. Maar de precieze uitwerking van die plannen is nog onduidelijk. Terwijl kiezers juist „houvast” en „zekerheid” willen, zoals PvdA’ers dat noemen. Dat was dus lastig uitleggen tijdens de campagne. Bovendien stond Samsom er vaak alleen voor: coalitiegenoot VVD was stukken minder zichtbaar.

Bij de succesvolle Tweede Kamerverkiezingen van 2012 overtuigde Samsom kiezers juist door géén beloftes te doen. Deze keer voelde hij daar wel de noodzaak toe. Daags voor de verkiezingen gaf Samsom een ‘zorggarantie’: in elke gemeente waar de PvdA mee gaat besturen, krijgen mensen gegarandeerd zorg, bijvoorbeeld van de wijkverpleegkundige. Wat dat precies inhield, was niet helder. Het was illustratief voor de defensieve en moeizame campagne die Samsom voerde, en ook niet geloofwaardig, klinkt het vanuit de PvdA-fractie.

De conclusie op het partijbureau en in Den Haag was afgelopen week: Samsom moet zich de komende tijd meer gaan opstellen als PvdA-voorman en minder als veertiende minister. En de Tweede Kamerfractie moet nu bedenken hoe de decentralisaties niet gaan mislukken. De PvdA moet zien te regelen dat ouderen en chronisch zieken verzekerd zijn van de zorg die ze nodig hebben.

Kijk bijvoorbeeld naar de eisen voor mensen om thuiszorg te krijgen, zegt Jan Jaap Kolkman uit Deventer. Kunnen die niet versoepeld? Zo ver is de Tweede Kamerfractie nog niet: daar wordt nu eerst geïnventariseerd waar „de zekerheden vergroot moeten worden”, zoals een Kamerlid zegt. En ja, dat kan eventueel geld gaan kosten.

Voor de Haagse werkelijkheid betekent dit verlies dat de PvdA en VVD opnieuw zullen moeten onderhandelen, in elk geval over de langdurige zorg. Veel méér bijsturen zal lastig worden; na zo’n nederlaag het regeerakkoord helemaal openbreken komt ook niet bepaald standvastig over.

En dan is er nog de complicerende factor van de ‘constructieve drie’, de partijen die het kabinet aan een meerderheid helpen in de Eerste Kamer. Waar D66, de ChristenUnie en de SGP vorig jaar de successen mochten claimen, zullen de coalitiepartijen dit jaar hun eigen winstpunten harder opeisen. De VVD verloor op 19 maart evengoed, en heeft dus ook iets recht te zetten. De gedoogpartijen beginnen de onderhandelingen vanuit een veel sterkere positie: zij wonnen alle drie. Hier dreigt de ‘oude’ politiek te ontstaan waar Samsom en Spekman juist liever niet aan meedoen: elke partij claimt zijn overwinninkje.

Topinkomens zorg aanpakken

Lokale afdelingen weten wel op welke punten hun partij de coalitie meer de sociaal-democratische kant op zou kunnen sturen. Jan Jaap Kolkman: „Maak sneller werk van die topinkomens in de zorg. Op de punt van de schoen de deur uit, die lui. Oók als het PvdA’ers zijn.” Wim Meijer, voorzitter van de afdeling Vlaardingen: „Het zou mooi zijn als mensen wat meer zouden overhouden in hun portemonnee. Daar moet de coalitie maar eens goed naar kijken, nu de economie aantrekt.” Meijer stelt voor de belasting op arbeid te verlagen, of verder te nivelleren.

Opvallend is dat lokale afdelingen asiel en immigratie amper noemen als kans om afstand te nemen van het kabinet. In Den Haag ligt het onderwerp tussen de coalitiepartijen gevoelig. In de beeldvorming is Samsom zo’n beetje de enige die de strafbaarstelling van illegaliteit, afgesproken in het regeerakkoord, wil behouden. De VVD heeft herhaaldelijk gezegd dat er wat hen betreft over die strafbaarstelling te onderhandelen valt.

In de PvdA-top leeft de overtuiging dat de liberalen bij zulke onderhandelingen iets pijnlijkers zullen terugvragen, bijvoorbeeld extra bezuinigingen op minima of ontwikkelingssamenwerking. Bovendien speelde dit onderwerp op straat amper, zeggen PvdA’ers. Mensen maken zich zorgen over hun eigen baan, of over die van hun kinderen. Maar niet over de strafbaarstelling van illegaliteit.

Vóór Europa, maar dan sociaal

Over acht weken wachten alweer de verkiezingen voor het Europees Parlement. Ook daar gaat de PvdA een moeilijke campagne tegemoet. Anders dan in 2009 zal de partij nu een „duidelijk pro-Europees standpunt” vertolken, zegt lijsttrekker Paul Tang: „Niet meer een beetje voor, een beetje tegen. Wij zijn vóór Europa, maar wel een sociaal Europa.” Zo’n genuanceerde positie kan lastig zijn in een campagne die zomaar opnieuw kan draaien om de vraag ‘EU-ja-of-nee’. En over zorg of inkomen, de onderwerpen waarop de PvdA zich wil profileren, heeft Brussel weinig tot niets te zeggen.

Electoraal herstel zit er voor de PvdA onder deze omstandigheden vermoedelijk niet in. Kamerleden doen al voorzichtig aan verwachtingsmanagement: wees niet verbaasd als de PvdA op 22 mei opnieuw verlies lijdt. Zoals een bron in de fractie zegt: „Vertrouwen dat in anderhalf jaar is verdwenen, krijg je niet binnen acht weken terug.”