Eindelijk hoogste baas

De AFM krijgt een nieuwe baas. Merel van Vroonhoven werkte ooit voor een verzekeraar die zelf woekerpolissen verkocht. Maar inmiddels wil ze de wereld „een beetje beter maken”.

Merel van Vroonhoven was graag Bert Meerstadt opgevolgd als directeur bij de NS. Toen dat niet lukte, vertrok ze naar de AFM. Foto David van Dam

Met een mijter op, een baard, een flinke staf in de hand en op hoge hakken liep Merel van Vroonhoven op donderdag 5 december vorig jaar door het hoofdkantoor van de NS in Utrecht. Lift in lift uit, het hele gebouw door. Met haar secretaresse verkleed als Zwarte Piet die overal pepernoten rondstrooide. Zo kwam ze ook de kamer binnen van Jeroen Hellenberg, toenmalig directeur communicatie van de Nederlandse Spoorwegen, die met externe adviseurs zat te vergaderen. Hellenberg: „Die keken wel even verbaasd. Maar het past bij Merel. Iets leuks doen voor het personeel.”

Merel van Vroonhoven weet wel hoe ze mensen voor zich moet winnen. Toen ze in 2000 namens verzekeraar Nationale Nederlanden directeur marketing en sales werd in Polen leerde ze zo snel mogelijk Pools. Dat maakte indruk, vertellen voormalige collega’s bij de verzekeraar. Die vrouw op hoge hakken, die nagenoeg vloeiend Pools sprak, die wisten ze zich in Polen nog jaren te herinneren.

Bij de NS ging ze een dag als conducteur aan de slag, nadat ze in 2009 lid werd van de raad van bestuur. Kennismaken met de gewone mensen op de werkvloer. Dat werkt, weet ze. Tijdens een vergadering bij Nationale Nederlanden over het thema ‘Klimmen naar de top’ kwam Van Vroonhoven aan een touw uit het plafond zakken, waarna ze een bevlogen speech hield.

Van Vroonhoven is zelf gestaag naar de top geklommen. Na een studie geofysica in Delft, kwam ze bij ING terecht, waar ze snel bij dochterbedrijf Nationale Nederlanden aan de slag ging. In 2009 kwam ze in de directie van de NS. Maandag begint de ‘topvrouw van het jaar 2012’ als bestuursvoorzitter bij de Autoriteit Financiële Markten. Ze volgt Theodoor Kockelkoren op, die vorig jaar tijdelijk het roer overnam na het overlijden van Ronald Gerritse.

Wat drijft haar? Wat voor bestuurder is ze? En zal een toezichthoudende functie de uiterst competitieve Van Vroonhoven wel genoeg uitdaging bieden?

Innemend en hard

Merel van Vroonhoven (45) groeide op in een keurig Goois gezin. In haar jeugd verhuisden ze naar het gehucht Strijensas, waar Vroonhoven naar eigen zeggen „zorgeloos en harmonieus” opgroeide. Van haar vader kreeg ze in die jaren een belangrijke les mee, zei ze eens in een interview.

Het was in haar middelbare schooltijd. Ze zong in een band, speelde hockey, deed aan toneel en wilde er op school ook nog een achtste vak bij nemen. Dat vond haar vader geen goed idee. Het is ook belangrijk dat je een leuk mens bent, hield hij haar voor. Want een aardig mens zijn, vond hij belangrijker dan ambitie.

Maar bij Van Vroonhoven lijken die twee eigenschappen een permanente concurrentiestrijd te voeren. Vaak wint het aardig zijn. Zo lijkt het woord ‘innemend’ voor haar bedacht. Vrienden, ex-collega’s, kennissen – iedereen gebruikt het. Daarna volgen: energiek, vrolijk, creatief, fantasierijk en betrokken.

Engelhardt Robbe, met wie ze samen in de directie van de NS zat, maakte het vorige week nog mee, toen ze hem opbelde vanuit Frankrijk. Ze had een cursus gevolgd op het prestigieuze opleidingsinstituut INSEAD. Ze stapte net uit de taxi toen ze werd aangeschoten door een bedelaar die haar om geld vroeg. Robbe kon het allemaal volgen aan de telefoon. Van Vroonhoven wimpelde de vrouw niet af, maar onderbrak haar telefoongesprek om tegen de zwerver te zeggen dat ze een belangrijk gesprek aan het voeren was en even niet kon helpen. Robbe: „Typisch Merel. Ze blijft altijd aandacht houden voor de menselijke verhoudingen. Attent zijn is onderdeel van haar levenshouding.”

Andere keren drukt haar enorme ambitie haar hang naar harmonie weg. Dan komt Van Vroonhoven tijdens een vergadering ineens heel scherp en duidelijk uit de hoek. Haar wil is wet. Het maakt niet uit hoe de medewerkers iets voor elkaar krijgen, als het maar gebeurt. Omdat zij het wil. „Die plotselinge switch tussen innemend en heel scherp, die was bij de NS niet voor iedereen altijd te volgen”, zegt Hellenberg.

Het is een trekje dat veel topbestuurders en hoge managers hebben: de hoge eisen die ze aan zichzelf stellen, leggen ze ook aan hun medewerkers op. Als ze verantwoordelijk voor een project is, dan verwacht ze dezelfde inzet en devotie als die van haarzelf. „Maar niet iedereen heeft dezelfde werklust als zij, niet iedereen kan of wil ’s avonds en in de weekenden doorwerken”, zegt Robbe. „Dat kan weleens leiden tot een gevoel van tekortschieten. Doe ik het wel goed genoeg in de ogen van Merel?”

Voor wie tekortschiet, kunnen de gevolgen groot zijn. Merel is innemend, maar kan ook hard zijn, zegt Henri den Boer, die lang met haar werkte bij Nationale Nederlanden. „Ze vindt het niet leuk als zaken blijven liggen, of niet gaan zoals het moet. Dan neemt ze de controle over. Ze geeft je veel vertrouwen en vrijheid, maar als je dat vertrouwen schaadt, spreekt ze je aan. Fouten maken mag, maar niet drie keer dezelfde. Dan kun je er ook zo uitliggen.”

Autisme

Zelf lijkt Van Vroonhoven iemand die weinig anders kan dan altijd maar doorgaan – en die altijd hogerop wil. „Ze zou niet zonder werk kunnen”, zegt Gerdi Verbeet, oud-voorzitter van de Tweede Kamer. Zij zat in de jury die Van Vroonhoven tot topvrouw van het jaar verkoos.

Naast haar werk bij de NS zit Van Vroomhoven onder meer in de raad van commissarissen van Havenbedrijf Rotterdam. Ze is bestuurslid bij de Nederlandse Vereniging voor Autisme en zit in de werkgroep ‘Vanuit Autisme Bekeken’, die in 2012 door de staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport is ingesteld om te onderzoeken hoe mensen met autisme beter mee kunnen doen in de samenleving.

Ze weet heel goed hoe moeilijk dat soms is, omdat ze zelf een autistische zoon heeft, vertelt Egbert Reijnen, die ook in de werkgroep zit. Zo merkte Van Vroonhoven zelf hoe lastig het is voor kinderen met autisme om aansluiting te vinden bij een sportclub. „In Den Haag is ze nauw betrokken bij het voetbalteam van haar zoon. Hij speelt in een speciaal team voor kinderen met autisme.” Reijen ziet geregeld hoe hard Van Vroonhoven werkt. „Dan ziet ze er heel moe uit. Dat zeg ik ook tegen haar. Ze heeft heel veel ambitie, maar loopt daardoor ook het gevaar dat ze zichzelf voorbij loopt.”

Het is geen geheim dat Van Vroonhoven bij de NS graag Bert Meerstadt was opgevolgd als directeur. Die positie ging echter aan haar voorbij, toen in de zomer van vorig jaar Timo Huges werd aangesteld om het treinbedrijf te gaan leiden. Een buitenstaander; Huges kwam van bloemenveiling FloraHolland.

Of dat een reden voor haar is geweest om naar de AFM over te stappen, waar ze wél de eindverantwoordelijkheid krijgt, zeggen mensen dicht bij haar niet te weten. Maar het zou ze niets verbazen. Oud-collega Henri den Boer: „Als ze iets ambieert, zal ze dat aangeven. En als ze dat niet kan bereiken binnen het bedrijf waar ze werkt, zal ze het elders opzoeken.”

De vraag is of de AFM zo’n macher als Van Vroonhoven wel voldoende uitdaging zal bieden. De organisatie is een stuk kleiner dan de bedrijven waar ze eerder voor werkte (er werken circa 500 mensen) en is erg ambtelijk, meer nog dan de NS. De toezichthouder heeft bovendien in het verleden regelmatig het verwijt gekregen dat ze niet daadkrachtig genoeg optrad.

Maar Van Vroonhoven zelf zegt juist dat ze bij de AFM meer dan voldoende uitdagingen zal vinden. Er is veel werk te verrichten, zegt ze in een telefoongesprek. Het vertrouwen in de financiële sector is door de crisis en alle schandalen van de laatste tijd tot een dieptepunt gedaald. En daar wil ze wat aan doen, zegt ze. Want dat is wat haar in wezen drijft, zegt ze: „Ik ben eigenlijk een beetje een idealist, zo heb ik de laatste jaren steeds meer ontdekt. Ik wil de wereld een beetje beter maken.”

Een opvallende uitspraak. Een paar jaar geleden, tussen 2002 en 2007, zat ze nog in de directie van Nationale Nederlanden. Precies de jaren waarin het bedrijf, net als alle andere verzekeraars in Nederland, klanten massaal woekerpolissen verkocht. Producten waar, door de torenhoge, vaak verborgen kosten, klanten tot op de dag van vandaag last van hebben. Is ze tot inkeer gekomen?

Zelf zegt ze dat de woekerpolissenaffaire niet de „belangrijkste drijfveer” was voor haar overstap. Die was veeleer dat ze, gezien het belang van de financiële sector voor de maatschappij in brede zin, wil bijdragen aan het herstel van vertrouwen daarin. „Maar je leert als je een tijdje uit de sector bent wel dat dingen die in het verleden goed leken, dat achteraf niet altijd zijn.”