Dit zaakje stinkt

Boeren produceren meer mest dan ze zelf over hun land kunnen uitrijden, dus daar moeten ze vanaf // Frauderen met mest is lucratief // Maandag dient het hoger beroep tegen een jonge mestsjoemelaar

Hij was het wonderkind van de Nederlandse mestwereld. Twaalf jaar is Niels L. uit het Gelderse dorpje Haalderen als hij in de mesthandel begint. In zijn tienerjaren organiseerde hij duizenden mestvrachten, en verdiende tonnen. Terwijl hij nog te jong was voor een brommer.

Zijn moeder Willie rijdt hem rond in de auto, voor onderhandelingen met boeren en transporteurs. School vindt hij een verspilling van tijd en geld, tijdens pauzes is hij druk met telefoontjes voor nieuwe deals. Omdat hij nog minderjarig is, staat het bedrijf op de naam van zijn moeder.

Agrarisch vakblad De Boerderij schrijft in 2009 een uitgebreid profiel over de ondernemer en tv-programma Netwerk maakt een reportage over hem. „De een ziet het als stront, voor mij is het goud”, zegt hij in de uitzending over mest.

Vanaf zijn zestiende kan hij zelf langs bij klanten – in een zwarte brommobiel, met een maximumsnelheid van 45 kilometer per uur. De tiener is een vlotte prater, die mensen snel voor zich weet te winnen. Als een varkens- of rundveehouder mest kwijt wil, regelt hij transport en een landbouwer die de substantie afneemt. Ook zorgt hij dat de mest wordt uitgereden over het land. In korte tijd bouwt hij een groot netwerk op.

De jongste mestmiljonair van Nederland, werd hij genoemd. Maar de mestbemiddelaar (inmiddels 20) zit nu in de problemen. Hij heeft gesjoemeld met mestvrachten, blijkt uit controles. In 2011 kreeg hij bijna 800 boetes opgelegd.

En het ventje van toen is nu een potige man van bijna twee meter, die er niet voor terugschikt om mensen verbaal te bedreigen. Meerdere mensen die met hem samenwerkten, zeggen bang te zijn.

Komende maandag dient het hoger beroep bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven. Niels L. en zijn moeder zijn het niet eens met de boetes van in totaal 788.000 euro die het ministerie van Economische Zaken aan hen en de firma oplegde.

Belangrijke rol in netwerk

De handelaar speelde een centrale rol binnen een netwerk dat de meststoffenwet op grote schaal overtrad. Zo’n 140 boeren en 40 transporteurs waren betrokken. Op diverse plaatsen werd illegaal mest gedumpt.

Maandag komen er twee zaken voor. De eerste gaat terug tot 2009. In dat jaar zouden in opdracht van Niels L. grote hoeveelheden mest zijn uitgereden op door hem gehuurde landbouwgrond in de dorpjes Beets (Noord-Holland) en Oldelamer (Friesland). De maximale normen voor fosfaat- en stikstofgehaltes werden ruimschoots overschreden.

De tweede zaak is uit 2010. Ook hier zou in zijn opdracht te veel mest zijn uitgereden, op grond die hij huurde in de Friese plaatsjes Tjalleberd, Koudum en Hemelum. Beide zaken zijn gebaseerd op een vertrouwelijk rapport (‘Firebrick’) van de toenmalige Algemene Inspectiedienst – dat nu onder de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) valt.

De vermoedelijke fraude van de jonge ondernemer is niet nieuw, De Boerderij schreef er diverse artikelen over. Het is een bekende zaak in de Nederlandse landbouwwereld, maar onbekend bij het grote publiek. Niels L. is nog steeds actief als mesthandelaar, ondanks het feit dat zijn firma vorig jaar failliet werd verklaard. Er is beslag gelegd op het huis van zijn moeder.

De zaak staat niet op zichzelf. De landbouwsector is zeer gevoelig voor mestzwendel. Momenteel loopt er ook een onderzoek van het OM naar een handelaar in Noord-Brabant. Hij was één van de grootste mestintermediairs van Nederland en zette daar 80 tot 90 miljoen euro per jaar in om. Begin vorig jaar zat de man enkele maanden in voorarrest. Hij wordt verdacht van deelname aan een criminele organisatie, witwassen en valsheid in geschrifte.

Mestoverschot is de kern van het fraudeprobleem: varkens-, rundvee- en pluimveehouders kunnen niet al hun mest kwijt op hun eigen land, omdat dit gebonden is aan maximale hoeveelheden. Wanneer te veel mest op landbouwakkers wordt uitgereden, sijpelen schadelijke stoffen door naar het grondwater. Door de overproductie heeft mest een negatieve economische waarde, je moet ervoor betalen om het kwijt te kunnen. In feite is het afval.

Zo verdien je geld aan mest

Toch is er geld te verdienen aan stront. Mestintermediairs krijgen geld van veehouders om de mest op te halen. Vervolgens brengen zij het naar boeren die nog wél mest kunnen uitrijden op hun land. Vaak zijn dit rundveehouders of akkerbouwers in Groningen, Flevoland en Zeeland, die het goed kunnen gebruiken, het is een onmisbare voedingsstof die het land vruchtbaar maakt.

Zij krijgen op hun beurt geld van de intermediair om de mest over hun land uit te rijden. In Nederland mag ieder jaar van begin februari tot en met eind augustus bemest worden. Ook wordt er veel geëxporteerd naar België, Duitsland en Noord-Frankrijk.

De handel is omvangrijk: vorig jaar werden in Nederland ruim 808.000 vrachten vervoerd, met in totaal zo’n 25 miljoen ton mest. Vertrouwen is van groot belang. Als mest wordt afgeleverd, moet je er als boer op kunnen vertrouwen dat de vracht aan de juiste fosfaat- en stikstofgehaltes voldoet.

En daar wordt soms mee gesjoemeld. Via de methode ‘zwarte mest’ bijvoorbeeld. Die werkt als volgt. De veehouder of chauffeur moet vaak zelf een monster nemen voor de fosfaatgehaltes. Die meting is te beïnvloeden door bijvoorbeeld een handje kunstmest erdoorheen te roeren, of het monster in een magnetron te laten indampen. Zo stijgt het fosfaatgehalte. En zo kan de veehouder doen alsof hij meer vracht afvoert dan hij werkelijk doet.

Een voorbeeld. Normaal zit er in dikke varkensmest tussen de 15 en 20 kilo fosfaat per ton. Maar uit analyseresultaten blijkt dat er soms wel tot 80 kilo fosfaat in zit. Onwaarschijnlijk hoog, dus gemanipuleerd. Met die vracht wordt op papier vier keer zoveel fosfaat afgevoerd als er daadwerkelijk in zit. Dat is de grote verdwijntruc met mest: in dit voorbeeld hoef je drie vrachten niet af te voeren. Op papier zijn ze weg, maar in de praktijk liggen ze nog op het bedrijf.

De veehouder kan de mest vervolgens illegaal op eigen grond uitrijden of ergens in de buurt dumpen, bij een collega bijvoorbeeld. Het financiële voordeel: hij hoeft véél minder mest met vrachtwagens af te laten voeren. Uit een berekening van landbouworganisatie LTO blijkt dat een vracht legaal afvoeren ongeveer 16 euro per ton kost, tegenover ongeveer 6 euro als je het via het zwarte kanaal doet.

Brancheorganisaties lobbyen al jarenlang voor strengere regelgeving. Eind januari kwam staatssecretaris Sharon Dijksma (PvdA, Economische Zaken) met maatregelen om mestfraudeurs harder aan te pakken. „Zij brengen schade toe aan het milieu en zetten de hele sector in een kwaad daglicht”, schreef Dijksma. Een van de maatregelen is verplichte onafhankelijke monsterneming van dikke mest door medewerkers van erkende laboratoria.

Ook zijn er samenwerkingsafspraken met België en Duitsland gemaakt voor grensoverschrijdende vrachten. In de buurlanden worden nu nog veel mesttransporten met hoge gehaltes gedumpt, omdat de controle op de gebruiksnormen daar minder is. Het nieuwe beleid moet per 1 juli ingaan.

Het leek zo’n goed jochie

Stevige maatregelen van de staatssecretaris, maar voorlopig kan Niels L. nog gewoon mest verhandelen. En dat irriteert loonwerker Jeroen Schouten (50) uit het Gelderse stadje Gendt. Een deal die hij in 2009 sloot met de jonge ondernemer brengt hem nu in grote problemen. De jongen liep destijds stage bij een klant van Schouten, en bouwde daarnaast zijn mesthandel op. Hij vroeg of hij de ruim 22 hectare akkerbouwgrond van Schouten mocht bemesten. Schouten stemde in: „Ik ging ervan uit dat ik met een goed jochie te maken had.”

Tegen betaling mocht L. de grond gebruiken. Hij regelde de mest, het vervoer en het uitrijden van de substantie op het land. Het liep voor Schouten uit op een drama. In de nazomer van 2009 werden 57 mestvrachten uitgereden – terwijl 20 vrachten de limiet is. Alles gebeurde buiten medeweten van Schouten om. De akkers liggen niet in de buurt van zijn boerderij. „Ik ben me er niet van bewust geweest dat ik aan het ‘feestje’ van Niels meedeed”, zegt Schouten.

Schouten wordt vervolgd omdat op zijn land te veel mest is uitgereden. Hij krijgt in eerste instantie een boete van 147.000 euro, die uiteindelijk verlaagd wordt naar zo’n 60.000 euro. Vorige week was het hoger beroep, Schouten wil dat de boete helemaal wordt ingetrokken.

Hij is woest. Niet hij, maar L. is in zijn ogen de verantwoordelijke. De uitspraak is over vier weken. „Als ik die boete moet betalen, gaat mijn bedrijf naar de klote.”

Niels L. zou tientallen boeren op vergelijkbare wijze hebben gedupeerd. Zo huurde hij bij verschillende landbouwers silo’s, vulde ze met de substantie en liet vervolgens niks meer van zich horen. Boeren bleven met de mest achter.

Ondertussen gaat Niels L. gewoon door. Een medewerker van LTO schreef maandag een e-mail aan het ministerie van Economische Zaken en de NVWA over een zaak die speelt op het Zeeuwse eiland Tholen. Vorige week zaterdag zouden er bij een oudere, gestopte melkveehouder „vele, vele, vele tonnen mest zijn gedumpt”. In de mail staat: „De man is wat ‘in de war’, type zonder computer, die nooit wat leest. Hij is in mijn ogen te veel in de war om hem iets kwalijk te nemen. Het is de ideale doelgroep voor Niels L.. Hij is dan ook degene die de mest aanvoert of aan laat voeren, via zijn nieuwe firma New Future Holding bv.” De LTO-medeweker wil anoniem blijven. Meerdere bronnen bevestigen zijn verhaal.

Zelf ontkent Niels L. in een telefonische reactie bij New Future Holding bv betrokken te zijn. Ook zegt hij dat hij in het verleden nooit gesjoemeld heeft met mestvrachten.

Dit artikel is gemaakt in samenwerking met VPRO-radioprogramma Argos. De uitzending is zaterdag om 14.00 uur op Radio 1.