Provocaties, leugens en propaganda in Charkov

Na de annexatie van de Krim wordt Oekraïne nu bedreigd vanuit het oosten. In Russischtalig Charkov, de tweede stad van het land, is de spanning om te snijden.

Activisten dragen een Oekraïnse vlag bij een demonstratie in Charkov, op 9 maart. Foto’s AFP

‘Het allerafschuwelijkste”, zegt Ihor Isitsjenko, aartsbisschop van de Oekraïens-Orthodoxe kerk in Charkov, „is dat de politieke gebeurtenissen van de afgelopen weken hier voor het eerst hebben geleid tot haat en vervreemding”. Vladyko (eerwaarde vader) Ihor heeft net de zondagochtenddienst gehouden in de kerk van de Heilige Dmitri. „Charkov was altijd een hele tolerante stad. Oost-Oekraïners zijn zachtaardige mensen, die geleerd hebben zich aan te passen aan de macht. Ik noem dat geen conformisme, maar eerder een soort volkse wijsheid om zich niet mee te laten slepen in politieke spelletjes van de overheid.”

De geestelijk leider, een in Rusland geboren Oekraïner, maakt zich grote zorgen. „Rusland is zo’n krankzinnig land geworden dat ik niet weet wat ik moet verwachten. De Russen zijn nu geweldig trots dat ze de Krim hebben veroverd. Ze zijn zelfs bereid armoe op de koop toe te nemen als ze de rest van de wereld maar straffeloos met kernwapens kunnen bedreigen! Ik vrees dat Poetin ons een oorlog op wil dringen. En het Westen wil maar niet begrijpen dat het dan niet bij een lokaal conflict zal blijven.”

De propaganda-oorlog in Oekraïne is zo verwarrend dat het moeilijk is waarheid van leugen te onderscheiden. Ihor Isitsjenko maakt een verstandige en openhartige indruk. De Oekraïens-Orthodoxe kerk, waarvan hij het plaatselijk hoofd is, valt noch onder het Kievse noch onder het Moskouse Patriarchaat. Hij lijkt een man die geen eigen politieke agenda heeft. Ik besluit hem te vertrouwen.

Na de annexatie van de Krim wordt Kiev nu bedreigd vanuit het oosten, waar een Russische troepenmacht van 30.000 man is samengetrokken. Charkov, twee jaar geleden opgeknapt voor het EK voetbal, is minder grimmig dan de verarmde steenkoolstad Donetsk, bakermat van de verdreven president Janoekovitsj. Maar ook hier is de Russische grens maar twintig kilometer verderop. Om te voelen hoe dichtbij dat is, bezocht ik met twee Oekraïense vrouwen de 300 Oekraïense soldaten die die grens bewaken.

We brachten ze laarzen en militaire joppers uit de legerdump van de stad. Een manhaftige maar treurige vertoning. Ik heb Charkov, met 1,5 miljoen inwoners de tweede stad van het land, als voorbeeld gekozen om de gevaren te schetsen die de onafhankelijkheid van Oekraïne van binnen en buiten bedreigen.

Als ik vader Ihor spreek, ben ik net getuige geweest van de kloof tussen de Maidan-aanhangers en de pro-Russische bevolking. Slechts twee- à driehonderd pro-Oekraïense demonstranten verzamelden zich bij het standbeeld van de Oekraïense nationale dichter Taras Sjevtsjenko en liepen daarna met geel-blauwe Oekraïense vlaggen naar het Plein van de Constitutie. Ze riepen „Oekraïne is vrij, democratisch en ondeelbaar” en „Poetin is een fascist” en zongen voor de zoveelste keer met tranen in de ogen het Oekraïense volkslied. Een halve kilometer verderop demonstreerden twee- à drieduizend pro-Russische betogers op het gigantische Plein van de Vrijheid dat zich uitstrekt van het Lenin-standbeeld tot het Provinciehuis. Ze schreeuwden „Janoekovitsj, kom ons redden”, „Weg met de fascistische junta in Kiev” en scandeerden „Rusland, Rusland, Rusland!”.

De Maidan-demonstranten probeerden me uit te leggen dat ik me niet van de wijs moet laten brengen door de „marginalen” van het Plein van de Vrijheid. Charkov is met zijn universiteit, onderwijsinstellingen en theaters een verlichte stad van intellectuelen. Dat Maidan zelf met zo weinig is, komt omdat men Rusland geen enkele aanleiding wil geven in te grijpen. De tegendemonstratie bestaat volgens hen uit geronseld volk dat heimwee heeft naar de Sovjet-Unie, of werkloos is door het faillissement van de militaire industrie van Charkov. Niemand hier wil bij Rusland horen, zegt het pro-westers kamp in koor. Opiniepeilingen bevestigen dat beeld: de meerderheid van de bevolking wil geen aansluiting bij Rusland, maar slechts grotere autonomie.

„Rusland zal ons redden, onze toekomst ligt in het Oosten”, roept het andere kamp. De doorgaans slecht opgeleide betogers beschouwen het Westen als een gedegenereerde beschaving die op haar laatste benen loopt. Hier gelooft men ieder woord van de genadeloze anti-Kiev propaganda van de Russische televisie. Maar de menigte is voornamelijk de kluts kwijt en het wantrouwen is ook onderling groot.

Lachspiegels

Een voorbeeld: een jongen deelde reclamefoldertjes uit voor een Russisch boek met de titel Rusland in lachspiegels. Hells-Angels-achtige kleerkasten dachten dat hij Rusland belachelijk probeerde te maken en sleurden hem de menigte uit. Pas nadat de jongen had weten duidelijk te maken dat hij reclame maakte voor een gezond antisemitisch boek waarin wordt uitgelegd wie „al meer dan duizend jaar een onverzoenlijke strijd voert met Rusland” en „uit alle macht de bevolking van deze planeet tot slaaf probeert te maken”, lieten ze hem gaan.

Het griezelige schouwspel toonde de verwarring der geesten: pro-Russische betogers beweren immers te vechten tegen de antisemitische Banderovtsy uit het vermaledijde West-Oekraïne. Deze mensen zijn gemakkelijk te manipuleren. „Besef wel”, zegt vader Ihor, „dat de overgrote meerderheid van hen nog nooit een voet in het buitenland heeft gezet. Ze kennen alleen Rusland. Ze denken in oude sovjet-stereotypen: het progressieve Rusland en het reactionaire Amerika zijn gezworen vijanden. Toenadering tot Europa betekent voor hen slavenarbeid voor Europese kapitalisten en morele degeneratie, wat ze bevestigd zien in de discussie over homo’s. In feite worden ze gedreven door haat jegens hun geslaagdere landgenoten.” Toen een woedende man met lange grijze baard op het Plein van de Vrijheid hoorde dat ik uit Nederland kwam, snapte hij het meteen: „Jullie zijn daar allemaal pederasten.”

Apparatsjiks

De Maidan-beweging is in Charkov nooit sterk geweest, maar er was een vaste kern betogers die maandenlang de bedreigingen van de tegenpartij trotseerde. Het is nog maar net een maand geleden, op 22 februari, dat Viktor Janoekovitsj naar Charkov vluchtte. Dat gebeurde toen het door Europese bemiddeling bereikte akkoord met de oppositie op het plein in Kiev onmiddellijk werd verworpen. Euromaidan wilde geen zaken meer doen met de president die op het volk had laten schieten. De verwachting was dat Janoekovitsj op zou treden op het congres dat gouverneur Dobkin en burgemeester Kernes die dag in Charkov hadden georganiseerd. Daar riepen apparatsjiks van Janoekovitsj’ Partij van de Regio’s luidkeels om hulp van Rusland. Velen denken dat hier het plan al klaar lag voor een Russische machtsovername.

Maar Janoekovitsj kwam niet opdagen. Die dag wist Maidan in Charkov voor het eerst 30.000 demonstranten op de been te brengen. De gouverneur en de burgemeester smeerden hem naar Rusland, om twee dagen later weer op te duiken, volgens mijn gespreksgenoten met instructies van het Kremlin om op hun post te blijven. Inmiddels had Euromaidan het Provinciehuis bezet en het plan opgevat het standbeeld van Lenin omver te halen. Achteraf noemt activiste Viktoria Naoemenko (31) dat twee tactische fouten van de beweging. „We hadden gewoon bij het standbeeld van Sjevtsjenko moeten blijven demonstreren. En het gedoe rondom Lenin leidde tot oprechte protesten van boze burgers.” Het onverwoestbare Lenin-standbeeld is door de demonstranten overigens met geen vinger aangeraakt, maar groeide ook hier uit tot symbool van het verzet tegen Kiev.

Provocaties

De krachtmeting kwam in Charkov op 1 maart. Een pro-Russische menigte bestormde het Provinciehuis en sloeg de Maidan-krakers met grof geweld naar buiten. Ze deed dat met behulp van „een paar honderd saboteurs uit Rusland die werden aangevoerd in bussen met nummerborden uit de Russische grensplaats Belgorod”, zegt vader Ihor, die getuige was. „Iedereen was geschokt. Op een inval vanuit Rusland was niemand voorbereid, ook de politie niet.” De Russen, geholpen door inwoners van Charkov, dwongen de Maidan-mensen op de knieën en sloegen er ruim honderd het ziekenhuis in. Een man, later via Facebook geïdentificeerd als een Moskouse neonazi, plantte vervolgens de Russische vlag bovenop het Provinciehuis.

Maidan blies geschrokken alle demonstraties af. Men beseft hier maar al te goed dat de Russische troepen klaar staan om de ‘gediscrimineerde Russische bevolking’ te komen ontzetten. Die discriminatie is totale flauwekul, zegt vader Ihor. „Als er hier één taal veronachtzaamd wordt, dan is het de Oekraïense, die net als in de sovjet-tijd weer langzaam in de verdediging wordt gedrongen. Charkov is volstrekt Russischtalig en de bevolking weigert steeds vaker openlijk om Oekraïens te spreken.”

De tweede provocatie vond plaats op 14 maart, toen pro-Russische activisten het kantoor bestormden van de Oekraïense culturele organisatie Prosvita (Verlichting), waar zich enkele tientallen jeugdleden van de locale Rechtse Sector achter zandzakken hadden verschanst. De Rechtse Sector is een van de nationalistische groeperingen die Maidan aan zijn overwinning hielpen. Maar ze beginnen voor de instabiele regering in Kiev een steeds groter probleem te worden, omdat ze weigeren de wapens in te leveren.

De held uithangen

In het kort en klein geslagen kantoor van Prosvita spreek ik met voorzitter Ihor Kravtsiv (75), die als politiek gevangene vijf jaar in de goelag heeft gezeten. Kravtsiv was bepaald niet blij met de onbeschofte krakers van de Rechtse Sector die zijn kantoor in beslag namen. Prosvita doet haar best apolitiek te blijven. Hij voorvoelde dat dit verkeerd zou aflopen. „Die onbezonnen jongelui wilden gewoon de held uithangen”, zegt Kravtsiv afkeurend. Die vrijdag ontstond er in het kantoor een gevecht met de pro-Russen, waarbij buiten op straat twee doden in het Russische kamp vielen. „Toch weet ik bijna zeker dat het niet de Rechtse Sector was die die mensen heeft gedood”, zegt Kravtsiv. „Ze hadden alleen luchtbuksen. Rusland zoekt een aanleiding om ons land binnen te vallen en wil gewoon dat er bloed vloeit.”

Twee dagen later, op de dag dat de Russen op de Krim vrolijk voor aansluiting bij Rusland stemden, werd het onbeschermde kantoor van Prosvita bestormd door bandieten, die een portret van dichter Sjevtsjenko stuk sneden en op de binnenplaats boeken over de Oekraïense geschiedenis verbrandden. Kravtsiv noemt het een pogrom en toont me de puinhoop. Op de muur staat ‘Dood aan Jarosj, de leider van de fascisten’.

Opnieuw is de rol van burgemeester Gennadi Kernes troebel, zegt Kravtsiv. Bij de vechtpartij op 14 maart dook Kernes zelf op om voor het oog van een meegebrachte Russische cameraploeg de orde te herstellen. Op tv was hoorbaar hoe hij een van de vandalen begroette. Kernes, lid van Janoekovitsj’ Partij van de Regio’s, heeft met zijn zakenimperium in Charkov totaal geen belang bij hervormingen, zegt Kravtsiv. Hij opereert als een maffiabaas. „Toen de rijke eigenaar van de lucratieve Barbasjov-markt overstapte van de Partij van de Regio’s naar Batkivsjina (Vaderland, de partij van Timosjenko), ontstonden er op de markt ‘spontaan’ branden, die weer even plotseling ophielden zodra hij de boodschap had begrepen en terugkeerde naar de partij van Janoekovitsj.”

Balletje-balletje

Dat is nog iets wat het Westen niet begrijpt, zegt aartsbisschop Isitsjenko: hoe crimineel Oekraïne is. De opstand tegen Janoekovitsj was pro-Europees, maar vooral gericht tegen de onfrisse vermenging van politiek en misdaad. Mét velen die ik heb gesproken, is de aartsbisschop ervan overtuigd dat Kernes een actieve rol speelde bij het onderdrukken van de Maidan-oppositie in Charkov. De burgemeester, die zich net als Poetin graag vertoont als gespierde sportman, is zijn criminele carrière begonnen met het spel balletje-balletje, waarvoor hij vast heeft gezeten. „Net als in Italië wordt Oekraïne beheerst door rivaliserende maffiaclans. In Charkov is Kernes de baas en hij protegeert sportclubs als Oplot (Bolwerk) die hier vechtsporten bedrijven om in de criminaliteit te opereren. Maar Oplot was ook een van de meest schaamteloze knokploegen die is ingezet tegen de betogers van Euromajdan.”

Isitsjenko gaat er van uit dat Kernes bij de bestorming van het Provinciehuis op 1 maart heeft samengewerkt met de Russische geheime dienst. „Die inval uit [de Russische stad] Belgorod had hij nooit op zijn eentje kunnen organiseren.” Er is in Charkov nooit een georganiseerde Russische politieke beweging geweest. „De pro-Russische meetings hebben geen enkele sociale basis in de stad.”

Kiev heeft gouverneur Dobkin inmiddels vervangen en tegen burgemeester Kernes loopt een strafrechtelijk onderzoek wegens betrokkenheid bij kidnapping en mishandeling van twee demonstranten. Hij werkt gewoon, maar heeft ’s nachts huisarrest. De aartsbisschop denkt niet dat dat zal helpen. „Kernes zal Kiev laten zien dat het zonder hem niet rustig blijft in de stad. Ik vrees dat de regering gedwongen is een deal met hem te sluiten.”

De burgemeester kreeg ik niet te spreken. Hij had volgens zijn woordvoerster al te veel interviews gegeven. En Dobkin heeft zich inmiddels kandidaat gesteld voor de presidentsverkiezingen namens de Partij van de Regio’s. Het duo heeft het bolwerk Charkov nog lang niet opgegeven.

Overigens is het niet zo dat alle Russen en Oekraïners die naar Rusland overhellen net zulke warhoofden zijn als de demonstranten op het Plein van de Vrijheid. Velen betreuren de politieke spanningen, vinden het eeuwig zonde dat de Krim verloren is (maar geven Kiev daar de schuld van) en voelen helemaal niets voor een nauwere band met Europa. „Wij Russen, Oekraïners, Wit-Russen zijn allemaal Slaven, we hebben nu eenmaal niets met die katholieke ‘Polen’ uit het Westen”, zegt een Oekraïense zakenman, die de regeringswissel een ‘Galicische coup’ noemt. In Charkov heerst vooralsnog geen oorlogspsychose. Maar drie weken geleden was ik op de Krim en trof mij hetzelfde beeld van rustig flanerende mensen. Voor Rusland maakt dat niets uit. Inmiddels ligt de Krim in een ander land.