Opinie

    • Juurd Eijsvoogel

Opmerkelijk is wat Obama juist níet zei

Het is niet de eerste de beste die Rusland deze week te hulp schiet. In het weekblad Die Zeit zegt oud-bondskanselier Helmut Schmidt dat hij de opstelling van Poetin in de Oekraïne-crisis, en dus ook de annexatie van de Krim, „volstrekt begrijpelijk” vindt. De sancties van het Westen noemt hij „flauwekul”.

De hele situatie vindt hij vooral gevaarlijk „omdat het Westen zich zo vreselijk opwindt”, wat weer leidt tot grote opwinding in Rusland. En of er een nieuwe Koude Oorlog komt, zegt Schmidt (die aan de macht was van 1974 tot 1982), hangt er vanaf of figuren als John McCain „en andere ophitsers” succes hebben. Wat Rusland uitspookt baart hem blijkbaar minder zorgen.

Schmidt (95) beargumenteert zijn begrip voor Poetin door aan te voeren dat het Westen er tot begin jaren negentig nooit aan twijfelde dat de Krim en Oekraïne allebei onderdeel van Rusland zijn. Het is maar de vraag, zegt hij, of er eigenlijk wel zoiets is als een Oekraïense natie.

Interessanter dan deze ook uit Moskou bekende argumenten zijn enkele observaties van Schmidt (die in de Tweede Wereldoorlog kort aan het Oostfront diende) over zijn eigen land. Hij benadrukt hoe belangrijk het is dat er geen haat tegen de Duitsers meer is in Rusland. „De Russen stonden in de oorlog aan de kant van het Westen, Duitsland stond aan de verkeerde kant. Dat vergeten de Duitsers nu.” Dat de haat tussen beide volkeren is verdwenen staat voor hem voorop. Die winst mag niet verspeeld worden. Want Rusland is een grote, belangrijke buur „en zal dat ook aan het eind van de 21ste eeuw nog zijn”.

Die geopolitieke realiteit vindt hij belangrijker dan morele overwegingen of de vraag of Rusland in strijd heeft gehandeld met het internationale recht („dat wordt zo vaak geschonden”). Als de interviewer vraagt of Duitsland zich vanwege de oorlog nu terughoudend moet opstellen tegenover Rusland, zegt Schmidt: zeer zeker.

Maar ook andere westerse landen stellen zich eigenlijk nogal terughoudend op. Natuurlijk, ze hebben de annexatie van de Krim illegaal en onacceptabel genoemd, een reeks sancties opgelegd, met meer gedreigd, en Rusland uit de G8 gezet. Maar ondanks alle harde woorden is duidelijk dat Amerika en de Europese Unie zoeken naar een manier om een nieuwe Koude Oorlog af te wenden, laat staan een echte oorlog. Want of je het leuk vindt of niet, voor heel Europa is en blijft Rusland een grote en heel belangrijke buur.

Vandaar de onvermijdelijk tweeslachtige strategie van het Westen. Aan de ene kant Rusland straffen, en proberen af te houden van verdere veroveringen door te dreigen met hardere sancties en internationaal isolement. Maar aan de andere kant Rusland ook weer niet zó hard bestrijden dat het land juist verhardt in zijn opstelling en een politieke oplossing voor de crisis onmogelijk wordt.

Woensdag hield Obama in Brussel een toespraak die gezien wordt als zijn scherpste veroordeling van Rusland tot nu toe. Maar als je terugleest wat hij zei, kun je er ook een aanzet in zien voor een vergelijk met Rusland. En niet alleen omdat hij de druk op Rusland wil combineren met „een open deur voor diplomatie”.

Obama waarschuwt Moskou in zijn rede dat de NAVO pal zal staan als een van haar lidstaten wordt bedreigd. „Landen van de NAVO zullen nooit alleen staan.” Maar Oekraïne? Het land dat daadwerkelijk bedreigd wordt? Dat is „natuurlijk” geen lid van de NAVO – „vanwege zijn nauwe en complexe geschiedenis met Rusland”, aldus Obama. Opmerkelijk is wat hij vervolgens níet zegt: namelijk dat Oekraïne in 2008 beloofd is dat het ooit lid van de NAVO mag worden. Daar wil Obama even niet meer over beginnen, het zou de toestand maar op de spits drijven. Helmut Schmidt kan tevreden zijn.

    • Juurd Eijsvoogel