Wij zien de voeten van Obama, denk ik

Zelden een natie zo kwijlend door de knieën zien gaan voor een machtige bondgenoot als Nederland de afgelopen dagen. De aankomst van de president van derdewereldlandje China werd in het nieuws afgedaan in 10 seconden, voor de aankomst van Barack Obama werd twee uur live televisie ingeruimd. Twee uur volgefilmd door camera’s zonder uitzicht en reporters zonder info. ‘Eh, ja, wij zien nu de vóeten van president Obama. Denk ik.’

‘Er zit iemand naast hem. Een vrouw, een man? Moeilijk te zien. Joop, zie jij iets?’

‘Ja ik sta hier dus aan de ándere kant van het plein en hier is dus ook…helaas…eh, niets… te zien.’

Zelfs voor het vertrek van Airforce 1 werd dinsdagavond de A4 in twee richtingen afgesloten. Er zou eens iemand vanuit zijn auto een stuk kauwgum naar het toestel spugen.

Het lijkt erop dat Amerika 9/11 dankbaar heeft aangegrepen om het veiligheidscordon rond de president kwadratisch op te schalen. En met elke kilo die werd toegevoegd aan zijn dienstwagen, the beast, met elke centimeter die werd toegevoegd aan het pantserstaal, op sommige plaatsen 20 (!) centimeter dik, groeit de eerbiedige aandacht voor zijn komst. Negenhonderd mensen, 45 voertuigen, drie vrachtvliegtuigen en een paar Jumbo’s – er zijn genoeg landen op de wereld waar Obama alleen al met zijn persoonlijke entourage de macht zou kunnen overnemen.

Op een ‘innovatieve top’ (filmpjes in plaats van toespraken), aan een tafel van achtentachtig meter doorsnee, omringd door een miljoen Nederlandse bloemen, werd een reeds weken bekende overeenkomst afgehamerd. Want zoals de Amerikanen zeggen, het is niet of er een vuile bom op Manhattan valt, maar wanneer. Wie nog niet wist hoe je zo’n ding maakt, weet het nu.

Toch wel een beetje spijtig voor de organisatie, zei Twan Huys, dat de NSS zo werd ‘overschaduwd’ door de Krim. Waarop ook de NSS-berichtgeving van Nieuwsuur minutenlang werd ‘overschaduwd’ door de Krim. De journalistiek wordt steeds meer een selfie.

De macht spreekt en de macht handelt. De controleurs van de macht vergelijken die twee, de talk en de walk. ‘U zéi toen X, maar wij zíen nu Y.’ De oplossing: maak het praten tot lopen. Creëer een ‘narratief’, zoals de bekende mediafilosoof Lance Armstrong het zei. Een verhaal dat niet waar hoeft te zijn, als het maar meeslepend is.

Daarom zijn parlementaire enquêtes de laatste jaren ook zo populair: talk geënsceneerd als walk. Het líjkt een krachtmeting tussen woorden en daden, maar per saldo is het meer van hetzelfde: woorden, heel veel woorden. Het einde is altijd eender: sorry, we gaan het beter doen. Geen actie, of het moet een sporadisch rollend hoofd zijn. (Al komen we de onthoofde vaak al gauw weer tegen op een ander toneel.)

Met dit soort summits is het net zo. Na dat minutieuze voorwerk – door duizenden ‘sherpa’s’ – had de ondertekening bij wijze van spreken per mail kunnen plaatsvinden, aan de substantie van de besluiten zou het niets veranderen. Maar ja, dan is er niets te zien. Het woord moet tastbaar worden, zichtbaar vanuit de ruimte, als een hostie in een monstrans, een fonkelende stralenkrans die niemand ontgaat. Meer materieel, meer vliegtuigen, meer pantserwagens, meer hotelkamers, meer afzettingen. Meer plakjes cake dan we ooit bij elkaar gezien hebben.

Zelfs de angry young boys van Powned waren weerloos voor de lokroep en poseerden braaf voor een selfie met het beest.

The Beast. Radio- en tv-reporters lieten geen gelegenheid onbenut om hem te noemen. Onbewust leken ze te beseffen dat die naam voor meer staat dan de pantserlimo van Obama alleen.

The Beast. De erotische opwinding was hoorbaar.

    • Jan Kuitenbrouwer