Virtuoze cellist Truls Mørk laat C-snaar ronken in Haydn

Het Koninklijk Concertgebouworkest gaat op reis naar Londen en Parijs en neemt mee: drie symfonieën van Anton Bruckner (nrs 4, 7 en 9) en drie Weens-klassieke soloconcerten van Haydn, Mozart en Beethoven. Het tourneerepertoire krijgt onder leiding van dirigent Mariss Jansons generale repetities in Amsterdam.

Vorige week klonk al de Negende symfonie, nu is het de beurt aan de Vierde symfonie ‘Romantische’, voor velen de aantrekkelijkste symfonie van Bruckner.

Vooraf klinkt het Celloconcert in C van Haydn met de Noorse cellist Truls Mørk als solist. Het orkest is gereduceerd tot 27 musici, alles klinkt perfect in balans en transparant, licht en elegant maar her en der ook stevig. De virtuoze Mørk heeft een prachtige en krachtige toon, zeer zuiver. Hij doet de lage C-snaar ronken, daarboven klinkt strakke, heldere lyriek. In het Adagio ontstond een bescheiden dramatiek met een kleine climax, die culmineerde in een etherisch pianissimo. Als toegift klonk het Catalaanse Lied van de vogels, favoriet bij oer-cellist Pablo Casals.

In Bruckners Vierde symfonie kwamen alle kenmerken van de speelstijl terug in sterk vergrote vorm. Ook in daverende climaxen bleef het klankbeeld doorzichtig, alles was zorgvuldig gedetailleerd en dynamisch gedoseerd met een grote variëteit in klank. Met hoorngeschal galoppeert een kleurrijk jachtgezelschap door het majestueuze Oostenrijkse landschap. In het slotdeel verlaat een stoomtrein triomfantelijk de romantiek: op naar de Nieuwe Tijd.

    • Kasper Jansen