Stress over nieuwe rekentoets

Een nieuwe toets in het voortgezet onderwijs. „Een havo-leerling die een twee haalt, hoort niet op het vwo.”

De examenstress begint vroeg dit jaar. Scholieren in het voortgezet onderwijs hebben er namelijk een toetsmoment bij. Naast de eindexamens in mei, is er nu ook de verplichte rekentoets, die deze maand voor het eerst wordt afgenomen. Een pilot leverde vorig jaar een bloedbad op. Op het vwo scoorde 78 procent van de deelnemers een voldoende, maar op het havo en vmbo-t (de oude mavo) lag het percentage voldoendes op respectievelijk 28 en 32 procent.

En dus moesten scholen aan de slag om een herhaling van dit debacle te voorkomen.

Wim Beerkens, afdelingleider 5/6 vwo van de Nijmeegse Scholengemeenschap Groenewoud en verantwoordelijk voor de rekentoets op die school, zegt dat hij naar aanleiding van de resultaten van de pilot speciale rekenlessen heeft ingeroosterd. „We geven een half jaar lang een uur per week aan de leerlingen die wiskunde A en C in hun pakket hebben. De leerlingen die wiskunde B doen, hebben het niet nodig.”

Er wordt geoefend met een digitaal rekenprogramma dat zich aanpast aan het niveau van de leerling: hoe meer vragen je goed beantwoordt, hoe moeilijker ze worden. Volgens Beerkens zijn de leerlingen bereid zich in te zetten op de rekenles. „Ze nemen de toets serieus, helemaal op het vwo. Het cijfer komt op je eindlijst en het staat niet leuk als het een onvoldoende is. Bij vervolgstudies, zeker in de technische hoek, wordt er toch met een schuin oog naar gekeken.”

Twee kansen

Voor het slagen of zakken van een leerling heeft het resultaat van de toets dit jaar en volgend jaar nog geen gevolgen. De enige eis is dat de leerling de toets maakt. Pas vanaf het schooljaar 2015-2016 telt het cijfer mee voor de examenuitslag.

Op Scholengemeenschap Lelystad zijn de leerlingen die vorig jaar aan de pilot hebben meegedaan en een onvoldoende hadden echter „min of meer gedwongen” om de toets nog eens te doen, zegt examencoördinator Lonnie Hendriksen. „Het staat toch mooier als je voor de toets een voldoende op je lijst hebt.”

De havo- en vwo-leerlingen van haar school maken de toets vandaag, de vmbo-leerlingen deden het vorige week, zegt Hendriksen. „De eerste reacties waren positief. Ze vonden het redelijk te doen, vergeleken met vorig jaar.” Dat zegt Wim Beerkens ook. „Het viel me op dat sommige leerlingen al na een minuut of veertig klaar waren, terwijl er negentig minuten voor staat. De vorige keer was het meer zweten en zwoegen.”

Leerlingen mogen de rekentoets in hun examenjaar maken, of het jaar ervoor. Elke leerling krijgt twee kansen, dus het is zaak de toets op het juiste moment af te leggen. „Tegen vmbo-3 hebben we gezegd: we willen dat jullie dit jaar allemaal een kans pakken”, zegt examencoördinator Lonnie Hendriksen. „Bij havo-4 en vwo-5 hebben de docenten gekeken: van wie kunnen we een voldoende verwachten? Dat was bij ongeveer eenderde van de leerlingen.”

Hendriksen ziet de toekomst met vertrouwen tegemoet, zeker wat betreft de leerlingen van havo en vwo. „Bij het vmbo zijn er profielen waar leerlingen al twee jaar geen wiskunde meer hebben. Die moeten nog extra worden bijgespijkerd.”

Niet geschikt

Op de Gereformeerde Scholengemeenschap Randstad in Rotterdam hebben alle leerlingen die dit jaar de toets maken dat inmiddels gedaan. Omdat de toets geheel digitaal is, kon Hilde Groenendijk, sectievoorzitter rekenen en economie van de school, al zien hoeveel vragen er goed werden beantwoord. Het ging beter dan vorig jaar, is haar idee. Maar voor sommige leerlingen zal de toets een te grote horde blijven. „Bij hen zit het probleem zo diep, dat spijker je niet in een paar maanden bij.”

Daarom neemt haar school sinds dit schooljaar in alle klassen rekentoetsen af, om zo eventuele problemen tijdig te signaleren. Groenendijk: „Wie een onvoldoende haalt, krijgt steunles aangeboden. Dat is facultatief, tot het jaar voor het examen. Wie dan nog niet op het gewenste niveau zit, moet zich verplicht laten bijspijkeren.”

Hoewel het haar veel extra werk oplevert, is Groenendijk blij dat de rekentoets is ingevoerd. „Een havo-leerling die een twee haalt voor zijn rekentoets, hoort niet door te stromen naar het vwo. Die is daar niet geschikt voor. Ik heb het gevoel dat er de afgelopen jaren mensen met diploma’s van school zijn gegaan die helemaal niet konden rekenen. Dat is gewoon onaanvaardbaar.”

Het nut van de toets staat voor Groenendijk dus buiten kijf. Over de manier waarop er getoetst wordt, heeft ze echter „gemengde gevoelens”. Veel sommen zitten verstopt in een verhaaltje. „Natuurlijk is het handig als je kunt uitrekenen hoe laat je vliegtuig ergens aankomt, maar sommige leerlingen begrijpen niet alle woorden die in zo’n opgave worden gebruikt. Die struikelen dan niet over rekenen, maar over taal.”

Ook Wim Beerkens van de Nijmeegse Scholengemeenschap Groenewoud weet niet goed wat hij van „die verhaaltjes” moet denken. „Het is nuttig dat er aandacht wordt besteed aan rekenen. In bijna elke vervolgopleiding heb je die vaardigheid nodig. Maar ik betwijfel of dit de juiste manier is om het te toetsen.”

    • Bart Funnekotter