Nieuwe vuilcontainers in burgemeesterstrijd

Wat waren ze jaloers in Washington, toen New York eind vorig jaar een burgemeester koos. New York verkeerde in een feestroes toen Bill de Blasio uiteindelijk werd gekozen. Hij had van het samenbrengen van New Yorkers zijn belangrijkste programmapunt gemaakt. Washingtonians keken bijna verliefd naar het gezin-De Blasio: een blanke man, een zwarte vrouw, een zoon met een enorme bos kroeshaar. Een burgemeester kiezen kan leuk zijn, inspirerend.

Maar een burgemeester kiezen kan ook een verschrikking zijn. Washington is nu zélf aan de beurt. Volgende week, op 1 april, wordt de strijd beslist tijdens de Democratische voorverkiezingen. Omdat Washington altijd voor een Democraat kiest, is dit het hoogtepunt van de verkiezingen. Burgemeester Vincent Gray, die herkozen wil worden, heeft één concurrent, ene Muriel Bowser. Waarschijnlijk zal Gray het toch wel redden.

Mijn omgeving haalt de schouders op. Washington verdraagt de verkiezingen net zo slecht als een bord bedorven voedsel. Niemand kent Gray. Behalve uit de The Washington Post, waar dagelijks wordt geschreven over de schandalen waarin de burgemeester verzeild is geraakt. Gray wordt door het Openbaar Ministerie verdacht van betrokkenheid bij een grote corruptiezaak. In 2010, tijdens zijn vorige campagne, had Gray volgens het OM miljoenen aan illegale donaties aangenomen. Dat geld kreeg hij van een zakenvriend die Gray Uncle Earl noemt. Gray ontkende de beschuldiging in zijn jaarlijkse State of the District, waarin hij woedend uitviel tegen iedereen die hem het leven zuur maakte.

Washington heeft een ongelukkige hand in het kiezen van een lokaal bestuur. Corruptie, leggen mijn buren uit, hoort er hier nu eenmaal bij. De stad is nog nauwelijks bekomen van Marion Barry, die (met een pauze van vier jaar) burgemeester was tussen 1979 en 1999. Barry rookte crack, zat in de gevangenis en kreeg boetes omdat hij zijn belastingen niet betaalde. Er zijn veel parallellen tussen Barry en Gray: het zijn politieke vrienden, en hun machtsbasis ligt in het straatarme zuidoosten van de stad, waar ze van de Afro-Amerikaanse inwoners een vrijwel onbeperkt mandaat krijgen.

In mijn wijk, het rijke, en grotendeels blanke noordwesten van de stad, moet niemand iets van Gray hebben. Dat gevoel is wederzijds, vermoed ik. Ik heb de burgemeester van Washington hier nooit gezien. Maar nu Grays verkiezing onzeker is, maken we toch opeens kennis met hem. Een paar weken geleden stuurde hij iedereen in de wijk een brief, met glanzend papier, en met foto van een grijnslachende burgemeester. De burgemeester was een misstand op het spoor gekomen, schreef hij: de afvalcontainers in de wijk waren niet in orde. „Ze trekken ratten en ander ongedierte aan.” Ik keek naar buiten, naar de containers. Niks mis mee.

Gray beloofde nieuwe containers. En inderdaad, vorige week werden ze in mijn straat bezorgd. Bij elk huis werden twee gigantische containers neergezet. Een groene voor gewoon afval, en een blauwe voor recyclebaar afval. „Precies wat we hadden”, zegt een buurman. „Maar dan groter.” Ik zocht op de site van de gemeente op hoeveel deze grap gekost had: negen miljoen dollar.

Origineel is het wel: een politicus die zijn besmeurde blazoen met vuilnisbakken probeert te redden. Maar de ironie ontgaat mijn buren. Hardop verzuchten ze: soms wilde je dat je New Yorker was.

    • Guus Valk