Messi neemt Barcelona bij de hand

Met drie doelpunten in een zinderende El Clásico was Lionel Messi bepalend voor de winst met 4-3 van Barcelona op Real Madrid. De spanning aan kop van de Spaanse Primera División is terug.

Hij mag zich nu de productiefste buitenlander in de Primera División noemen, de voetballer die gisteravond een groot aandeel had in de overwinning van Barcelona op Real Madrid. Een eretitel die voorheen was weggelegd voor de Mexicaan Hugo Sánchez, oud-speler van Real Madrid, is nu in het bezit van Lionel Messi, die met drie doelpunten in Estadio Santiago Bernabéu zijn status als held van Catalonië bevestigde.

Wel met een enig fortuin, dat moet gezegd. Want kwam zijn tweede treffer, gemaakt vanaf de stip in 65ste minuut, niet tot stand na een fopduik van zijn Braziliaanse teamgenoot Neymar? Eindeloos werd diens val herhaald, vanuit alle camerastandpunten, maar op geen enkel beeld was duidelijk te zien dat Real-verdediger Ramos daadwerkelijk een overtreding beging. Diens rode kaart na de tuimeling van Neymar leek daarom onterecht, evenals de door Messi benutte strafschop, die goed was voor 3-3.

De val van Neymar was een twistpunt in een wedstrijd. Zelden was El Clásico zo spectaculair als de editie van gisteren. Precies zoals de Catalanen vooraf hadden gehoopt. Een nederlaag had titelconcurrent Real Madrid een stap dichter bij het kampioenschap gebracht, maar in plaats van zeven punten bedraagt het verschil nu één punt in het voordeel van Real. Hetgeen betekent dat de Primera División met negen speelronden te gaan een spannende ontknoping tegemoet gaat.

De uitslag was tijdens de wedstrijd niet te voorspellen, zo open werd er gespeeld. De eerste kans voor Barcelona was meteen raak. Na zes minuten brak middenvelder Iniesta door op de linkerflank en schoot de bal hard via de onderkant van de lat achter López.

Grote vreugde bij de gasten, maar een kwartier later stond het weer gelijk. Smaakmaker Karim Benzema kopte de bal perfect binnen, al maakte Valdéz geen al te sterke indruk in het doel van Barcelona.

Anders was het bij de 2-1 van Benzema, toen de spits de bal knap controleerde en vol op zijn wreef nam. Valdéz had het nakijken. Vlak voor rust trok Messi de stand weer gelijk. De Argentijn wist te midden van enkele tegenstanders eenvoudig raak te schieten. Een kenmerkende Messi-goal.

Van een ander gehalte waren zijn doelpunten in de tweede helft. Nadat Cristiano Ronaldo een strafschop had benut – toegekend nadat hij zelf makkelijk naar de grond was gegaan – scoorde Messi achtereenvolgens de 3-3 en 3-4, beide keren uit een strafschop, waarbij de laatste van de twee terecht was. Iniesta soleerde door het strafschopgebied en werd gevloerd door Xabi Alonso. Die deed alsof zijn neus bloedde, maar zorgde er met deze domme overtreding wel voor dat Barcelona weer aansluiting heeft gevonden bij Madrid.

Engeland

Nog altijd wil Chelsea-coach José Mourinho zijn elftal geen titelfavoriet noemen, maar ondertussen won de koploper zaterdag met liefst 6-0 van Arsenal. Een monsterscore, uitgerekend de duizendste wedstrijd van Arsène Wenger als trainer van Arsenal die niet bereid bleek om de afsluitende persconferentie bij te wonen.

Wengers ploeg verloor eerder dik van Liverpool en ging dus zaterdag opnieuw flink onderuit tegen een concurrent uit de top de Premier League. Reden genoeg voor de Fransman om naderhand te zeggen dat hij had gefaald in zijn tactiek, zo liet hij tegenover de BBC weten.

Arsenal staat nu op de vierde plaats, zeven punten achter Chelsea. Liverpool, dat tweede staat met vier punten achter de koploper, won met 6-3 bij Cardiff City, onder meer door drie treffers van Suarez. Nummer drie Manchester City was veel te sterk voor Fulham: 5-0.