Dit zei Wilders zaterdag

„In geen honderdduizend jaar” zou Geert Wilders zijn uitspraken over minder Marokkanen in Nederland terugnemen. Op excuses, zo maakte hij zaterdag duidelijk, hoefde niemand te rekenen. „Ik heb geen enkele spijt van mijn opmerkingen.

Met zijn belofte dat hij minder Marokkanen in Nederland zou „regelen”, heeft hij „niets in deze maatschappij aangericht”, zei de PVV-leider. Het waren de „abjecte vergelijkingen” met de Tweede Wereldoorlog door anderen die voor de ophef van de afgelopen dagen hebben gezorgd, aldus Wilders. „Ik ben als Hitler afgebeeld, er is een vergelijking met Goebbels gemaakt.”

Of zijn uitspraken tot meer uittredende PVV’ers zouden leiden, zei hij niet te weten. „Ik weet niet waar dit eindigt, maar ik weet wel dat ik zal doorgaan. Niemand zal mij klein krijgen. Ik weet één ding: of we nu met 13, 10 of 5 zetels eindigen, Geert Wilders zal doorgaan. Ik zal altijd, tot mijn laatste snik, mijn geluid laten horen.”

Wilders was erg boos op minister Opstelten (Justitie, VVD), die de opmerking van Wilders „walgelijk” had genoemd. „Opstelten is de baas van de officieren van justitie die op dit moment beoordelen of aangiftes tegen mij moeten leiden tot vervolging. Hoe kan het OM nog in alle objectiviteit bepalen of ik vervolgd moet worden als hun hoogste baas mij eigenlijk al schuldig heeft verklaard?