Ze hebben alle seks eruit gehaald

De BMW 3 die Bas van Putten ooit bezat, haalde het laagste in hem naar boven. Bij de 4, zijn opvolger, is het verstand de baas.

Foto Lars van den Brink

Van alle BMW’s is de 3-serie misschien het sprekendste symbool van geslaagdheid. De duurdere 5- en 7-series zijn al establishment, terwijl de 3-rijder nog jeugdig onbevangen uitstraalt dat de weg omhoog is ingeslagen. Dat viert hij met zijn eerste BMW, natuurlijk een coupé. Sedans zijn genadebrood voor leaserijders met nageslacht.

Dat BMW de 3 Coupé sinds kort als 4-serie verhandelt, lijkt een verkoperstruc. Het is gewoon de oude 3-serie voor nieuwe kansrijken. Zoals de 27-jarige tassenontwerper Omar Munie, die ik in een krantenrubriek over ondernemers en hun auto’s zag poseren met zijn 430D. Als ex-vluchteling met een moeilijke jeugd is Omar een van de ontroerendste succesverhalen in de lage landen. Kijk hem stralen van geluk, de beste pleitbezorger van het ondernemersevangelie dat de wil de weg is. Mijn sympathie wortelt in dankbare herinneringen. Ik had zelf zo’n coupé toen hij nog 3 heette.

Het was een kanariegele M3 E46 met de ruigste zescilinder van het huis. Ik had 343 pk en tuigwielen zo groot dat de geringste aanvaring met een trottoirrand schaafwonden veroorzaakte die je bij schadeboeren een vermogen kostten. Het ding maakte het allerlaagste in me los. Mijn rijstijl bevestigde alle vooroordelen over BMW-rijders. Bij de pomp werd ik aangesproken door New Kids-achtige types die me in ondoorgrondelijke dialecten feliciteerden. „Mooie waguuuh jonguh!” Ik heb hem weggedaan uit angst dat hij mijn dood zou worden, hoe camp ik het ook vond mijn liefde te delen met bevolkingsgroepen waar politici zich zorgen over maken; de vreemde solidariteit van toen heb ik nooit meer gevoeld. Ik vloog als randgroepidioot over rotondes. Lachuh jonguh!

Zo diep zie ik Omar niet zinken. Zijn 4-serie is er ook niet de auto naar. Zo bruin als mijn platvloers bespoilerde M3 bakt BMW ze überhaupt niet meer. Het motorische geweld is tegenwoordig zo gelikt verpakt dat zelfs de wildste BMW’s min of meer presentabel blijven; de harde seks ging ondergronds als jarretels onder een mantelpak. De 4-serie is een digitale schoonheid, zonder de weerhaken waar tokkies en beschaving vergenoegd of verontrust aan blijven hangen. Overesthetisch glad, te weinig vuil der aarde. Een accountant.

Goddank voor Omar heeft hij nog een zescilinder. Die worden bij BMW een zeldzaamheid. De meeste 3- en 4-series hebben er vier. Downsizing levert schonere motoren op die met voldoende turbo’s net zo hard gaan. De twee turboladers van de 435i x-Drive (x staat voor vierwielaandrijving) poken zijn drieliter zescilinder op tot 306 pk, niet zoveel minder dan mijn gele. Maar ondanks vergelijkbare prestaties is hij minder enerverend. Het rijkarakter van de 435i is aardig samengevat met de leus voor de ecotechnologie waarmee BMW vorig decennium de strijd met vieze uitlaatgassen aanbond: ‘Vernunft, jetzt aufregend’. Helaas; het verstand is de baas.

Coitus interruptus

Deze BMW gaat als verkeersagent in dialoog met ongehoorzame chauffeurs. Halverwege mijn eerste orgiastische versnelling klinkt een alarmsignaal. Ik blijk de maximumsnelheid, die hij met zijn verkeersbordenherkenner zelf kan lezen, met meer dan tien kilometer te hebben overschreden. Stout! Coitus interruptus, sfeer kapot. Onder de toerenteller zit een instrument dat het verbruik in liters aangeeft maar de facto als gedragswijzer fungeert. Voorzichtige rijders houden de meter in de blauwe zone met de aanduiding efficient dynamics. De auto heeft een ecostand die met een dreigverklikker waarschuwt tegen energieverspillend rijgedrag: het icoontje toont een voet op de rem. Had hij nu ook maar gewaarschuwd tegen de bestuurdersstoel die na het instappen ongevraagd elektrisch naar achteren begint te schuiven om de eierdoos te pletten die ik tussen rugleuning en achterbank heb neergezet. Geen boodschappenverklikker in een testauto van negentig mille, de schande.

De 435 is ontspannen snel, gevaarloos comfortabel. BMW weet wel heel goed hoe je cadeaus verpakt. Behoudens het iPad-achtige multimedia-flatscreen, herinnert binnen alles aan de cockpit-achtige intimiteit van mijn M3. Feest der herkenning.

Maar ik heb een ongemakkelijk gevoel bij de vertrouwd perfecte stuurpositie die zo uitnodigt tot proletarisch rijgedrag. Ik voel me bekeken. De 435i is als de hoer die klanten na betaling afstraft met een bittere oekaze tegen vleselijke lusten. Intussen rijd ik met die 306 pk wel 1 op 12, straks gaan we het van Rijswijk naar het noorden en retour op één tank redden, machtig toch?

    • Bas van Putten