‘We rouwden niet samen’

Maurice Verheijden en Fatima Fortes waren zeven jaar bij elkaar en hebben een dochter, Isabelle (4,5) en een zoon, Calvin (2,5).

Fatima en Maurice in Lissabon in de zomer van 2007

„We zijn met elkaar in contact gekomen via een datingsite. Bij onze eerste afspraak gingen we naar een hardcorepunkconcert in Rotterdam. Daarna zijn we niet meer zonder elkaar geweest. Ik was 21, Fatima 26. Allebei hielden we van tatoeages, dat was een belangrijke gedeelde interesse. Verder waren we erg verliefd. Na een jaar vroeg ik haar ten huwelijk.

„Onze dochter Isabelle werd geboren met een zeldzame hersenafwijking. Het was meteen duidelijk dat het niet goed was. Haar hoofd was significant groter dan dat van een gezond kind en ze ademde nauwelijks. Ouder dan zes weken zou ze niet worden. Na twee weken mochten we haar mee naar huis nemen, nog steeds in de veronderstelling dat ze zou overlijden, maar ze ging niet dood. Wat er wel ging gebeuren, wisten we niet. Daar begonnen we elkaar al een beetje kwijt te raken.

„Als de een huilde, hield de ander de boel draaiende. Daardoor rouwden we niet samen. Maar iedereen in onze omgeving zei steeds: ‘Jeetje, wat doen jullie het goed!’ We gingen het zelf geloven, zodat we niet in de gaten hadden dat we geen aandacht meer aan elkaar besteedden.

„Ondertussen was ik sociaal-pedagogische hulpverlening gaan studeren, naast mijn fulltimebaan in een kledingzaak. Elke avond zat ik te leren. Voor mij was dat heel belangrijk, ik doe voor het eerst in mijn leven iets waar ik goed in ben. Maar het heeft er niet toe bijgedragen dat we dichter tot elkaar zijn gekomen.

„Op zeker moment waren we alleen nog maar huisgenoten. Er kwamen irritaties. Er moest iets gebeuren, voor de kinderen was het ook geen gezonde situatie. We besloten om uit elkaar te gaan. Het vuur is uit, het hout is nat en probeer dan het vuurtje maar weer eens aan te krijgen. Zo voelde het. We staan allebei achter de beslissing, en niemand heeft schuld. Over de opvoeding van de kinderen zijn we het ook nooit oneens geweest. Dat is onze winst.”