Snijden in techniek houdt de zorg duur

Ziekenhuizen bezuinigen op medische apparatuur. Onverstandig, meent Hugo ten Cate. Technologie kan juist helpen de zorg beter én goederkoper te maken.

Een bulldozer aan het werk bij een kolenmijn in Kentucky. 40 procent van de uitstoot van CO2 in de VS komt door kolen. Het is de meest vervuilende energiebron. Foto AFP

We leven in Nederland met zijn allen steeds langer. Die toegenomen levensverwachting kent een prijs. Geen wonder dat beheersing van de zorgkosten één van de grootste politieke speerpunten is. Maar in die discussie lijkt de politiek nu het kind met het badwater weg te gooien.

De afgelopen jaren heeft het ministerie van Economische Zaken via de aardgasbaten fors geïnvesteerd in onderzoek naar nieuwe medische technologie. Maar nu deze onderzoeken vruchten beginnen af te werpen, trekt de overheid zich terug. En dat terwijl deze nieuwe technologie juist voor een veel betere levenskwaliteit én voor grote besparingen in de zorg kunnen zorgen.

Het medisch onderzoek is al enige jaren gericht op behandelingen die beter zijn afgestemd op de individuele patiënt, op basis van een ‘diagnose op maat’. Dat is beter voor de patiënt, maar brengt in veel gevallen óók veel lagere kosten met zich mee. Ik noem als voorbeeld van een simpele diagnostische test die recent is ontwikkeld. Als een patiënt vroeger bij de huisarts kwam met een pijnlijk dik been werd hij steevast doorverwezen naar het ziekenhuis. Immers, het zou op trombose kunnen duiden. Nu kan de huisarts met een simpele test kijken of dit ook echt het geval is. Dit betekent dat 80 procent van de patiënten niet meer hoeft worden doorverwezen en dat een kostbaar echografisch onderzoek door de specialist in het overgrote deel van de gevallen niet meer nodig is.

Ik hoor sommige politici soms nog wel eens zeggen dat het juist allerlei dure apparaten en tests zijn die de kosten van de gezondheidszorg opdrijven. Het tegendeel is waar. Ik zou tegen die politici willen zeggen: kom eens kijken in de praktijk!

Kapitaalvernietiging

Al jaren zijn wij bezig op een doelmatige manier nieuwe medische technologieën te ontwikkelen. Zo is, met geld uit de aardgasbaten, zeer innovatief onderzoek opgezet voor ziektes als kanker, hart- en vaatziekten, infectieziekten en dementie. Het zijn onderzoeken waarbij bedrijven, wetenschappers en artsen samen naar nieuwe oplossingen zoeken.

Die samenwerking op zich is al uniek, aangezien het enkele jaren geleden nog gescheiden werelden waren. Maar opvallender: elk van deze onderzoeken kreeg alleen financiering als duidelijk was dat de nieuwe technologie tot een verbetering voor de patiënt én kostenbesparing zou leiden.

Nu lijkt politiek Den Haag – onder druk van bezuinigingen – zich uit dit soort innovatief medisch onderzoek terug te trekken. Dat is niet alleen kapitaalvernietiging, want inmiddels zijn in deze lopende onderzoeken al tientallen miljoen uit de aardgasbaten geïnvesteerd. Het is ook nog eens kortzichtig. Want investeren in nieuwe medische technologieën verbetert niet alleen de kwaliteit van leven voor de patiënt, maar kan ook leiden tot lagere kosten in de gezondheidszorg. Een dubbelsnijdend zwaard dus.

Mijn advies aan de beleidsmakers in Den Haag: zie het als een collectieve verantwoordelijkheid te blijven investeren in innovatieve, medische technologieën. Op langere termijn wordt iedereen daar beter van, ook de minister van Financiën. Investeren in onze eigen toekomst levert uiteindelijk misschien nog wel meer op dan het redden van een bank.