Dat heeft niet verloren – het is alleen versnipperd

Er wordt veel gesomberd over de implosie van het politieke midden en de opkomst van de populistische flanken. Maar de uitslag van de verkiezingen bevestigt die angsten niet. In 2010 haalden middenpartijen VVD, PvdA, CDA en D66 samen ruim 50 procent van de stemmen; nu is het iets minder dan 50 procent. Tel je daarbij ChristenUnie en SGP op, die met hun gedoogsteun aan Rutte II ook hebben gekozen voor gematigdheid en bestuurlijkheid, dan is het politieke midden zelfs groter dan in 2010.

Toch is er wel een ander verschil met vier jaar geleden: het midden is versnipperd. „In het centrum moeten nu steeds meer partijen elkaar in evenwicht houden”, zegt politicoloog Marcel Boogers.

Volgens David Van Reybrouck zal er in de toekomst een andere tegenstelling overheersen dan die tussen het midden en de flanken: die tussen de ‘horizontale’ en ‘verticale’ partijen. „De klassieke partijen VVD, CDA en PvdA, die topdown denken, hebben verloren. D66, dat strijdt voor nieuwe vormen van democratie, heeft gewonnen. En ook de lokale partijen [goed voor bijna 30 procent van de stemmen, red.] proberen de democratie dichter bij de burger te brengen.” De opkomst van ‘horizontale’ partijen’ is ook elders in Europa zichtbaar, zegt Van Reybrouck. „Denk aan de Vijfsterrenbeweging van komiek Beppe Grillo in Italië. En aan de Piratenpartij, die in peilingen even de derde partij van Duitsland was.”