Witte vlinderdans en snelle Mozart

Kip of ei: het publiek buiten de Randstad krijgt een steeds minder avontuurlijk programma voorgeschoteld door de zalen, die steeds conservatiever programmeren in de hoop dat publiek te behouden. Dus speelde het 25-jarige strijkorkest Amsterdam Sinfonietta de Vlinderdansen (2012) van Peter-Jan Wagemans onlangs níét in Tilburg en Enschede. Jammer: luisteraars in thuisbasis Amsterdam hoorden woensdag hoe prachtig en toegankelijk deze muziek is.

Neem De dans van de Atlasvlinder: van dromerige soft focus is de pendelbeweging tussen piano en een fractie hoger gestemde piano-opname, waar de strijkers in toenemende opwinding doorheen schieten. Het – hoorbaar lastige – laatste deel is een wilde wolk vol witjes.

Amsterdam Sinfonietta opereert zonder dirigent. Dus zat pianist Alexander Melnikov in Muziekgebouw aan ’t IJ midden tussen de met blazers versterkte musici. Gevolg: een zeer spontane uitvoering van Mozarts Pianoconcert nr.9 ‘Jeunehomme’ , waarin Melnikov al net zo wonderlijk fel én licht speelde als het orkest. Het operadrama van het Andantino kreeg lucht en stuwing, culminerend in een zeldzaam zachte solocadens. De snelheid van het slot was op de grens van speelbaar, soms ten koste van de articulatie maar wel zo spannend.

Metamorphosen is een lijfstuk van Amsterdam Sinfonietta; Richard Strauss schreef het doorwrochte werk immers voor 23 solostrijkers. Een dirigent had wellicht meer precisie in timing kunnen aanbrengen, maar zou de ontroerend kamermuzikale intimiteit alleen maar in de weg hebben gezeten.