Verwacht van deze paus geen wonderen

Paus Franciscus heeft de sterstatus bereikt, met alle positieve aandacht voor zijn woorden en daden. Thomas van Lier tempert de geestdrift.

‘Buona sera!”, riep de nieuwbakken paus Franciscus toen hij zich een jaar geleden op het balkon van de Sint-Pieter presenteerde aan de toegestroomde menigte op het Sint-Pietersplein in Rome. Het was zijn eerste gebaar als leider van een instituut dat volgens de Argentijn te veel in zichzelf gekeerd is. Zijn open en eenvoudige houding bleek geen momentopname, want in de maanden die volgden, liet de paus zien dat hij het niet alleen bij woorden wil laten. Anders dan zijn voorgangers rijdt hij niet rond in een glimmende, zwarte Mercedes, maar houdt hij het bij een eenvoudige Ford Focus. Franciscus haalt de bezem door het bestuur van zijn kerk, vervangt de top van de corrupte Vaticaanse Bank en sprak openlijk zijn afkeer uit van ‘de nieuwe tirannie’ van het ongebreidelde kapitalisme.

In zijn kersttoespraak maakte de Argentijn zich boos over het voortwoekerende geweld in Syrië. Waarom staan mensen elkaar zo naar het leven?, vroeg hij met oprechte verontwaardiging. Voor veel mensen, liberale atheïsten en katholieke gelovigen, is Franciscus een verademing. Eindelijk eens iemand die orde op zaken durft te stellen in dat door schandalen geteisterde instituut met zijn achterhaalde opvattingen over abortus, euthanasie en het homohuwelijk.

Hij is de nieuwe Obama, ‘change’ staat op zijn voorhoofd geplakt. Daarom is hij door Time uitgeroepen tot Person of the Year en verschijnen lovende artikelen over hem in flitsende bladen als Rolling Stone. Next-columnist Ilja Leonard Pfeijffer, die zijn hekel aan de katholieke kerk en religies in het algemeen nooit onder stoelen of banken stak, noemt Franciscus zelfs een ‘marxist’ en laat zich door de beeldvorming van de paus makkelijk om de tuin leiden.

Arrogante hogepriesters

Paus Franciscus vindt de aandacht voor zijn persoon zelf nogal ongepast. Hij doet namelijk wat een paus zou moeten doen, zegt hij: het voorbeeld van Jezus uitdragen. Die had immers ook een hekel aan de verstarde regels en geboden van de arrogante hogepriesters en zocht tot ieders verbazing toenadering tot de verschoppelingen van de maatschappij.

Als zelfverklaarde Zoon van God streek Jezus tegen de haren van de farizeeërs in. Hij introduceerde een nieuwe moraal, waarmee hij vele vijanden maakte.

De nieuwe paus, door Pfeijffer ‘Che Guevara in een witte jurk’ genoemd, doet eigenlijk niets nieuws. Hij pleit hooguit voor een ‘herbronning’ van de katholieke kerk, waarbij de opsmuk terzijde wordt geschoven en de nadruk wordt gelegd op de fundamentele christelijke waarden als barmhartigheid en naastenliefde.

Franciscus weet heel goed dat de katholieke kerk, die geteisterd wordt door schandalen, met een positieve boodschap moet komen om te overleven. Een religieus instituut dat alleen maar verboden verkondigt, heeft in een seculiere samenleving namelijk weinig bestaansrecht.

‘Laat die ouwe maar praten’

De mensen halen hun schouders op en denken: ‘Laat die ouwe maar praten.’ De kans is klein dat Franciscus de fundamentele katholieke opvattingen over zaken als abortus en het homohuwelijk gaat veranderen.

Hoewel hij het belangrijk vindt ‘homoseksuele individuen te respecteren’, wijst hij homoseksualiteit af. In een brief aan de kloosters van Buenos Aires over het homohuwelijk schreef hij dat homoseksualiteit een ‘destructieve aanval is op het plan van God’.

Over abortus zei de paus in het verleden dat het ‘de doodstraf is voor ongeboren kinderen’. Tegenover condoomgebruik is Franciscus wat toegeeflijker, aangezien die de kans op infectieziekten verkleinen. In 2001 bezocht Franciscus, toen nog kardinaal Bergoglio, een ziekenhuis in Buenos Aires en waste en kuste daar de voeten van twaalf aidspatiënten.

Wanneer je van de goedlachse paus verwacht dat hij het dogmatische, conservatieve instituut dat de katholieke kerk is, omtovert tot een organisatie die haar standpunten aanpast aan de liberale tijdsgeest kom je ongetwijfeld bedrogen uit. Als je echter verlangt naar een maatschappelijk betrokken kerk die uit zijn schulp kruipt, kun je met een bescheiden groet als ‘Buona sera!’ al heel tevreden zijn.