Vervolging van Wilders heeft nu meer kans

Wilders die een zaal mobiliseert voor ‘minder Marokkanen’? Politici vallen over hem heen, bezorgde en beledigde mensen doen aangifte. Maar is de PVV-leider strafbaar?

PVV-leider Geert Wilders Foto ANP

Dat de beelden van de scanderende PVV-aanhangers veel mensen onaangenaam hebben getroffen, is duidelijk. Maar is het voorval ook strafbaar? Meer precies: is Wilders hiermee de grens overgegaan tussen het in vrijheid een politiek debat voeren en het – strafbare – aanzetten tot haat of discriminatie?

Nogal wat mensen vinden het laatste. Gisteren deden meer dan honderd mensen en organisaties aangifte tegen Wilders, en ruim vijfhonderd mensen deden een melding bij de politie.

Het Openbaar Ministerie (OM) moet nu beslissen of het tot vervolging overgaat. Het zou niet de eerste keer zijn dat Wilders strafrechtelijk wordt vervolgd om zijn uitlatingen. En uit die eerdere vervolging, die in 2011 in vrijspraak eindigde, blijkt dat politici veel speelruimte krijgen.

1 Hoeveel speelruimte heeft een politicus?

De vrijheid van meningsuiting wordt in het recht stevig beschermd. Zeker bij politici die zich uitlaten over maatschappelijke kwesties. Zelfs uitlatingen die kwetsen, choqueren en verontrusten zijn toelaatbaar, heeft het Europees Hof voor de rechten van de Mens (EHRM) bepaald. Die vrijheid is niet onbeperkt. Zo floot het EHRM de Franse politicus Jean-Marie Le Pen terug, toen die zei dat ‘de moslims de boel overnamen’. Ook politici moeten woorden vermijden die onverdraagzaamheid zouden kunnen aanwakkeren, oordeelde het EHRM.

2 Waarom werd Wilders eerder vrijgesproken?

Het Openbaar Ministerie wilde Wilders aanvankelijk niet vervolgen, maar moest dat toch na een uitspraak van het gerechtshof. Het hof gaf als voorlopig oordeel dat de uitlatingen van Wilders toen – „Grenzen dicht; geen islamieten meer Nederland in; veel moslims Nederland uit” – strafbaar waren; haatzaaiend. Inhoudelijk, maar ook door de presentatie: „eenzijdige, sterk generaliserende formuleringen met een radicale strekking, niet aflatende herhaling en een toenemende felheid”.

Het OM vroeg tijdens de rechtszitting op alle punten vrijspraak. In hoofdzaak omdat Wilders het geloof aanviel, en niet de gelovigen. Het bekritiseren van geloof is volgens vaste rechtspraak niet strafbaar, ook al zijn gelovigen daardoor gekwetst.

De rechtbank sprak Wilders inderdaad vrij, maar zei wel dat Wilders zich „op de grens van het strafrechtelijk toelaatbare” had begeven. Meerdere uitlatingen riepen volgens de rechtbank op tot discriminatie, en delen van Wilders’ film Fitna waren zelfs haatzaaiend, volgens de rechtbank. Hij werd daar toch niet voor veroordeeld, omdat de opmerkingen volgens de rechtbank in de context van de toenmalige politieke discussie moesten worden gezien.

3 Ligt de situatie nu anders?

Een vervolging voor Wilders’ uitlatingen op de verkiezingsavond heeft meer kans, zeggen hoogleraar Göran Sluiter, emeritus hoogleraar Jit Peters en advocaat Gerard Spong.

Spong noemt de uitlatingen „puur discriminatoir”. Volgens hem probeerde Wilders het „later nog te redden door te zeggen dat hij het alleen had over criminele Marokkanen. Dat helpt niet. Hij heeft het immers niet over criminele Engelsen, Bulgaren, of Russen. Hij voelde kennelijk aan zijn water aan dat hij over de schreef was gegaan.”

Spong verwacht niet veel van het OM en noemt de eerdere uitspraak van de rechtbank „afgrijselijk laffe rechtspraak”. „Maar ik hoop dat het OM en de rechtbank bij zinnen komen.”

Sluiter: „Indertijd oordeelde de rechtbank al dat Wilders op de grens van het toelaatbare zat. En deze uitspraak gaat nog weer een stap verder: hij slingert de samenleving in dat Marokkanen uit Nederland verbannen moeten worden. Als dat in Bosnië gezegd wordt van een bevolkingsgroep, noemen we dat oproepen tot etnische zuivering. Ik wil deze uitspraak nog niet als een dergelijke oproep kwalificeren, maar het is heel ernstig.”

De meningen zijn wel verdeeld. Advocaat Geert-Jan Knoops zei gisteren in RTL Nieuws dat deze uitlatingen van Wilders nog beschermd zijn, en niet strafbaar.

4 De vrijheid van meningsuiting gaat toch ook heel ver?

In wezen gaat het om de vraag wat wij in het maatschappelijk debat nog aanvaardbaar vinden, zegt Sluiter. „De verontwaardiging die dit oproept is van belang, en die is veel groter dan de vorige keer.” Bovendien gaat het nu zeker over mensen, niet over religie. „Als we hier niets mee doen, weet ik niet wat we wél kunnen verbieden.”

Ook de context waarin de uitspraak wordt gedaan is belangrijk. Peters: „Die eerdere uitspraken waren veel preciezer, dat waren politieke uitspraken. Dit is in een zaal roepen: hoe minder, hoe beter. Dat is geen politieke uitspraak.” Peters vindt dat de bescherming van de vrijheid om politieke uitlatingen te doen heel zwaar moet wegen. „Maar niet als het overgaat in pure stemmingmakerij.”