Spielberg van de 19de eeuw

Gustave Doré is bekend om zijn gravures voor boeken // Maar hij maakte ook schitterende schilderijen en beeldhouwwerken, blijkt in Parijs // Die zijn een beetje kitscherig, maar adembenemend

Verrassend is zwak uitgedrukt. Gustave Dorés schilderij Jezus verlaat het praetorium (1) is vijf meter hoog en acht meter breed. Is dit werkelijk van Gustave Doré, de Franse illustrator die we kennen van zijn gegraveerde boekillustraties in zwart-wit? Schilderde hij? En nog wel zo’n reusachtige bijbelse scène met Jezus vlak voor hij het kruis op zijn schouders krijgt.

De expositie L’imaginaire au pouvoir in Musée d’Orsay in Parijs vermorzelt bij binnenkomst meteen je vooroordeel – of gebrek aan kennis – dat Doré enkel de man was van gravures. Schilderijen, sculpturen – Doré was op veel meer terreinen een onstuitbaar talent.

„De meest productieve illustrator ooit”, „de Steven Spielberg van de negentiende eeuw” – met zulke superlatieven is deze expositie omgeven. Het enorme schilderij van Jezus aan het begin van zijn kruisweg is ook een krachttoer. Zeker honderd toeschouwers in de mensenmassa om Christus heen hebben een eigen persoonlijkheid gekregen.

De man van gravures, of...?

Zelf vond hij dit zijn meesterwerk. Maar met zijn klassieke tempels en een doorkijkje naar de heuvels is dit een traditioneel schilderij. Competent, maar eigenlijk een grote, kleurige schoolplaat. Zulke verwijten kreeg hij in 1861 ook al. „Zolang meneer Doré zichzelf beperkt tot de afmetingen van een houtsnede”, schreef een recensent, „kan hij beschouwd worden als een originele kunstenaar. Maar deze originaliteit is buitengewoon afwezig als hij grote projecten onderneemt”.

Toch begint de expositie in Musée d’Orsay juist daarmee. En we zien er Dorés beeldhouwwerken, die zo virtuoos zijn dat het pathetisch wordt. Die overdaad zit ook in veel schilderijen. Zoals bij het schilderij Straatartiesten uit 1874 (2), waarop een huilende moeder staat van een jong circusacrobaatje dat van het hoge koord is gevallen en nu stervend in haar armen ligt, terwijl vader machteloos toekijkt.

Gustave Doré was populair, verdiende uitstekend en kreeg tal van medailles en andere blijken van waardering voor zijn illustraties. Op zijn 33ste had hij al 100.000 tekeningen gemaakt, berekende hij eens.

Ook méér dan illustrator

„Sorry”, liet hij op die constatering volgen, want hij wilde meer zijn dan illustrator: hij wilde erkenning als kunstenaar krijgen. Dat hij het daar moeilijk mee had, blijkt uit een schilderijtje waarin hij afrekent met critici die eisen dat schoenmakers alleen schoenen maken. Doré schilderde een kikker die als een vlieger hoog in de lucht zweeft, terwijl een ooievaar met opengesperde snavel op hem afkomt. „Mensen willen je vleugels afknippen”, zei Doré erover. „Ze willen je verhinderen je eigen weg te gaan.”

Doré is een meester in enscenering, en weet met donker en licht perfect sferen te scheppen. Dieren, mensen, sprookjeswezens en landschappen geeft hij de juiste emoties. Als literair illustrator maakt hij het verhaal aantrekkelijk zonder de verbeelding van de lezer te storen.

Op zijn dertigste was Doré een beroemdheid. Ook buiten Frankrijk: Don Quichot en de Bijbel spraken een internationaal publiek aan. Zijn dreigende platen bij Miltons Paradise Lost, Shakespeares Macbeth en The Rime of the Ancient Mariner van Coleridge deden het goed in Victoriaans Engeland. In Londen werd hij op handen gedragen, ook door de overeenkomsten in onderwerp, stijl en sfeer met de werken van populaire kunstenaars als Hunt, Millais en Rossetti.

De Bijbel was zijn doorbraak

Zijn geïllustreerde Bijbel (1865) werd zijn grootste succes. Doré volgt in 230 tekeningen niet exact het verhaal, merkt expositiesamensteller Philippe Kaenel op in het hoofdstuk ‘Prediker-schilder’ in de catalogus. „Het is een parallel visueel vervolgverhaal.” Met eigen scènes geeft Doré het verhaal volgens Kaenel nieuwe beeldende krachten.

Voor Don Quichot kon Doré terugvallen op wat hij op zijn reizen door Spanje had gezien, maar in Palestina was hij nooit geweest. Dus leende hij ideeën van Michelangelo, Rembrandt, Rubens, Rafael, Poussin en Delacroix.

Dat was geen slechte keuze: de eerste druk van 3.200 exemplaren was snel uitverkocht. In Rusland, waar ze Doré sinds de jaren vijftig kenden, verkocht hij nog vóór de Russische vertaling uitkwam al 10.000 exemplaren. Tolstoj laat Anna Karenina over Dorés Bijbel praten, net als Mark Twain doet, in Tom Sawyer. Want met de Bijbel brak hij ook door in Amerika.

Ach, hij overdrijft een beetje

Als je tegen het einde van de expositie denkt dat je eindelijk Gustave Doré kent en hem nooit meer zult afdoen als ‘die briljante illustrator’, moet de grootste verrassing nog komen: Gustave Doré de landschapsschilder. De belangrijkste constante in zijn werk – mensen en dieren in dagelijkse of epische omstandigheden – is verdwenen, op soms een rustende wandelaar na. Hier gaat het alleen om de natuur.

Gustave Doré hield van reizen en was een enthousiast bergbeklimmer. Hij kwam graag in de Pyreneeën, de Sierra Nevada en de Alpen. Doré ontpopt zich dan als een romanticus die zich volledig overgeeft aan de schoonheid van een ongerept landschap. De emotie die hij wil uitdrukken is sterk: dat zie je aan het schilderij De Schotse Hooglanden uit 1872 (3). Aan de bijna kitscherige manier waarop hij het zonlicht op het doek zet dat langs een opening in het wolkendek op een Schots bergmeer valt: als een fel streepje verf. Goed, in zijn verlangen je te overtuigen van de schoonheid van dat meertje overdrijft Doré een beetje, maar het resultaat is adembenemend.