Niemand weet wat Wilders wil

Ook de VVD sluit samen besturen met de PVV nu uit; Wilders noemt alle kritiek ‘hetze’

Een Duits persbureau noemde Geert Wilders de Nederlandse Goebbels omdat hij fans tot een anti-Marokkanenspreekkoor opzweepte. PVV-Kamerlid Roland van Vliet verliet zijn fractie: „Ik kon het niet meer goedpraten.” De VVD sloot als laatste partij samenwerking met de PVV uit.

Twee vragen dringen zich op. Wat drijft Wilders? En wat drijft de VVD?

Over het eerste is het speculeren. In elk geval past Wilders’ optreden naadloos in de drietrapsraket waarmee hij al jaren politiek bedrijft: provoceer media en tegenstanders met een grensoverschrijdende uitspraak. Gebruik de ophef om te constateren dat jij wél weet wat het volk wil, in tegenstelling tot de politiek correcte elite. Negeer inhoudelijke kritiek, maar grijp emotionele kritiek aan om jezelf tot slachtoffer van een hetze uit te roepen.

Na elke provocatie werd de verwachting uitgesproken dat de PVV-leider echt niks gekkers meer kon bedenken. Het klopte nooit.

Wat Wilders wil, wordt met elke provocatie waarmee hij zich verder het isolement in drijft moeilijker te verklaren. Stemmen wint hij er niet mee, althans niet in 2012 of deze week. Partijen die hem al afwezen, doen dat steeds feller. GroenLinks-leider Bram van Ojik wil een debat om een gesloten front tegen de PVV te vormen. En de kans dat Wilders ooit nog bestuurt, is nihil, nu ook premier Mark Rutte zich categorisch tegen hem keert. De VVD-leider zei vannacht in Brussel dat zijn partij niet met de PVV kan samenwerken zolang Wilders „deze opvattingen” heeft.

Toch heeft de PVV die opvattingen al jaren. Wilders diende een motie van wantrouwen in tegen twee staatssecretarissen, alleen omdat ze óók een Marokkaans paspoort hadden. Hij pleitte voor een moslim-immigratiestop en het uitzetten van criminele moslims. Wilders vroeg om een ‘kopvoddentaks’ omdat „moslims het straatbeeld vervuilen”.

Altijd hield de VVD zich het liefst afzijdig. Waarom werd het de grootste partij van Nederland nu wel te veel?

VVD’ers voerden in Rutte I altijd twee redenen aan waarom Wilders’ anti-allochtonen ideeën zijn gedoogsteun niet in de weg zaten. De eerste was dat liberalen geen morele oordelen over anderen vellen. Dat was altijd al een curieuze redenering. Politici zetten dagelijks morele oordelen – gij zult niet stelen – om in beleid.

De tweede reden: de retoriek van Wilders was misschien onsmakelijk, zeiden VVD’ers, maar in de politiek gaat het om beleid, en daar kon je met de PVV afspraken over maken.

Waarom is de retoriek van nu voor de VVD wél reden om samenwerking onmogelijk te verklaren? De werkelijkheid is dat VVD’ers al jaren een ongemakkelijke balanceeract opvoeren. Als ‘fatsoenlijke’ volkspartij op rechts willen zij enige afstand tot de PVV bewaren, maar tegelijk de sentimenten waar Wilders op inspeelt niet taboe verklaren. Niet alleen omdat ze graag van PVV-sympathisanten VVD-stemmers wilden maken – het verwijt van electoraal opportunisme dat linksere partijen de VVD altijd maakten. De VVD voelt zich ook verantwoordelijk voor PVV-kiezers. Zij ziet zich als de enige partij die de emoties van Wilders-stemmers in beleid kan kanaliseren. Gebeurt dat niet, zeggen VVD’ers, dan komt eenvijfde van het electoraat niet meer aan zijn politieke trekken. Dat werkt maatschappelijk destabiliserend.

Maar de ongemakkelijke omhelzing van Wilders is geen optie meer, zo begrepen VVD’ers deze week. De kans om PVV-zetels te gebruiken om VVD-beleid te realiseren was toch al verdwenen. De ophef deze week over zijn spreekkoor maakt de potentiële schade voor de eigen partij te groot.