Kop eraf – en snel in blik!

Onder het motto dat ‘waarheid en verzinsel één pot nat zijn’ en we ‘allemaal een glimpje gekte nodig hebben’ schreef de Britse David Almond een knotsgek verhaal. De slapstickachtige toon van De jongen die met piranha’s zwom, de bizarre plot, de karikaturale karakters en de ondubbelzinnige moraal – geef een kind zelfvertrouwen en hij kan tussen piranha’s zwemmen – ze lijken weggelopen uit het werk van Roald Dahl.

Het pretentieloze avontuur draait om de verweesde Stanley Potts wiens ‘doodgewone’ leven eensklaps verandert wanneer zijn opvoeder ‘ome Ernie’ (een werkloze havenarbeider) zijn huis in een visfabriek omtovert. In zinnen waar het plezier vanaf spat, vertelt Almond vervolgens hoe Ernie van een goedzak in een geldbeluste ondernemer transformeert en Stan Potts zijn werkslaafje wordt.

‘Vissen zwommen, dansten en glibberden door Ernie’s gedachten’, schrijft Almond. ‘Weg kop en staart, eraf met de vinnen!/ Dan vlug in blik, etiket, en geld innen!’ Als zelfs Stans goudvissen – in navolging van ‘Potts’ Spectaculaire Sardientjes, Potts’ Meesterlijke Makreel en Prima Sprot van Potts’ – in een blikje eindigen, loopt Stan weg. Hij voegt zich bij een rondreizend kermisgezelschap en ontdekt wie hij is en wat hij kan.

De kermissetting staat garant voor magische scènes. Soms bekruipt je het gevoel dat Almonds verbeeldingskracht met hem op de loop is gegaan. Zo voegt het ‘Rotzooi Opsporing Team’ dat Ernie achtervolgt weinig toe en tempert het bovendien de vaart waardoor de spanning afneemt. Maar Almonds pleidooi om boven het alledaagse uit te stijgen en in onze fantasieën de wereld te ontdekken klinkt daardoor niet minder oprecht.

    • Mirjam Noorduijn