Hoe je een campagne laat mislukken

Een half jaar voor de verkiezingen stond de PvdA in Amsterdam in de peilingen ruim boven D66 // Daarna ging er veel mis // Zes redenen waarom lijsttrekker Pieter Hilhorst het niet kon winnen

8 maart, Pieter Hilhorst voert campagne op de markt in Amsterdam Zuidoost. Foto Olivier Middendorp

Anderhalve week geleden, op een zaterdag, staat Thea Hilhorst met haar broer Pieter op een campagnebijeenkomst in de Bijlmer. Niet Lodewijk Asscher, maar zij is die dag de meest opvallende steun voor de Amsterdamse PvdA-leider.

Terwijl cameraploegen en fotografen vicepremier Asscher omringen, opereert Thea Hilhorst anoniem. De oudere zus van Pieter is, te midden van veertig flyerende PvdA’ers en de geur van roti, gebraden kip en wierrook, „the positive voice” van haar broer, zegt ze.

En Hilhorst kan wel wat positivisme gebruiken. De campagne in Amsterdam concentreert zich volledig op zijn persoon. De Telegraaf en Het Parool hebben hem al afgeschreven. In de peilingen staat D66 op een historische voorsprong. Alles wat Hilhorst doet, lijkt mis te gaan, ziet ook zus Thea. „Bij debatten zie ik hem slikken en is hij strakker rond zijn kaken.” Zelf stemt de hoogleraar rampen en humanitaire hulp GroenLinks, in haar woonplaats Utrecht. Lachend: „Dus ik ben links genoeg om Pieter hier vandaag te mogen steunen!”

Gisteren trad Hilhorst terug, nadat de PvdA in Amsterdam 5 van de 15 zetels had verloren. D66 ging van 7 naar 14.

Wat ging er niet goed?

De PvdA koos voor een in de stad vrijwel onbekende lijsttrekker

De verbazing is groot als Het Parool eind oktober 2012 onthult dat Pieter Hilhorst de naar Den Haag vertrokken Lodewijk Asscher moet opvolgen als wethouder en lokaal PvdA-leider.

Hilhorst geniet op dat moment vooral bekendheid als columnist van de Volkskrant. Daarnaast is hij actief als spreekstalmeester.

Zo leidt hij najaar 2011 het verzet tegen de dreigende uitzetting van de Angolese Mauro, op het plein voor de Tweede Kamer: „Mauro moet blijven!”

De verbaal sterke Hilhorst, verwachten PvdA’ers, zal het goed doen in debatten en de media. En hij is aanstekelijk enthousiast in contact met kiezers.

Maar Amsterdammers associëren Pieter Hilhorst, de studentikoze slungel (1,92 meter) met zijn warrige krullenbos, eerder met GroenLinks dan met de PvdA.

Die lijsttrekker had bovendien geen enkele bestuurlijke ervaring

„Jonge vriend, doe het niet! Je bent geen wethouder”, schrijft Parool-columnist Theodor Holman, als bekend wordt dat Hilhorst wethouder en partijleider moet worden.

De opvolging van Asscher door Hilhorst wordt geregeld op zondagochtend 11 november. De vijftien leden van de PvdA-fractie zijn dan bijeen om erover te stemmen. Wethouder Carolien Gehrels en fractievoorzitter Frank Wolf oefenen nog wat druk uit op de twijfelaars, met het argument dat Hilhorst „interessante vergezichten op sociaal gebied” kan schetsen. Over diens bestuurlijke onervarenheid zegt Wolf: „Hij is slim genoeg, die techniek komt vanzelf wel.”

Hilhorst verslaat zijn tegenkandidaat met enkele stemmen verschil. Kritiek op zijn gebrek aan bestuurlijke ervaring probeert hij te pareren. „De ervaring waarop ik kan bogen, is dat ik ambtenaren scherp kan bevragen.” Bij zijn installatie als wethouder is hij bescheiden: „In mijn nieuwe rol zal ik zeker fouten maken, maar ik beloof u dat ik ervan zal leren.”

Als wethouder werd hij daarna verantwoordelijk voor een financiële blunder

Op vrijdag 13 december 2013 – hij is op werkbezoek in Antwerpen – hoort Hilhorst dat er een fout is gemaakt bij de gemeentelijke belastingdienst. In plaats van 1,88 miljoen is 188 miljoen euro aan toelagen overgemaakt aan Amsterdammers. En Hilhorst is als wethouder politiek verantwoordelijk.

Hij beseft direct de impact: critici zullen het voorval aangrijpen als hét bewijs dat hij een financieel onbenul is. Hiermee is de campagne voor de verkiezingen in feite begonnen.

Een maand later, in het eerste verkiezingsdebat, gaat VVD-leider Eric van der Burg, collega van Hilhorst in het stadsbestuur, vol in de aanval: „Een goede wethouder van financiën zou nooit instemmen met het PvdA-programma.” Een plaagstoot van D66-leider Jan Paternotte („U bent geen Lodewijk Asscher”) laat Hilhorst onbeantwoord.

De media keerden zich vervolgens massaal tegen hem

Het Parool concludeert na het verkiezingsdebat: „Wonderboy Hilhorst te licht bevonden.” Tv-programma EenVandaag: „Een wethouder in het nauw.” De Telegraaf: „PvdA moet vol aan de bak.” Telkens is Hilhorst het mikpunt. In het campagneteam trekken ze de conclusie: „Van de media moeten we het niet hebben.”

Twee weken na het debat, op zaterdag 25 januari, springt Hilhorst in tram 7 in de bres voor twee vrouwen die racistisch worden uitgescholden. Daarna twittert hij: „Kreeg knal voor mijn kop. Met andere passagiers vent tram uit gezet.”

Sympathieke actie, denken ze bij het campagneteam. Maar dat is buiten het frame van de verkiezingen gerekend: Hilhorst is de stakkerd en nu ook nog eentje die zichzelf op de borst klopt. Resultaat: 416 reacties op Geenstijl en een hausse aan persiflages. „Iemand aangesproken op slechte adem. Samen met medepassagiers pepermunt uitgereikt.”

„PvdA-bashen is een hobby”, zegt Nels Wichers, in het campagneteam verantwoordelijk voor de sociale media.

En toen bleek ook nog een karaktertrek: hij kan moeilijk fouten toegeven

In de gemeenteraad ligt Hilhorst onder vuur over de belastingdienstblunder. Bij het debat daarover, in januari, wimpelt hij kritische vragen af, ondanks een hoorbaar advies van burgemeester Van der Laan: „Zeg nou gewoon toe dat je het in een brief uitlegt.”

Hier openbaart zich een karaktertrek, zeggen bronnen rond het college: Hilhorst kan moeilijk toegeven dat hij zich vergist en mist de politieke vaardigheid anderen hun gelijk te gunnen.

In debatcentrum De Balie, bij het tweede lijsttrekkersdebat, in februari, testen Hilhorsts opponenten hem met een oude truc. Zodra Hilhorst zijn plannen voor armoedebestrijding ontvouwt, speelt D66’er Paternotte verbazing. „Maar dat staat niet in uw programma.” VVD-leider Van der Burg knikt mee.

Hilhorst blijft doorpraten.

Paternotte: „Bladzijde 68, daar staat het lijstje met dingen waar u geld aan wilt besteden. Armoede staat er niet bij.”

Hilhorst twijfelt en hij zwijgt.

Nu lijkt het of Paternotte het PvdA-verkiezingsprogramma beter kent dan Hilhorst. In werkelijkheid telt het PvdA-program niet meer dan 56 pagina’s.

Na afloop staan de PvdA-campaigners met hangende hoofden bij de bar. „Pieter maakt zijn punt als hij zijn mond moet houden en hij laat de kans liggen als hij moet scoren”, zegt er een. „Hij is overtraind”, zegt een ander. „Net als Job Cohen bij de Kamerverkiezingen van 2010.”

Wat uiteindelijk restte: een aangeschoten, onzekere lijsttrekker

Wat ze niet kunnen bevatten: waar is toch die zelfverzekerde Pieter gebleven, de soepele spreker? Hun leider hakkelt en komt met steeds ingewikkelder berekeningen in de debatten.

„Ik probeer het de hele tijd eruit te krijgen”, foetert een van zijn adviseurs. Wie van zijn team zegt dan dat Hilhorst moet goochelen met getallen? „Niemand! Hij wil het zelf. Om te laten zien hoe goed hij met cijfers is. En dan gebruikt hij in een debat woorden als ‘achtmaands rapportage’. Dodelijk!”

Donderdag 13 maart, nog geen week voor de verkiezingen, vergadert de gemeenteraad voor de laatste keer in zijn oude samenstelling. Hilhorst wordt uren gefolterd over de financiering van een derde universiteit in Amsterdam. Het CDA: „Een stad die 5,5 miljard euro omzet, zou financieel moeten worden bestuurd door een vakwethouder.” Hilhorst buigt het hoofd. Collega-wethouder Gehrels moet hem redden.

Tien zetels hield de PvdA woensdag over van de vijftien. Hilhorst slaapt er een heel korte nacht over en laat de volgende ochtend weten dat hij opstapt. „Ik ben de politiek ingestapt om het verschil te maken. Nu moet ik toegeven dat ik niet meer degene ben die kan helpen het verschil te maken. Ik zit eerder in de weg.”