Geen ‘boe’ maar ‘bravo’ voor Gergjev in Rotterdam

Geen protesterende Oekraïners, alleen een wat late dirigent (normaal) in eenbomvolle Rotterdamse Doelen (heel bijzonder). De komst van dirigent Valery Gergjev leidde gisteravond slechts tot muzikale opwinding – tot opluchting van musici en directie.

Al langer is Gergjev een pleitbezorger van componist Henri Dutilleux (1916-2013). In diens vioolconcert L’arbre des songes (de dromenboom) was Benjamin Schmid de uitstekende, met open oor mengende ‘solist’, al biedt zijn virtuoze partij niet zozeer een glansrol als wel een hoofdlijn in het kleurrijk geïnstrumenteerde weefsel.

Gergjev, die vanavond zijn 5000ste concert dirigeert, toonde zijn andere kant: niet de duivelskunstenaar in opwinding, maar de ordenaar van lijnen. Mooi om te zien hoe maatwisselingen met subtiele schouderwenken een extra ruggensteuntje kregen.

Het publiek leek vooral uitgerukt voor Berlioz’ Symphonie fantastique, dat met zijn rijke bezetting, macabere gang naar het schavot en heksensabbat een ideaal vehikel is voor Gergjevs acceleratievermogen. Weinigen kunnen zo op de tel schakelen naar meer en minder extase. Het orkest reageerde maximaal energiek en vlammend op Gergjevs onveranderd mefistofelische mimiek en krijtjeskorte baton. Het bracht orkest en dirigent een luide en lange brulovatie. Rotterdam koestert zijn oude chef. De Krim en Poetin leken ver weg.