Column

Een rode lijn

In De Wereld Draait Door vertelde Sywert van Lienden gisteravond weer eens het sprookje van prins Pim. Dat is het sprookje van de o zo verdraagzame prins die het land wakker kuste uit zijn multiculturele droom. Van Lienden had er een toepasselijk filmfragment bij uitgezocht.

Maar omdat Fortuyn een nogal hybride figuur was, kan er ook gemakkelijk een filmpje met tegengestelde strekking worden gevonden. Dat gebeurt alleen weinig omdat het sprookje van Pim zo’n sprookjesachtige betovering heeft, ook al is het einde ellendig. Toch moet ik het nu maar weer even wreed verstoren met zo’n andersoortig fragment.

In 2002 moest Fortuyn zich verweren tegenover het bestuur van Leefbaar Nederland, dat vond dat hij in een interview te ver was gegaan. Hij schreeuwde toen: „Het is vijf voor twaalf, niet in Nederland, maar in Europa. En wilt u dat? Ik sta voor dit land dat in vijf, zes eeuwen is opgebouwd. We hebben godverdomme gewoon hier een vijfde colonne, laat ik nu maar alles zeggen, die het land naar de verdommenis wil brengen.” Waarna hij uithaalde naar rovende Marokkaanse en Turkse jongens.

De vijfde colonne – daar hebben we vroeger in Nederland de NSB en de hier wonende Duitsers mee aangeduid. Theo van Gogh, bevriend met Fortuyn, schermde er ook steeds mee; hij noemde Job Cohen ‘vooral een NSB’er van nature’ die het steeds opnam voor ‘de vijfde colonne van de geitenneukers’.

Ik haal deze oude citaten uit de sloot van de vergetelheid, omdat ik me nogal verbaas over de plotselinge verontwaardiging over de laatste faux pas van Wilders. Van Fortuyn naar Wilders loopt een rode lijn van voortdurende stigmatisering van hele bevolkingsgroepen. Te veel invloedrijke mensen hebben op die lijn meegehuppeld, niet zozeer uit overtuiging als wel uit opportunisme en lafheid. Nu komt zelfs onze premier achteraf tot de ontdekking dat de smaak in zijn mond vies is geweest. Waarom niet eerder zijn tanden gepoetst?

Waar waren al die critici toen Wilders de grenzen opzocht waar hij nu overheen is gestapt? Pechtold heeft er al terecht op gewezen dat PvdA, CDA en VVD, als het om Wilders gaat, zeven jaar niets hebben gedaan. Alleen al om die reden is het succes van D66 hem gegund.

Er zijn de afgelopen jaren ook heel wat vertegenwoordigers van de intelligentsia geweest, die het lelijk hebben laten afweten. Velen hielden zich afzijdig, en na elke misstap van Wilders was er wel een of andere hoogleraar te vinden, die op de opiniepagina’s wilde uitleggen dat het allemaal reuze meeviel en dat Geert de problemen dan toch maar mooi ‘benoemde’.

Zo raasde Wilders al op 17 september 2008 in de Tweede Kamer: „Wij raken Nederland kwijt, kwijt aan de massa-immigratie, kwijt aan een instroom die niet meer te controleren valt, kwijt aan een cultuur van achterlijkheid en geweld, kwijt aan het Marokkaanse tuig (…)”. Er was een ‘islamitische intifada’ gaande en het leger moest onze steden en dorpen ‘opruimen en schoner maken’. Ja, toen al wilde Wilders het graag even voor ons ‘regelen’.

Het was ondubbelzinnige, rechts-extremistische taal, maar wie daarop wees was ‘politiek correct’. Later gingen VVD en CDA welgemoed in zee met de haatzaaier uit Venlo. Tijdens een verkiezingscampagne verklaarde Rutte doodgemoedereerd dat de VVD dichter bij de PVV stond dan bij de PvdA. Rutte kwam ermee aan de macht.