Column

Op weg naar de beurskrach van 2015?

Bevinden we onszelf wederom in een zeepbel? Naslagwerken genoeg over dit onderwerp. In de steeds legendarischer bibliotheek van Schinkel en Tamminga staan onder het thema ‘speculatie’ vier standaardwerken. Op volgorde van anciënniteit van de auteurs zijn het A Short History of Financial Euphoria van John Kenneth Galbraith, Manias, Panics and Crashes: A History of Financial Crises van Charles Kindleberger, Irrational Exuberance van Robert Shiller en Devil Take the Hindmost van Edward Chancellor.

Dat laatste boek, eerste druk in 2000, is wellicht het minst bekende, maar het is wel het best geschreven. En evenals dat van Shiller, uitstekend getimed ten tijde van de dotcom-bel.

Robert Shiller zelf stelde hier vorig jaar in een vraaggesprek, net nadat hij de Nobelprijs won, dat hij een zeepbel zag in de Amerikaanse grondprijzen. Edward Chancellor gaat veel verder. Deze week was hij in Amsterdam bij een presentatie van vermogensbeheerder GMO (beheerd vermogen 112 miljard dollar) waaraan hij verbonden is. Hij gaf een best overtuigend relaas van de huidige belvorming op de financiële markten. Trefwoorden: veel krediet, overdreven groeiverhalen en zeer hoge waarderingen van, eh, eigenlijk álles.

Anekdotisch: de aandelen van 150 Amerikaanse bedrijven met een winstgroei van minder dan 2 procent gingen vorig jaar met 88 procent omhoog. Bedrijven die naar de beurs gaan, springen de eerste dag 20 procent omhoog, tegen normaal 10 procent. Bedrijfsobligaties met een lage kredietwaardigheid maken nu meer dan 50 procent van de markt uit. En Cannabest, een beursgenoteerd bedrijf in medicinale wiet, is zodanig gestegen dat het nu door beleggers wordt verhandeld tegen een koers van 1000 maal zijn omzet. Waarop Chancellor zich afvroeg wat ze in godsnaam hebben gerookt.

Ervan uitgaan dat de huidige hoge aandelenkoersen zich telkens vanzelf geleidelijk corrigeren door terug te keren naar gemiddelde waarden is riskant – „als het spelen van haasje-over met een eenhoorn”.

Je zou als je dit allemaal hoort dus zeggen dat het wel fout moet gaan. In een variant op Mark Twain zei Chancellor dat de geschiedenis zichzelf nooit letterlijk herhaalt, misschien ook niet rijmt, maar zichzelf wel retweet. Maar wanneer?

Nog niet, als je GMO-oprichter Jeremy Grantham moet geloven. Hij stelde dat de overwaardering al groot is, maar nog niet groot genoeg. Zowel Tobin’s Q – die de beurswaarde van bedrijven vergelijkt met hun intrinsieke waarde – als Robert Shillers koers-winstverhouding voor de lange termijn moeten nog verder omhoog. Een Standard & Poor-500 index van 2.350 punten zou het signaal zijn voor de zeepbel om uiteen te spatten, en die index staat nog maar op 1.860. Grantham vestigde de aandacht op een bijzonder fenomeen: aandelen doen het in elk derde presidentiële jaar (van oktober tot oktober) het allerbest, met een gemiddelde koersstijging van 23,6 procent. En dat derde jaar van Obama breekt pas komende oktober aan. Pas in mei 2015, of oktober 2015, kan het zo ver zijn.

Eerst spelen zich de gebruikelijke taferelen af: méér bedrijven naar de beurs, in meer verschillende sectoren. Professionele beleggers die, gedwongen om mee te blijven doen, van riskante aandelen overstappen naar ‘veilige’ grote ondernemingen en dáár de koersen van opdrijven. En het grote publiek dat zich, altijd te laat, op de beurzen stort.

Koffiedik? Zeker. Maar geheel ongeloofwaardig klinkt het niet. Zeker niet sinds gisteravond Fed-topvrouw Janet Yellen liet doorschemeren dat de eerste renteverhoging in de VS in 2015 zal plaatsvinden. In mei, of in het najaar.